Ten geleide van het ECB Maandbericht juli 2012

Nieuwsbericht
Datum 12 juli 2012

In zijn op 5 juli gehouden vergadering heeft de Raad van Bestuur op basis van zijn reguliere economische en monetaire analyses besloten de basisrentetarieven van de ECB met 25 basispunten te verlagen.

De inflatoire druk gedurende de beleidsrelevante periode is verder verminderd aangezien enkele van de eerder vastgestelde neerwaartse risico’s voor de groeivooruitzichten van het eurogebied zich hebben verwerkelijkt. In overeenstemming met dit beeld blijft het onderliggende tempo van de monetaire expansie gematigd. De inflatieverwachtingen voor de economie van het eurogebied blijven stevig verankerd in overeenstemming met de doelstelling van de Raad van Bestuur het inflatiecijfer op de middellange termijn onder maar dicht bij 2% te houden. Tegelijkertijd blijft de economische groei in het eurogebied zwak, waarbij toegenomen onzekerheid druk uitoefent op het vertrouwen en het sentiment.

Het Eurosysteem heeft zowel reguliere als bijzondere monetairbeleidsmaatregelen ten uitvoer gelegd. Deze combinatie van maatregelen heeft de transmissie van het monetaire beleid ondersteund. Alle bijzondere monetairbeleidsmaatregelen zijn tijdelijk van aard en het Eurosysteem blijft volledig in staat de prijsstabiliteit op de middellange termijn te waarborgen door krachtig en tijdig te handelen. De Raad van Bestuur heeft in dit verband op 22 juni 2012 besloten tot verdere maatregelen ter vergroting van de beschikbaarheid van onderpand voor tegenpartijen.

Wat de economische analyse betreft: op kwartaalbasis was de reële bbp-groei van het eurogebied in het eerste kwartaal van 2012 vlak, na een daling van 0,3% in het voorafgaande kwartaal. De indicatoren voor het tweede kwartaal van 2012 duiden op een hernieuwde verzwakking van de economische groei en op verhoogde onzekerheid. Voor de iets langere termijn verwacht de Raad van Bestuur dat de economie van het eurogebied geleidelijk zal herstellen, hoewel de dynamiek door een aantal factoren zal worden getemperd. Met name de spanningen in enkele markten voor overheidsschuld in het eurogebied en de invloed daarvan op de kredietvoorwaarden, alsook het proces van balansaanpassing in de financiële en niet-financiële sector en de hoge werkloosheid, zullen naar verwachting op de onderliggende groeidynamiek drukken.

De risico’s voor de economische vooruitzichten voor het eurogebied blijven van neerwaartse aard. Zij houden met name verband met een hernieuwde toename van de spanningen in een aantal financiële markten in het eurogebied en de mogelijke doorwerking daarvan op de reële economie van het eurogebied. De neerwaartse risico’s houden tevens verband met mogelijke hernieuwde stijgingen van de energieprijzen op de middellange termijn.

De HICP-inflatie op jaarbasis in het eurogebied bedroeg volgens de voorlopige (flash) raming van Eurostat in juni 2012 2,4%, onveranderd ten opzichte van de voorafgaande maand. Op grond van de huidige futuresprijzen voor olie zou de inflatie in de loop van 2012 verder moeten dalen en in 2013 weer onder 2% moeten uitkomen. In een klimaat van bescheiden groei in het eurogebied en stevig verankerde inflatieverwachtingen voor de lange termijn, zou de onderliggende prijsdruk gedurende de beleidsrelevante periode gematigd moeten blijven.
De besluiten van de Raad van Bestuur van 5 juli in aanmerking nemend, blijven de risico’s voor de vooruitzichten voor de prijsontwikkeling op de middellange termijn globaal in evenwicht. De voornaamste neerwaartse risico’s houden verband met de invloed van zwakker dan verwachte groei in het eurogebied. De opwaartse risico’s vloeien voort uit verdere verhogingen van indirecte belastingen ten gevolge van de noodzakelijke begrotingsconsolidatie, en uit hoger dan verwachte energieprijzen op de middellange termijn. 

