Ten geleide van het ECB Maandbericht mei 2012

Nieuwsbericht
Datum 10 mei 2012

In zijn op 3 mei 2012 gehouden vergadering heeft de Raad van Bestuur op basis van zijn reguliere economische en monetaire analyses besloten de basisrentetarieven van de ECB onveranderd te laten.

De inflatie zal in 2012 waarschijnlijk boven 2% blijven. De Raad van Bestuur verwacht echter dat de prijsontwikkeling op de voor het beleid relevante termijn in overeenstemming met prijsstabiliteit zal blijven. In overeenstemming met dit beeld blijft het onderliggende tempo van de monetaire expansie gematigd. De beschikbare indicatoren voor het eerste kwartaal blijven in overeenstemming met een stablisering van de economische bedrijvigheid op een laag niveau. De meest recente op enquêtes gebaseerde indicatoren voor het eurogebied benadrukken de heersende onzekerheid. Vooruitblikkend, zal de economische bedrijvigheid in de loop van het jaar naar verwachting geleidelijk herstellen. Tegelijkertijd blijven de economische vooruitzichten omgeven met neerwaartse risico’s.
De inflatieverwachtingen voor de economie van het eurogebied blijven stevig verankerd in overeenstemming met de doelstelling van de Raad van Bestuur het inflatiecijfer op de middellange termijn onder maar dicht bij 2% te houden. De afgelopen paar maanden heeft het Eurosysteem zowel reguliere als niet-standaard monetairbeleidsmaatregelen ten uitvoer gelegd. Deze combinatie van maatregelen heeft steun geboden aan zowel het financiële klimaat als de transmissie van het monetair beleid. Verdere ontwikkelingen zullen nauwlettend worden gevolgd, waarbij voor ogen dient te worden gehouden dat alle bijzondere monetairbeleidsmaatregelen tijdelijk van aard zijn en dat de Raad van Bestuur volledig in staat blijft de prijsstabiliteit op de middellange termijn te waarborgen door krachtig en tijdig te handelen.
Wat de economische analyse betreft: de beschikbare indicatoren voor het eerste kwartaal blijven in overeenstemming met een stabilisering van de economische bedrijvigheid op een laag niveau. De meest recente signalen uit enquêtegegevens voor het eurogebied benadrukken de heersende onzekerheid. Tegelijkertijd zijn er aanwijzingen dat het mondiale herstel doorzet. Voor de iets langere termijn blijft de Raad van Bestuur verwachten dat de economie van het eurogebied in de loop van het jaar geleidelijk zal herstellen, ondersteund door de buitenlandse vraag, de zeer lage korte rentes in het eurogebied en alle maatregelen die zijn genomen om de goede werking van de economie van het eurogebied te bevorderen. De blijvende spanningen in enkele markten voor overheidsschuld in het eurogebied en de invloed daarvan op de kredietvoorwaarden, alsook het proces van balansaanpassing in de financiële en niet-financiële sector en de hoge werkloosheid, zullen echter naar verwachting de onderliggende groeidynamiek blijven temperen.
Deze economische vooruitzichten blijven omgeven met neerwaartse risico’s, die met name verband houden met een intensivering van de spanningen in de markten voor schuldpapier in het eurogebied en met de mogelijke doorwerking van deze spanningen op de reële economie van het eurogebied. De neerwaartse risico’s houden tevens verband met verdere stijgingen van de grondstoffenprijzen
De HICP-inflatie op jaarbasis in het eurogebied bedroeg volgens de voorlopige (flash) raming van Eurostat in april 2012 2,6%, ten opzichte van 2,7% in de voorafgaande vier maanden. De inflatie zal in 2012 waarschijnlijk boven 2% blijven, voornamelijk ten gevolge van stijgingen van de energieprijzen en van verhogingen van indirecte belastingen. Op grond van de huidige futuresprijzen voor grondstoffen zou de inflatie op jaarbasis begin 2013 weer tot onder 2% moeten dalen. In dit verband zal de Raad van Bestuur in het bijzonder letten op tekenen van doorwerking van hogere energieprijzen op de lonen, winsten en de algemene prijsvorming. Vooruitblikkend, zou de onderliggende prijsdruk echter, in een omgeving van bescheiden groei in het eurogebied en stevig verankerde inflatieverwachtingen voor de lange termijn, beperkt moeten blijven.
De risico’s voor de vooruitzichten voor de HICP-inflatie in de komende jaren worden nog steeds beschouwd als globaal in evenwicht. Opwaartse risico’s vloeien voornamelijk voort uit hoger dan verwachte grondstoffenprijzen en verhogingen van indirecte belastingen, terwijl neerwaartse risico’s verband houden met zwakker dan verwachte ontwikkelingen in de economische bedrijvigheid.
De monetaire analyse geeft aan dat het onderliggende tempo van de monetaire expansie gematigd is gebleven, met iets hogere groeicijfers gedurende de afgelopen paar maanden. Het groeitempo van M3 op jaarbasis was in maart 2012 3,2%, tegenover 2,8% in februari. Sinds januari is een versterking van de depositobasis van de banken te zien geweest.
Het groeitempo op jaarbasis van leningen aan niet-financiële ondernemingen en van leningen aan huishoudens (gecorrigeerd voor leningverkopen en -securitisatie) kwam in maart uit op respectievelijk 0,5% en 1,7%, beide iets lager dan in februari. Het volume van leningen door MFI’s aan niet-financiële ondernemingen en huishoudens is ten opzichte van de voorafgaande maand vrijwel onveranderd ongebleven.
