Overschot op lopende rekening neemt toe

Statistisch Nieuwsbericht
Datum 26 maart 2018

Nederland realiseerde in 2017K4 een overschot van EUR 21 miljard op de lopende rekening, ofwel 11% van het bruto binnenlands product (bbp). Het overschot voor heel 2017 kwam daarmee uit op EUR 75 miljard (ruim 10% van het bbp), bijna 2 procentpunt hoger dan in 2016. Het handelsoverschot, het saldo op internationale handel in goederen en diensten, nam toe. Ook behaalden Nederlandse bedrijven hogere winsten bij hun buitenlandse dochters. Het netto extern vermogen, het saldo van Nederlandse activa en passiva ten opzichte van het buitenland, steeg in 2017 met EUR 35 miljard naar EUR 511 miljard (70% van het bbp).

Lopende rekening

Het handelsoverschot steeg in 2017 met ruim EUR 7 miljard (1% van bbp) ten opzichte van 2016. De nominale uitvoer van goederen en diensten nam procentueel net zo veel toe als de nominale invoer, met 9% ten opzichte van een jaar geleden. De volumes van de in- en uitvoer stegen beide met 6%. Meer dan een derde van de totale goederenuitvoer betreft wederuitvoer, goederen die Nederland importeert en vrijwel direct, na een beperkte economische behandeling, weer exporteert. Deze wederuitvoer steeg met 12% ten opzichte van 2016, maar ook de uitvoerwaarde van producten van Nederlandse makelij nam toe (7%). De productiebeperking van aardgas leidde vooral tot hogere invoer van aardgas. Het handelssaldo op aardgas daalde daardoor met EUR 2,4 miljard naar EUR 0,5 miljard in 2017.

Het saldo op de primaire inkomens steeg in 2017 met EUR 8 miljard (1% van bbp), maar bleef nog steeds licht negatief (EUR -2 miljard). De Nederlandse niet-financiële multinationals maakten EUR 12 miljard meer winst op hun buitenlandse deelnemingen. Ook de Nederlandse niet-financiële bedrijven die in buitenlandse handen zijn zagen hun winst toenemen, in totaal met EUR 4 miljard. Het netto inkomen op directe investeringen nam door deze internationale winsten met EUR 7 miljard toe. Daarnaast nam het saldo van rente-inkomsten op kapitaalmarktpapier met ruim EUR 1 miljard toe. Enerzijds waren de rente-inkomsten op buitenlands kapitaalmarktpapier lager dan vorig jaar, mede doordat de waarde van Nederlands bezit aan buitenlands overheidspapier afnam. Daar stond tegenover dat de rente-uitgaven op Nederlands kapitaalmarktpapier sterker afnamen, doordat het buitenlands bezit van Nederlands overheidspapier en bankenobligaties daalde.

Financieel verkeer en netto extern vermogen

Nederlandse niet-financiële bedrijven investeerden in 2017 per saldo voor EUR 20 miljard in het buitenland. Dat is relatief weinig ten opzichte van voorgaande jaren. Grote buitenlandse overnames bleven uit in 2017 en wereldwijde desinvesteringen van Shell drukten het totaalsaldo aan Nederlandse directe investeringen in het buitenland. Buitenlandse multinationals investeerden op grotere schaal in het niet-financiële Nederlandse bedrijfsleven, per saldo voor een bedrag van EUR 40 miljard. Het grootste deel van deze inkomende investeringen betrof intra-concernleningen. Ondanks berichten over mogelijke overnames van bijvoorbeeld Unilever en AkzoNobel, bleven daadwerkelijk grote buitenlandse overnames uit. De bijzondere financiële instellingen, in Nederland gevestigde financiële intermediairs die binnenkomende investeringen vaak direct weer herinvesteren in het buitenland, investeerden voor een relatief groot bedrag (ruim EUR 240 miljard) in het buitenland. Daar stonden inkomende leningen en deelnemingen vanuit buitenlandse moederbedrijven met een vergelijkbare omvang tegenover. Per saldo kwam daarmee in het directe investeringsverkeer EUR 17 miljard Nederland binnen.

Het saldo in het effectenverkeer was in 2017 met EUR 58 miljard relatief hoog. Vooral de afname (EUR 50 miljard) van het buitenlands bezit aan Nederlandse effecten droeg daaraan bij. Het buitenlands bezit van Nederlands staatspapier, dat in het kader van het opkoopprogramma van de ECB wordt opgekocht door DNB, nam in 2017 af met EUR 33 miljard. Daarnaast losten Nederlandse commerciële banken op grote schaal uitstaand kapitaalmarktpapier af, waarvan een groot deel in bezit was van buitenlandse beleggers. Per saldo kochten buitenlandse beleggers voor EUR 11 miljard Nederlandse aandelen aan, vooral van beursgenoteerde niet-financiële instellingen. Nederlandse beleggers voegden voor een relatief klein bedrag (EUR 9 miljard) aan buitenlandse effecten toe aan hun portfolio. Hun netto aankopen van buitenlands schuldpapier bedroegen EUR 15 miljard. De pensioenfondsen namen hier het grootste deel voor hun rekening, zij kochten veel Duits en Amerikaans kapitaalmarktpapier. Nederlandse beleggers deden echter per saldo buitenlandse aandelen van de hand (EUR 6 miljard). Nederlandse beleggingsinstellingen vormden hierop een uitzondering, zij kochten voor een groot bedrag buitenlandse, vooral Amerikaanse, aandelen.

Het netto extern vermogen van Nederland steeg in 2017 met EUR 35 miljard naar EUR 511 miljard. Het lopende-rekeningoverschot van EUR 75 miljard kwam daarmee niet volledig tot uitdrukking in een hogere netto vordering van Nederland op het buitenland. De appreciatie van de euro had het afgelopen jaar een drukkend effect op de waarde van de vorderingen op het buitenland en daarmee ook op het netto extern vermogen. Deze wisselkoersverliezen werden slechts gedeeltelijk gecompenseerd door behaalde winsten op valutaderivaten ter afdekking van valutarisico’s.