DNB rondt evaluatie herstelplannen pensioenfondsen af

Nieuwsbericht
Datum 25 april 2013

DNB heeft de afgelopen maanden de evaluatie van de herstelplannen van 274 pensioenfondsen beoordeeld. De resultaten van de beoordeling zijn bijna volledig in lijn met eerder bekendgemaakte cijfers. In totaal hebben 66 pensioenfondsen een korting op de pensioenen doorgevoerd per 1 april 2013. Dit zijn er twee minder dan de 68 pensioenfondsen die oorspronkelijk een korting rapporteerden. Deze twee pensioenfondsen hoeven door bijstorting van de werkgever geen korting door te voeren.

Dit betekent dat het overgrote deel van de pensioenfondsen niet hoefde te korten per 1 april 2013. De korting op de pensioenen is noodzakelijk om eind 2013 voldoende hersteld te zijn. Pensioenfondsen moeten eind 2013 een dekkingsgraad van minimaal rond de 105% hebben (noot 1). De kortingen treffen niet alleen gepensioneerden; ook de pensioenopbouw van werkende deelnemers wordt verlaagd.

Zoals eerder door DNB gemeld (zie nieuwsbericht van 19 februari 2013), verwachten 37 fondsen dat ze in april 2014 nog een korting moeten doorvoeren om op tijd hersteld te zijn. Dit blijkt uit hun rapportage aan DNB. Het gewogen gemiddelde van deze korting is 1,7%. Deze korting is niet definitief en hangt af van de ontwikkeling van de dekkingsgraad in de rest van dit jaar.

Korten in cijfers

Van de 415 pensioenfondsen in Nederland zijn 66 fondsen op basis van de financiële situatie op 31 december 2012 overgegaan tot een kortingsmaatregel per 1 april 2013; het overgrote deel van de pensioenfondsen hoeft dit jaar dus geen korting door te voeren. Sommige pensioenfondsen hebben de pensioenen het afgelopen jaar zelfs kunnen indexeren. In het DNBulletin 'Vijf jaar pensioensector: kortingen en indexatie in perspectief' van 7 maart, gaat DNB nader in op de oorzaken van deze verschillen tussen pensioenfondsen.

De kortingen raken in totaal circa 2 miljoen actieve deelnemers, 1,1 miljoen gepensioneerden en 2,5 miljoen zogenoemde slapers (noot 2). De totale pensioenverplichtingen van de 66 fondsen bedragen ongeveer EUR 410 miljard. De gewogen gemiddelde korting (noot 3) die fondsen hebben opgenomen in hun rapportage bedraagt 1,9%. 18 fondsen hebben van de mogelijkheid gebruik gemaakt de korting te maximeren op 7% en er is 1 fonds dat meer kort dan 7%.

Volgend jaar moeten alle fondsen uit herstel zijn. 37 pensioenfondsen verwachten volgend jaar een korting nodig te hebben om uit herstel te komen. Deze korting zou 1,3 miljoen actieve deelnemers, 0,7 miljoen gepensioneerden en 1,1 miljoen slapers raken. De gewogen gemiddelde korting voor deze fondsen bedraagt 1,7%.

Deze voor te nemen kortingen zijn nog niet definitief omdat ze afhankelijk zijn van de stand van de dekkingsgraad van pensioenfondsen op 31 december 2013. Belangrijke factoren voor die stand van de dekkingsgraad zijn de hoogte van de rente voor de waardering van de verplichtingen en de behaalde rendementen. De dekkingsgraad kan dus nog hoger of lager uitvallen, afhankelijk van de ontwikkelingen van de rente en de rendementen. Dat betekent dat de mogelijkheid bestaat dat er volgend jaar uiteindelijk minder of meer dan 37 pensioenfondsen kortingen moeten doorvoeren en dat de kortingen ook nog lager of hoger kunnen uitvallen. Indien bijvoorbeeld de rente stijgt of het rendement hoger uitvalt dan het prudente rendement waarmee pensioenfondsen in hun herstelplannen rekenen, zal het aantal kortingsfondsen dan wel de hoogte van de korting lager zijn.

Pensioenfondsen kunnen ook de per 1 april 2014 door te voeren korting maximeren op 7% indien zij voldoen aan de voorwaarden uit het zogenoemde septemberpakket (noot 4).

Beoordeling evaluatie herstelplannen door DNB

274 fondsen hebben begin februari in de evaluatie van hun herstelplannen aan DNB gerapporteerd of er nog steeds sprake is van een concreet en haalbaar herstelplan. DNB heeft de fondsen die per 1 april 2013 moesten korten vóór 1 maart 2013 bericht over de beoordeling van de korting, zodat die fondsen op tijd hun deelnemers over de korting konden informeren. Bij de fondsen die per 1 april 2013 een korting doorgevoerd hebben, heeft DNB ook getoetst of bij de verdeling van de korting het pensioenfonds een evenwichtige belangenafweging heeft gemaakt.
 
Voor nadere informatie kunt u contact opnemen met Tobias Oudejans (020-524 3100, 06-524 96 961) en Remko Vellenga (020-524 27 12, 06-524 96 574)
 
Noten
Noot 1: Dit verschilt per pensioenfonds.
Noot 2: Pensioendeelnemers en gepensioneerden die van werkgever zijn gewisseld en niet aan waardeoverdracht hebben gedaan, kunnen meerdere keren zijn meegeteld.
Noot 3: Dit betreft een gewogen gemiddelde, gewogen op basis van de technische voorzieningen (pensioenverplichtingen) van de kortingsfondsen. 
Noot 4: Zie brief van de Staatssecretaris van SZW aan de Tweede Kamer, d.d. 24 september 2012.