De monetaire analyse geeft aan dat het onderliggende tempo van de monetaire expansie gematigd is gebleven, waarbij op de korte termijn enige volatiliteit valt waar te nemen. De stijging van het groeitempo van M3 op jaarbasis tot 2,9% in mei, tegenover 2,5% in april en bijna 3,0% in maart, was voornamelijk het gevolg van een omkering in april van de uitstroom uit daggelddeposito’s van niet-monetaire financiële intermediairs (met name beleggingsfondsen). Naast een toegenomen voorkeur voor deposito´s met kortere looptijden, hebben deze factoren ook een rol gespeeld bij de ontwikkeling van M1, waarbij het twaalfmaands groeitempo steeg van 1,8% in april naar 3,3% in mei.

Het groeitempo op jaarbasis van leningen aan de particuliere sector (gecorrigeerd voor leningverkopen en -securitisatie) daalde in mei naar 0,4% (ten opzichte van 0,8% in april). Het groeitempo op jaarbasis van leningen aan niet-financiële ondernemingen en van leningen aan huishoudens (gecorrigeerd voor leningverkopen en -securitisatie) daalde in mei eveneens, tot respectievelijk 0,2% en 1,3%, met negatieve maandstromen naar niet-financiële ondernemingen. De gematigde groei van de kredietverlening is grotendeels het gevolg van de huidige conjuncturele situatie, verhoogde risicoaversie, en het aanhoudende proces van balansaanpassing bij huishoudens en ondernemingen, hetgeen de vraag naar krediet drukt.
Vooruitblikkend is het van essentieel belang dat banken hun veerkracht waar nodig verder blijven versterken. De gezondheid van de balansen van banken is een belangrijke factor bij het faciliteren van zowel een passende kredietverlening aan de economie als de normalisering van alle financieringskanalen.

Samenvattend, en rekening houdend met de besluiten van de Raad van Bestuur van 5 juli, geeft de economische analyse aan dat de prijsontwikkelingen in overeenstemming zouden moeten blijven met prijsstabiliteit op de middellange termijn. Een toetsing aan de uitkomsten van de monetaire analyse bevestigt dit beeld.

Wat het overige beleid betreft, verwelkomt de Raad van Bestuur de conclusies van de Europese Raad van 29 juni 2012 waarin tot actie wordt opgeroepen om de spanningen in de financiële markten te verminderen, het vertrouwen te herstellen en de groei nieuw leven in te blazen. De Raad van Bestuur is het ermee eens dat de Economische en Monetaire Unie een solider fundament moet krijgen voor de toekomst, en dat duurzame groei, gezonde overheidsfinanciën en structurele hervormingen ter stimulering van het concurrentievermogen essentiële economische prioriteiten blijven. De Raad van Bestuur verwelkomt het besluit om een specifieke en tijdgebonden routekaart te ontwikkelen voor de verwezenlijking van een echte Economische en Monetaire Unie. Bovendien verwelkomt de Raad het op de eurogebiedtop gelanceerde initiatief tot het scheppen van een gemeenschappelijk toezichtmechanisme, de mogelijkheid om – onder passende voorwaarden – banken direct te herkapitaliseren, en het gebruik, op flexibele en efficiënte wijze, van bestaande EFSF/ESM-instrumenten om de markten te stabiliseren. Ten slotte staat de ECB klaar om te fungeren als agent van het EFSF/ESM bij het verrichten van markttransacties.
 
De Engelstalige versie van dit Maandbericht bevat twee artikelen. In het eerste artikel worden de interacties tussen het begrotings- en het monetaire beleid in de EMU geanalyseerd, en de elementen voor een verbeterd beleidskader in kaart gebracht. In het tweede artikel worden de ontwikkelingen in de inflatieverwachtingen voor de langere termijn voor het eurogebied beoordeeld.