Uitkomsten onderzoek beheersing valutarisico

Nieuwsbericht
Datum 30 mei 2017

DNB heeft bij 10 grote en middelgrote pensioenfondsen onderzoek gedaan naar de beheersing van valutarisico. Hieruit blijkt dat de beheersing van het risico van wisselend niveau is. Daarom geeft DNB guidance.

Gemiddeld heeft ongeveer 50% van de beleggingen van pensioenfondsen een notering in een andere valuta dan de euro, hoewel dit aandeel aanzienlijk varieert van fonds tot fonds. Hierdoor lopen pensioenfondsen een aanzienlijk risico door koersschommelingen van de verschillende valuta. Een groot aantal pensioenfondsen heeft besloten om middels FX forwards het eigen vermogen minder gevoelig te maken voor schommelingen van enkele grote valuta’s.   

In het onderzoek heeft DNB gekeken naar de onderbouwing en vastlegging van beleid, het mandaat aan de vermogensbeheerder, de rapportages die gebruikt worden voor de monitoring en de evaluatie van beleid en uitvoering.  

Aandachtspunten
Uit het onderzoek blijkt dat de kwaliteit van de beheersing van wisselend niveau is, net als de mate waarin het onderwerp aandacht heeft. Om pensioenfondsen te helpen de beheersing van het valutarisico te verbeteren, heeft DNB guidance gemaakt waarin per onderwerp belangrijke vragen staan die een fonds zich zou moeten stellen. U kunt de guidance hieronder downloaden. Hieronder volgen de belangrijkste aandachtspunten uit het onderzoek per deelgebied in de beleggingscyclus.  

Beleid
Veel fondsen vergeten bij beheersing van het valutarisico om eerst vast te stellen wat de blootstelling naar een valuta is en hoe dat te meten. Een ander aandachtspunt is dat de onderbouwing van het gekozen valutarisicohedgebeleid vaak beperkt is. Hierbij worden onderwerpen als de hoogte van de hedge ratio’s, de impact op risicoprofiel, de kosten en liquiditeitsimplicaties, overgeslagen of niet gekwantificeerd. Gezien de significante volumes aan afdekkingsinstrumenten die gekocht worden, is een uitgebreidere onderbouwing wenselijk.  

Mandaat vermogensbeheerder
Bij diverse fondsen trof DNB mandaten voor valutahedging aan waarin niet alle relevante onderdelen opgenomen. Zo ontbreekt vaak een precieze aanduiding van wensen en grenzen omtrent de te gebruiken producten, looptijden, spreiding van doorrolmomenten, tegenpartijen en onderpandafspraken en een afspraak hoe de vermogensbeheerder de benodigde liquiditeit genereert.  

Monitoring   
Bij de meeste fondsen zijn de basis rapportageonderdelen, zoals een uitsplitsing van de beleggingsportefeuille naar valuta, aanwezig. Soms ontbreekt echter een weergave waarbij in één oogopslag duidelijk is dat de feitelijke positie past binnen de strategie. Ook ontbreekt regelmatig een weergave van de performance (versus de strategische norm) wanneer tactische posities zijn toegestaan.  

Evaluatie
Diverse fondsen maken geen onderscheid tussen monitoring en evaluatie. Voor DNB vallen onder monitoring de activiteiten die een fonds doet om vast te stellen dat het beleid gevolgd wordt en het mandaat correct wordt uitgevoerd. De frequentie van monitoringactiviteiten is hoog en worden herhaald bij elke transactie, grote marktbeweging of beleggingscommissievergadering. Evaluatie vindt minder vaak plaats dan monitoring (jaarlijks of lager). Daarbij worden het beleid, het mandaat en de uitvoerder beoordeeld. Bij veel fondsen die wel evalueren heeft de uitvoerder vaak een grote rol in de evaluatie van beleid. Hierdoor ontbreekt in de evaluatie vaak het deel waarbij de uitvoerder wordt beoordeeld.

> Terug naar de Nieuwsbrief