Afronding eurocent

Wanneer u bij de kassa met contant geld afrekent, mag de winkelier het bedrag afronden op een veelvoud van 5 eurocent. De winkelier moet wel duidelijk aangeven met een sticker op de pui en bij de kassa dat er wordt afgerond. Deze maatregel vergroot het betaalgemak en dringt de kosten van ons betalingsverkeer terug. Het afronden geldt niet voor betalingen met pinpas of chipknip.

Munten van 1 en 2 eurocent niet afgeschaft

De munten van 1 en 2 eurocent worden niet afgeschaft, u kunt er gewoon mee blijven betalen. Maar omdat er steeds minder vraag naar de 1 en 2 eurocent zal zijn, komen er op den duur minder eurocenten in omloop. Behalve Finland is Nederland het enige euroland dat afrondt. In Finland is afronden wettelijk verplicht. In Nederland mag een winkelier zelf bepalen of hij afrondt.

Afronden leidt niet tot hogere prijzen

Afronden gebeurt over het totaalbedrag dat contant wordt afgerekend. Als het eindbedrag op 1 of 2 cent uitkomt, wordt het naar beneden afgerond. Als het eindbedrag op 3 of 4 eindigt, wordt het naar boven afgerond. Hetzelfde geldt voor eindbedragen die eindigen op 6 of 7 cent (afronden naar beneden) of op 8 of 9 cent (afronden naar boven). Uit onderzoek blijkt dat er evenveel kans is dat een bedrag naar beneden of naar boven wordt afgerond. Afronden leidt dus niet tot hogere prijzen.

Maatschappelijk Overleg Betalingsverkeer

Initiatiefnemer van deze maatregel is het Maatschappelijk Overleg Betalingsverkeer (MOB). In het MOB zitten behalve banken en de detailhandel ook maatschappelijke organisaties als de Consumentenbond, de ouderenbonden en de Chronisch zieken en Gehandicaptenraad. De Nederlandsche Bank (DNB) is voorzitter van dit overleg-orgaan.