Persbericht: DNB onderschrijft advies commissie parameters over aanpassing UFR-methode volledig

Persbericht
Datum 11 juni 2019

Vandaag is het advies van de commissie parameters door het kabinet naar de Tweede Kamer gestuurd. Onderdeel van dit advies is het vaststellen van de parameters van de zogeheten Ultimate Forward Rate (UFR) methode. Samen met de swaprentes vormt de UFR-methode de zogeheten rentermijnstructuur. DNB heeft de wettelijke taak om te bepalen met welke rentermijnstructuur en dus met welke UFR-methode pensioenfondsen moeten rekenen om de waarde van hun toekomstige verplichtingen te bepalen.

DNB onderschrijft het advies van de commissie over de aanpassing van de UFR-methode volledig en spreekt haar waardering uit voor de gevolgde werkwijze en de heldere onderbouwing van de commissie. De voorgestelde aanpassingen brengen de financiële positie van pensioenfondsen meer in lijn met de financieel economische realiteit.

DNB heeft besloten het UFR-advies te implementeren, maar zal dit niet eerder doen dan op 1 januari 2021. De aanleiding hiervoor is de samenloop van het UFR-besluit met de lopende hervorming van de rentebenchmark, waarop de rentetermijnstructuur is gebaseerd. DNB verwacht dat gedurende 2020 voldoende duidelijk wordt of er aanleiding is om de huidige rentebenchmark te herzien. Door het besluit hierover te combineren met het besluit over de UFR-methode, wordt voorkomen dat de rentetermijnstructuur twee keer in een korte periode wordt gewijzigd.

Tot 1 januari 2021 wordt de rentetermijnstructuur die pensioenfondsen gebruiken voor het waarderen van hun toekomstige verplichtingen gebaseerd op de 6-maands EURIBOR swaprente en de UFR-methode zoals DNB deze thans voorschrijft.