Verschuiving in de buitenlandse uitzettingen van de Nederlandse financiële sector

Statistisch Nieuwsbericht
Datum 28 september 2012

De buitenlandse uitzettingen van de Nederlandse financiële sector op de rest van het eurogebied zijn gedurende het tweede kwartaal van 2012 met 1% in marktwaarde gedaald. Daarnaast heeft zich binnen het eurogebied een verschuiving voorgedaan naar land van tegenpartij. Zo zijn de uitzettingen op Spanje en Italië (tezamen EUR -14 miljard) in omvang gedaald. Hier staat een stijging van de uitzettingen op Duitsland en Oostenrijk (tezamen EUR +9 miljard) tegenover. Ook zijn de uitzettingen op Nederland (EUR +26 miljard) en landen buiten het eurogebied, zoals de VS en het VK (tezamen EUR +16 miljard), toegenomen.

In het tweede kwartaal van 2012 is de marktwaarde van de buitenlandse uitzettingen van de Nederlandse financiële sector op het eurogebied met 1% licht gedaald, in tegenstelling tot vorig kwartaal waar juist sprake was van een stijging van 4%. Zowel volume- als prijsmutaties lagen hieraan ten grondslag. Eind juni 2012 bedraagt de waarde van de totale buitenlandse uitzettingen op het eurogebied EUR 724 miljard, waarvan 58% in handen is van de banken, 29% van pensioenfondsen en 13% van verzekeraars. Onder uitzettingen worden onder andere leningen, aandelen en obligaties verstaan.

Hoewel de totale omvang van de buitenlandse uitzettingen op het eurogebied gedurende het tweede kwartaal van 2012 nauwelijks is gewijzigd, heeft zich binnen het eurogebied een noemenswaardige geografische verschuiving voorgedaan. De uitzettingen van de Nederlandse financiële sector  op Spanje (EUR -11 miljard), Italië (EUR -3 miljard), Ierland (EUR -1 miljard), Portugal (EUR -0,5 miljard) en Griekenland (EUR -0,5 miljard) zijn gedaald, ten gunste van Duitsland (EUR +8 miljard) en Oostenrijk (EUR+1 miljard). De afname op de hierboven genoemde zuidelijke eurolanden geldt zowel voor de Nederlandse banken, verzekeraars als pensioenfondsen, terwijl de toename op Duitsland alleen voor de verzekeraars en pensioenfondsen geldt. Nederlandse banken zijn daarentegen hoofdzakelijk verantwoordelijk voor de toegenomen uitzettingen op Oostenrijk. De afname van de uitzettingen op de zuidelijke eurolanden concentreert zich vooral op overheden (EUR -6 miljard) en banken (EUR -7 miljard), waar de uitzettingen op de private sector (EUR -2 miljard) stabieler van aard zijn.

Uitzettingen van de Nederlandse financiele sector op geselecteerde landen

De aanhoudende onzekerheid op de financiële markten en de voortdurende Europese schuldencrisis vertalen zich in een toename van de binnenlandse uitzettingen en de uitzettingen buiten het eurogebied. De uitzettingen op Nederland, de VS en het VK zijn gedurende het tweede kwartaal van 2012 met respectievelijk  2%, 4% en 4% gestegen. Met name de uitzettingen op de private tegenpartijen zijn voor deze drie landen sterk toegenomen.

Buitenlandse uitzettingen van de Nederlandse financiele sector nar tegensector, juni 2012

De verdeling van de uitzettingen naar de verschillende tegensectoren verschilt overigens sterk per land. Zo heeft de Nederlandse financiële sector verhoudingsgewijs veel uitzettingen op de overheid in Oostenrijk (81% van totale uitzettingen), Frankrijk (54% van totale uitzettingen) en Duitsland (53% van totale uitzettingen). De private sector is daarentegen de voornaamste tegenpartij voor de uitzettingen van de Nederlandse financiële sector in de VS (76% van totale uitzettingen), Ierland (78% van totale uitzettingen), België (71% van totale uitzettingen), Portugal (69% van totale uitzettingen) en Spanje (68% van totale uitzettingen).