De gegevens voor de geldhoeveelheid en de kredietverstrekking tot en met maart bevestigen een globale stabilisering van de financiële situatie, waarmee, zoals met de door het Eurosysteem genomen maatregelen werd beoogd, een abrupte en onordelijke aanpassing van de balansen van kredietinstellingen is voorkomen. In dit kader geeft de enquête naar het bancaire kredietbeleid van april aan dat de netto verscherping van de kredietverstrekkingsvoorwaarden door de banken in het eurogebied vergeleken met eind 2011 in het eerste kwartaal van 2012 aanzienlijk is teruggelopen, zowel voor leningen aan niet-financiële ondernemingen als voor leningen aan huishoudens, mede dankzij verbeteringen in de financieringsvoorwaarden voor banken. Zoals eveneens uit de enquête naar het bancaire kredietbeleid naar voren komt, is de vraag naar krediet in het eerste kwartaal van 2012 gematigd gebleven, ten gevolge van een zwakke economische bedrijvigheid en het aanhoudende proces van balansaanpassing in niet-financiële sectoren. Het zal enige tijd vergen voordat de volle ondersteunende invloed van de bijzondere maatregelen van het Eurosysteem zich zal doen gelden en een positief effect zal hebben op de groei van de kredietverlening wanneer de vraag zich herstelt. In dit kader dient te worden opgemerkt dat de tweede langerlopende herfinancieringstransactie met een looptijd van drie jaar slechts op 1 maart 2012 is verrekend.
Wat de toekomst betreft is het van essentieel belang dat banken hun veerkracht verder versterken, onder meer door winsten in te houden. De gezondheid van de balansen van banken is een belangrijke factor bij het faciliteren van zowel een passende kredietverlening aan de economie als de normalisering van alle financieringskanalen.
Kortom: de economische analyse geeft aan dat de prijsontwikkelingen in overeenstemming zouden moeten blijven met prijsstabiliteit op de middellange termijn. Een toetsing aan de uitkomsten van de monetaire analyse bevestigt dit beeld.
Het is van het allergrootste belang te zorgen voor houdbare begrotingen en duurzame groei in het eurogebied. De meeste landen van het eurogebied hebben in 2011 goede voortgang geboekt op het gebied van begrotingsconsolidatie. Hoewel de noodzakelijke veelomvattende begrotingsaanpassing druk uitoefent op de economische groei op de korte termijn, zal de succesvolle tenuitvoerlegging ervan bijdragen aan de houdbaarheid van overheidsfinanciën en op die manier de overheidsrisicopremies verlagen. In een klimaat van versterkt vertrouwen in begrotingsposities, zou de bedrijvigheid in de particuliere sector eveneens moeten worden bevorderd en steun moeten geven aan de particuliere investeringen en de groei op de middellange termijn.
Tegelijkertijd dienen, samen met begrotingsconsolidatie, de groei en het groeipotentieel van het eurogebied te worden versterkt door ingrijpende structurele hervormingen. In dit kader is het van cruciaal belang ondernemersactiviteiten, het opzetten van nieuwe ondernemingen en het creëren van werkgelegenheid te faciliteren. Beleid gericht op versterking van de concurrentie in productmarkten en op het vergroten van het aanpassingsvermogen van ondernemingen op het vlak van lonen en werkgelegenheid zal innovatie bevorderen, werkgelegenheidscreatie stimuleren en de groeivooruitzichten op de langere termijn een impuls geven. Hervormingen op deze terreinen zijn met name belangrijk voor landen die in termen van kosten significant aan concurrentievermogen hebben ingeboet en die hun productiviteit dienen te stimuleren en hun handelsprestaties dienen te verbeteren.
Wat betreft het aanpassingsprocess binnen het eurogebied zijn, zoals blijkt uit de ervaringen van andere grote gebieden met één munt, regionale verschillen in economische ontwikkeling een normaal verschijnsel. In de afgelopen tien jaar zijn echter in een aantal landen van het eurogebied aanzienlijke onevenwichtigheden opgebouwd, en die worden momenteel gecorrigeerd.
Voor de monetairbeleidskoers van de ECB geldt dat deze zich primair dient te richten op het eurogebied. Het hoofddoel van het monetair beleid van de ECB blijft het handhaven van de prijsstabiliteit op de middellange termijn. Dit is de beste bijdrage die het monetair beleid kan leveren aan het bevorderen van groei en werkgelegenheidscreatie in het eurogebied.
Het opheffen van verschillen tussen de afzonderlijke landen van het eurogebied is de taak van de nationale overheden. Zij dienen vastbesloten beleidsactie te ondernemen om belangrijke onevenwichtigheden en kwetsbaarheden op begrotings-, financieel en structureel vlak weg te nemen. De Raad van Bestuur merkt op dat in veel landen vooruitgang wordt geboekt, maar een aantal overheden dienen ambitieuzer te zijn. Het waarborgen van een gezonde begrotingspositie, financiële stabiliteit en concurrentiekracht in alle landen van het eurogebied is in ons aller belang.
De Engelstalige versie van dit Maandbericht bevat twee artikelen. In het eerste artikel wordt een overzicht en beoordeling gegeven van de belangrijkste elementen van het begrotingsverdrag, dat een onderdeel vormt van het Verdrag inzake Stabiliteit, Coördinatie en Bestuur in de Economische en Monetaire Unie. In het tweede artikel wordt de recente financiële crisis in de Verenigde Staten en het eurogebied vergeleken met de ervaringen van Japan in de jaren negentig van de vorige eeuw.