Europees betalen: SEPA

Het MOB heeft het Nationaal Forum SEPA-migratie opgericht om de overgang naar Europese standaarden in het betalingsverkeer strak te organiseren en een soepele en tijdige overgang van Nederland te bevorderen.

MOB richt Nationaal Forum SEPA-migratie (NFS) op

De Single Euro Payments Area (SEPA) komt dichterbij. Europese wetgeving gaat Europese standaarden verplicht stellen voor overschrijvingen en incasso’s in euro’s. Verwachting is dat we vanaf 1 februari  2014 alleen nog geld kunnen overmaken met Europese overschrijvingen en incasso´s met gebruik van het International Bank Account Number (IBAN). Uit de 4e SEPA-migratiemonitor blijkt dat nog relatief weinig bedrijven met SEPA bezig zijn. Uit onderzoek naar betaalgedrag blijkt dat ook Nederlandse consumenten nog niet zo met SEPA bekend zijn.   

Waarom het NFS?
Het NFS is opgericht om de overgang naar SEPA strak te organiseren met commitment van betrokken partijen. Dat is niet alleen noodzakelijk omdat die overgang verplicht wordt, maar ook omdat een soepele overgang – gelet op grote onderlinge afhankelijkheden – goede samenwerking en afstemming vereist. Meer dan tot nu in MOB en de eerder opgerichte Afstemgroep SEPA Nederland (ASN), ligt de nadruk op het maken van afspraken over hoe Nederland overgaat naar Europees betalingsverkeer.

Wat doet het NFS?
Aanbieders en gebruikers van betalingsverkeer wisselen in het NFS informatie uit, inventariseren keuzemogelijkheden en maken afspraken over de migratie van de Nederlandse betaalmarkt. Het Forum richt zich vooral op sectoroverschrijdende zaken. Het Forum heeft een nieuw migratieplan vastgesteld voor de overstap van de Nederlandse naar de Europese girale betaalproducten. Het oude dateert van juni 2009 en gaat nog uit van een vrijblijvende marktgedreven overgang zonder einddata. 

Hoe werkt het NFS?
Het Forum overlegt tweemaal per jaar op bestuurlijk niveau, in beginsel aansluitend op de vergaderingen van het MOB. Minstens viermaal per jaar wordt overlegd op technisch niveau in de Task Force SEPA-Migratie Nederland (TFSN), waarin de ASN is opgegaan. Het Forum heeft een Programmabureau ingericht voor de uitvoering van de afgesproken sectoroverstijgende activiteiten, onder meer op het gebied van: communicatie, planning, monitoring voortgang, testactiviteiten en het signaleren van en bijdragen aan oplossing maatschappelijke migratieproblemen.

Samenstelling NFS
Op bestuursniveau zitten in dit Forum vertegenwoordigers van: banken (NVB), bedrijven (MKB-Nederland, VNO-NCW, VNPI, Koninklijke Horeca Nederland, Detailhandel Nederland, Nederlandse Thuiswinkel Organisatie en Verbond van Verzekeraars) en consumenten (Viziris, Consumentenbond, CSO en ANBO). Daarnaast nemen vertegenwoordigers deel van de gemeenten (VNG), accountants (NBA) en IT-bedrijven (ICT-office). Waarnemers zijn de Ministeries van Financiën en van Economische Zaken, L & I, Currence (eigenaar Nederlandse betaalproducten) en Equens (verwerker van betalingsverkeer). Frank Elderson, directeur Interne Zaken en Betalingsverkeer DNB, zit het NFS op bestuursniveau voor. Coen Voormeulen, Divisiedirecteur Betalingsverkeer DNB, is voorzitter van de TFSN. DNB verzorgt ook het secretariaat en het Programmabureau. 

Nederlandse bedrijven nog lang niet klaar voor SEPA

Uit de 4e meting van DNB van de status van de SEPA-migratie bij bedrijven en overheden blijkt dat Nederland nog lang niet klaar is. Het grootbedrijf en publieke instellingen zijn bekend met SEPA en een groot deel bereidt zich voor. Een concrete overgangsdatum ontbreekt echter veelal. Van het midden- en kleinbedrijf is minder dan 20% bekend met SEPA, bij het middelgrootbedrijf is dat iets meer dan 60%. De meeste bedrijven zijn nog niet met de voorbereiding gestart. 
Meer dan de helft van de softwareleveranciers heeft de pakketten nog niet aangepast aan de Europese standaarden. Vergeleken met de vorige meting, zijn echter veel meer leveranciers met de voorbereidingen gestart. Er is nog altijd een grote behoefte aan informatie.

Consumenten nog niet zo bekend met SEPA

Ook consumenten zijn nog niet zo bekend met SEPA, zo blijkt uit het 5e onderzoek van DNB naar de beleving van grensoverschrijdend betalen. 35% geeft aan bekend te zijn met SEPA. De meeste staan er neutraal (54%) of positief (27%) tegenover. Van de ondervraagde Nederlanders weet iets meer dan 44% de eigen IBAN en 30% de IBAN van de tegenpartij te vinden. Positief punt is dat de Nederlanders aangeven vaker te (kunnen) pinnen in het buitenland en hierover nog weer meer tevreden te zijn dan bij de vorige meting. SEPA moet ook gaan inhouden dat met de nationale pas even gemakkelijk in binnen- en buitenland kan worden afgerekend.