DNB wil dat banken meer kapitaal aanhouden voor hypothecaire leningen

Persbericht
Datum 15 oktober 2019

Om de weerbaarheid van banken te vergroten, is DNB voornemens een ondergrens op te leggen aan de risicoweging van hypothecaire leningenportefeuilles. Nederlandse banken moeten hierdoor gezamenlijk circa EUR 3 miljard meer kapitaal aanhouden voor hun hypothecaire leningenportefeuilles. Door deze maatregel zijn banken beter in staat de gevolgen van een eventuele huizenprijscorrectie op te vangen. De Nederlandsche Bank publiceert deze voorgenomen maatregel en licht hem toe in het Overzicht Financiële Stabiliteit van De Nederlandsche Bank, dat vandaag zal worden uitgebracht.

Banken moeten meer kapitaal aanhouden voor hypothecaire leningenportefeuilles

Vanwege lage verliezen in het verleden schatten banken de risico’s van hun hypothecaire leningen laag in. De risicoweging voor Nederlandse hypothecaire leningen behoort momenteel tot de laagste van de EU. DNB acht deze risicoweging vanuit macroprudentieel oogpunt onvoldoende, gelet op het toegenomen systeemrisico in de huizenmarkt. DNB wil daarom een ondergrens opleggen aan de risicoweging van hypothecaire leningenportefeuilles. De ondergrens is hoger naarmate de onderliggende hypothecaire leningen een hogere loan-to-value (LTV) ratio hebben. Hypothecaire leningen die geheel of gedeeltelijk zijn gedekt door Nationale Hypotheek Garantie (NHG) zijn uitgezonderd van de maatregel. Door deze maatregel neemt de gemiddelde risicoweging van hypothecaire leningen naar verwachting toe van 11 tot 14 à 15%. Volgens schattingen van DNB moeten banken die interne risicomodellen hanteren door deze maatregel gezamenlijk circa EUR 3 miljard meer kapitaal aanhouden. Hierdoor zijn banken beter in staat de gevolgen van een eventuele huizenprijscorrectie op te vangen. Met deze maatregel geeft DNB ook opvolging aan de aanbeveling van het Europees Comité voor Systeemrisico’s (ESRB), die op 23 september werd gepubliceerd. De maatregel heeft naar verwachting beperkt effect op de hypotheekrente. Huizenkopers zullen derhalve naar verwachting maar zeer beperkt worden geraakt door deze maatregel.

Na een publieke consultatie van de maatregel en consultatie van de Europese instellingen, zal de maatregel van DNB in het najaar van 2020 in werking treden, in beginsel voor een periode van twee jaar. De maatregel komt dus niet bovenop de nieuwe kapitaaleisen op basis van het Bazel 3.5-akkoord, die waarschijnlijk vanaf 2022 gefaseerd worden ingevoerd. Naar verwachting zullen de risicogewichten voor hypotheken als gevolg van het Bazel 3.5-akkoord een vergelijkbare beweging inzetten.

Systeemrisico op de huizenmarkt toegenomen

Het systeemrisico in de huizenmarkt is de afgelopen jaren toegenomen. Huizenprijzen stijgen al enige jaren fors: in de afgelopen drie jaar gemiddeld met bijna 8% per jaar. Dit kan voor een deel verklaard worden door een achterblijvend aanbod en een dalende rente, maar er zijn ook signalen van overwaardering. Huizenprijzen stegen de afgelopen jaren aanzienlijk sneller dan inkomens. Als gevolg hiervan liggen prijs/inkomen ratio’s in de grote steden inmiddels ruim hoger dan ten tijde van de vorige piek in de huizenmarkt. Ook neemt risicovoller leengedrag van kopers toe en blijft de hypotheekschuld hoog.

Huishoudens en banken kwetsbaar voor huizenprijscorrectie

Hoge schulden maken Nederlandse huishoudens kwetsbaar voor de gevolgen van een neerwaartse correctie op de huizenmarkt. Huishoudens met een huis dat onder water staat, consumeren minder, waardoor een eventuele huizenprijscorrectie met forse bestedingseffecten gepaard kan gaan. Een verdere verlaging van de loan-to-value-limiet, de maximale hoogte van de lening in verhouding tot de waarde van het huis, zou de negatieve economische effecten van een huizenprijscorrectie verkleinen. Ook banken kunnen worden geraakt door een huizenprijscorrectie. Stresstesten wijzen uit dat in een zwaar-weer scenario de verwachte verliezen van banken op hypotheken fors kunnen oplopen, als de kans op wanbetaling toeneemt door bijvoorbeeld een sterke stijging van de werkloosheid, en tegelijkertijd de waarde van het onderpand door de huizenprijscorrectie sterk daalt. Banken worden ook indirect geraakt door een huizenprijscorrectie, doordat de Nederlandse economie erg gevoelig is voor ontwikkelingen op de huizenmarkt. Tenslotte zijn Nederlandse banken nog steeds relatief afhankelijk van marktfinanciering, die in de crisis volledig opdroogde. Ook dit maakt Nederlandse banken kwetsbaar voor een huizenprijscorrectie.

Meer informatie

Voor nadere informatie kunt u contact opnemen met contact Bouke Bergsma (tel. 020 524 37 97 / 06 53 25 84 00).