Reikwijdte vergunningplicht betaaldiensten

Nieuwsbericht
Datum 28 februari 2019

DNB verschaft duidelijkheid over de reikwijdte van de vergunningplicht voor ondernemingen die betaaldiensten als nevendienst verrichten.

DNB gevel

De nieuwe PSD2-wetgeving verplicht handelsplatformen die zorgdragen voor de afwikkeling van betalingstransacties tussen kopers en verkopers op hun platformen in beginsel te beschikken over een PSD2-vergunning.

Reikwijdte

Om te voorkomen dat activiteiten (zoals het tijdelijk beheer van geldmiddelen ten behoeve van derden) vergunningplichtig worden, verschaft DNB duidelijkheid over de reikwijdte van deze verplichting onder de PSD2-wetgeving. DNB heeft besloten om met betrekking tot de reikwijdte van de term ‘betaaldienstverlener’ de volgende beleidslijn te hanteren:

Van “het bedrijf maken van het verlenen van betaaldiensten” is uitsluitend aan de orde wanneer sprake is van voor rekening van een betaler of begunstigde verleende betaaldiensten als een zelfstandig identificeerbare activiteit. Dat wil zeggen: een op zichzelf staande activiteit, niet onlosmakelijk verbonden met een andere, niet met het verrichten van betaaldiensten verband houdende, activiteit.

Geen betaaldienstverlener

Van het bedrijfsmatig aanbieden van betaaldiensten als een zelfstandig identificeerbare activiteit is in ieder geval geen sprake in de volgende gevallen:

  • Notarissen: notarissen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, aanhef en onderdeel a, van de Wet op het notarisambt, voor zover zij de geldmiddelen aanhouden op een rekening als bedoeld in artikel 25 van de Wet op het notarisambt
  • Gerechtsdeurwaarders: gerechtsdeurwaarders als bedoeld in artikel 1, aanhef en onderdeel d, van de gerechtsdeurwaarderswet, voor zover zij geldmiddelen aanhouden op een rekening als bedoeld in artikel 19 van de gerechtsdeurwaarderswet
  • Advocaten: stichtingen derdengelden die als enige activiteit hebben het tijdelijk beheer van geldmiddelen ten behoeve van rechthebbenden en uitsluitend werkzaam zijn voor advocaten die niet zelf gerechtigd zijn tot de geldmiddelen, hetgeen uit een schriftelijke overeenkomst tussen de desbetreffende stichtingen en de betrokken advocaten blijkt
  • Bepaalde crowdfundingplatformen: crowdfundingplatformen voor zover zij tijdelijk het beheer hebben van geldmiddelen van degenen aan wie door tussenkomst van de platformen leningen worden verstrekt of van degenen die via de platformen geldmiddelen aanbieden of hebben verstrekt en dat beheer niet op zichzelf staande activiteiten betreft
  • Fiscaal vertegenwoordigers: fiscaal vertegenwoordigers aan wie een algemene vergunning of een beperkte vergunning is verleend als bedoeld in artikel 24c, vierde en vijfde lid van het Uitvoeringsbesluit omzetbelasting 1968, voor zover zij in hun hoedanigheid van fiscaal agent geldmiddelen aanhouden. Deze lijst is niet beoogd limitatief te zijn. 

Meer informatie

De Q&A over de beleidslijn en de toelichting hierop is te lezen op Open Boek Toezicht.

> Terug naar de Nieuwsbrief