Uitzettingen van de Nederlandse financiële sector op het eurogebied gedaald

Statistisch Nieuwsbericht
Datum 10 april 2012

In het vierde kwartaal van 2011 is de marktwaarde van de buitenlandse uitzettingen van de Nederlandse financiële sector op het eurogebied met 4% gedaald. Daarbij zijn met name uitzettingen op Frankrijk (-16%), Italië (-9%) en België (-4%) afgenomen, hoofdzakelijk ten gunste van de uitzettingen op Duitsland (+3%) en de Verenigde Staten (+2%).

De Europese schuldencrisis alsook de discussie rondom de triple-A status van Frankrijk eind 2011 hebben ertoe geleid dat de Nederlandse financiële sector de uitzettingen op verschillende eurolanden heeft verlaagd of dat de uitzettingen in waarde zijn gedaald. In totaal zijn de buitenlandse uitzettingen van de Nederlandse financiële sector op de overige eurolanden in het vierde kwartaal van 2011 met EUR 28 miljard gedaald. Bij de Nederlandse verzekeraars en pensioenfondsen is grotendeels sprake van een verschuiving van de uitzettingen, terwijl Nederlandse banken hun uitzettingen op vrijwel alle landen binnen –maar ook buiten– het eurogebied hebben teruggebracht (zie tabel).

Uitzettingen van de Nederlandse financiele sector op de geselecteerde landen

De uitzettingen op Frankrijk zijn in absolute termen met EUR 26 miljard het sterkst gedaald in het vierde kwartaal van 2011. Dit geldt zowel voor Nederlandse banken (EUR -14,5 miljard) als de verzekeraars (EUR -6 miljard) en de pensioenfondsen (EUR -5,5 miljard). Het betreft hier hoofdzakelijk een afnemend bezit van Franse overheidsobligaties bij alle Nederlandse financiële instellingen. Vooral door forse verkopen, maar ook als gevolg van koersdalingen door de stijging van de rentes. Daarnaast zijn ook de uitzettingen van Nederlandse banken op Franse banken verminderd. Een soortgelijke maar minder sterke ontwikkeling is zichtbaar voor Italië en België, waar in beide landen de totale uitzettingen op de overheid met EUR 4 miljard daalden en die op de bancaire sector met EUR 1 miljard zijn gedaald. 

Voorts zijn de uitzettingen op de Griekse en Ierse overheid gedaald ten opzichte van een kwartaal eerder. De uitzettingen op de Spaanse overheid zijn licht toegenomen, hetgeen volledig voor rekening komt van de Nederlandse banken.
Tegenover de afgenomen uitzettingen op Frankrijk, België, Griekenland, Ierland en Italië staan enkele noemenswaardige toenames in de uitzettingen op Nederland, Duitsland en de Verenigde Staten. In het vierde kwartaal van 2011 hebben de Nederlandse verzekeraars en pensioenfondsen het bezit van Nederlandse en Duitse overheidsobligaties verder uitgebreid terwijl tegelijkertijd het Amerikaanse aandelenbezit steeg door koerswinsten. Nederlandse banken hebben daarentegen de uitzettingen op Nederland, Duitsland en de Verenigde Staten teruggedrongen, evenals op vrijwel alle andere landen.

Uitzettingen van de Nederlandse financiele sector

Wanneer de uitzettingen op het eurogebied worden uitgesplitst naar tegenpartij valt op te merken dat zich ook hier een verschuiving heeft voorgedaan. De uitzettingen op buitenlandse banken en overheden in het eurogebied zijn met respectievelijk EUR 20 miljard en EUR 14 miljard gedaald in het vierde kwartaal van 2011, tegenover een stijging op de private sector van EUR 7 miljard. Deze verschuiving is met name voor Nederlandse banken en tot op zekere hoogte ook voor verzekeraars en pensioenfondsen zichtbaar. Het gewicht van de uitzettingen op de private sector is hierdoor gestegen. Ultimo 2011 heeft de Nederlandse financiële sector 43% van de buitenlandse uitzettingen op het eurogebied uitstaan bij de private sector, tegenover 40% een kwartaal ervoor.