Verouderde browser

U gebruikt een verouderde browser. DNB.nl werkt het beste met:

16 september 2021 Algemeen
Maarten Gelderman

Maarten Gelderman, divisiedirecteur Toezicht beleid, blogt over de samenwerking in het Europese toezicht.

Maarten Gelderman

Maarten Gelderman

Divisiedirecteur

Toezicht beleid

Laten we er geen doekjes om winden. Tot 2014 was het toezicht op banken in de eurozone een grote kakofonie. CEBS (het Committee of European Banking Supervisors) en zijn opvolger de Europese Banken Autoriteit (EBA) probeerden een coördinerende rol te spelen, maar in de praktijk verschilde het toezicht tussen nationale toezichthouders enorm. Dankzij Europese richtlijnen waren de regels goed vergelijkbaar, maar als je een groep musici allemaal de partituur van de negende van Beethoven geeft maar er geen dirigent voor zet, hoor je al snel dat dezelfde noten heel verschillend gespeeld kunnen worden. De ode An die Freude is dan wel het Europees volkslied, maar wordt op die manier onverstaanbaar door de nationale accenten.

Dirigent

Met de oprichting van het Single Supervisory Mechanism werd de ECB in 2014 verantwoordelijk voor het bankentoezicht in de eurozone. En dat was hard nodig. Banken rapporteerden weliswaar hetzelfde soort cijfers over hun financiële gezondheid, maar het vertrouwen in die cijfers was aangetast. Marktpartijen hadden de indruk dat in sommige landen het verstoppen van slechte leningen en het met modellen wegpoetsen van risico’s wel erg gemakkelijk was. Het orkest had niet alleen geen dirigent, maar het leek er ook akelig veel op dat niet alle instrumenten gelijk gestemd waren.

De ECB heeft er de afgelopen jaren voor gezorgd dat de instrumenten gestemd werden, bijvoorbeeld met grote onderzoeken naar slechte leningen en naar de kwaliteit van interne modellen. Bij het toezicht op de grotere banken, vanaf een omvang van 30 miljard euro, speelt de ECB ook de rol van dirigent. De toezichthouders uit de verschillende landen werken nog steeds bij de nationale toezichthouder, maar voor iedere grote bank is er een kamerorkest opgericht, het Joint Supervisory Team. Zo’n  team wordt geleid door een ECB-medewerker die niet afkomstig is uit het land waar de bank gevestigd is.

Gastoptredens

Gastoptredens kent het SSM ook. Bij alle banken worden zogenaamde on-site inspecties uitgevoerd. Diepgaande boekenonderzoeken die enkele maanden in beslag kunnen nemen. Het team, een gelegenheidsensemble, dat zo’n inspectie doet, bestaat in toenemende mate uit toezichthouders uit verschillende landen. Een Nederlander kan dus optreden bij de inspectie van een Duitse bank, terwijl tegelijkertijd een Duitser in Nederland een boekenonderzoek uitvoert.

Alleen het toezicht op de kleinere banken is nog grotendeels nationaal. De ECB heeft de partituur wel voorzien van extra uitleg in de vorm van een toezichthandboek. Bij belangrijke optredens moeten we de ECB vooraf raadplegen of informeren, de ECB luistert ook af en toe mee en als de muziek echt niet klinkt, kan Frankfurt het toezicht overnemen. Dat laatste is overigens vooral een stok achter de deur, en zorgt dat nationale toezichthouders een prikkel hebben om niet vals te spelen.

Het aantal toezichthouders is met de komst van de ECB niet afgenomen. Met een goede dirigent kan je niet opeens met een kleiner orkest spelen. In de praktijk van het bankentoezicht is het zelfs nog ietsje erger. De gastoptredens kosten extra inspanning en het gelijkgestemd krijgen van alle betrokken Europese culturen kost extra capaciteit. De muziek klinkt aan het eind van de dag wel beter.

Soleren of samen spelen?

Op andere toezichtterreinen horen we soms wanklanken, maar kennen we ook mooie solopartijen. Het toezicht op pensioenfondsen is nog zo specifiek Nederlands dat we er vrij vrolijk op los kunnen soleren. Waar landsgrenzen vervagen, wordt het risico op dissonanten groter. Op dit moment speelt dat bij het toezicht op het tegengaan van witwassen en terrorismefinanciering. Daar heeft het ene EU-land een volwaardig orkest klaarstaan, terwijl je in andere landen blij mag zijn met een strijkkwartet. Toch willen we voorkomen dat boeven hun duistere zaken doen via banken en betaalinstellingen in landen waar de antiwitwasregels het minst serieus worden genomen. Daarom zal een nieuwe Europese Antiwitwasautoriteit in 2024 het dirigeerstokje in de hand nemen.

Bij de oprichting van het SSM en de nieuwe Antiwitwasautoriteit is het belangrijkste doel mooiere muziek te maken. Om politiek draagvlak te creëren, mag iedereen wel meespelen. Dat is niet per se ideaal. Het is nog spannend of dat in de toekomst zo zal blijven of dat nationale toezichthouders moeten accepteren dat ze over sommige instellingen of risico’s niets meer te zeggen hebben, ook niet wanneer de activiteiten in hun eigen land plaats vinden. Dan is de vraag of we lid willen zijn van een orkest, waar de Nederlanders alleen mee mogen spelen als er Brahms gespeeld wordt en niet bij Beethoven. Of nog drastischer, alleen tweede viool mogen spelen. Die moeilijke vraag speelt nu nog niet. Als we toezicht Europabreed niet alleen effectiever, maar ook efficiënter willen maken, ligt ook deze partituur in een toekomstig concert ongetwijfeld op de bok.