Uitzettingen van de Nederlandse financiële sector op het buitenland blijven toenemen

Statistisch Nieuwsbericht
Datum 23 december 2014

De buitenlandse uitzettingen van de Nederlandse financiële sector namen in het derde kwartaal van 2014 met bijna EUR 50 miljard toe, voor het grootste deel ten opzichte van landen buiten het eurogebied. De toename deed zich voornamelijk voor bij Nederlandse pensioenfondsen als gevolg van positieve rente- en wisselkoersontwikkelingen, waardoor zowel de obligatie- als de aandelenportefeuille in waarde stegen.

In het derde kwartaal van 2014 zijn de buitenlandse uitzettingen van de Nederlandse financiële sector met EUR 46 miljard (2,4%) toegenomen tot EUR 1.964 miljard. Deze toename trad voor een groot deel op door herwaarderingen in de vorm van stijgende obligatiekoersen, vooral in het eurogebied waar de gewogen gemiddelde 10-jaarsrente op overheidspapier daalde met 40 basispunten tot 1,79%. Daarnaast werd door positieve wisselkoerseffecten onder meer de dollarportefeuille fors meer waard.  

De buitenlandse uitzettingen van Nederlandse banken namen met EUR 4 miljard (0,4%) toe. Dit kwam onder meer door een stijging van de posities van banken vis-à-vis de Verenigde Staten  en in mindere mate het Verenigd Koninkrijk (respectievelijk EUR 3,8 miljard en EUR 2 miljard), terwijl de uitzettingen op landen van het eurogebied daalden (EUR 4,5 miljard). De pensioenfondsen zagen hun buitenlandse uitzettingen sterk toenemen (EUR 37 miljard, 5%). Voor de helft is de toename gelokaliseerd in de Verenigde Staten (EUR 19 miljard), terwijl ook ten opzichte van landen in het eurogebied een toename te zien was. De buitenlandse uitzettingen van verzekeraars stegen in het derde kwartaal met EUR 5 miljard (2,9%). Deze toeneming richtte zich geheel op uitzettingen op het eurogebied.  

Grafiek 1: Uitzettingen Nederlandse financiële sector op geselecteerde landen
(mrd euro)

Uitzettingen Nederlandse financiële sector op geselecteerde landen (mrd euro)

Voor de Nederlandse financiële sector als geheel geldt dat de buitenlandse uitzettingen op het eurogebied toenamen (EUR 8 miljard, 2,8%). Met name de posities vis-à-vis Duitsland stegen in het derde kwartaal van 2014, in totaal met bijna EUR 8 miljard (zie grafiek 1). Nederlandse banken, pensioenfondsen en verzekeraars vergrootten hun uitzettingen op dit kernland, waardoor de totale positie opliep tot EUR 317 miljard (16% van alle uitzettingen op het buitenland). Ook op Oostenrijk en Frankrijk namen de uitzettingen toe. Ten opzichte van de perifere landen was echter sprake van een afname van EUR 6 miljard, vooral door een daling van de uitzettingen op Spanje. Buiten het eurogebied stegen de uitzettingen op de Verenigde Staten aanzienlijk (EUR 23 miljard, 6,8%). Dit trad voor circa EUR 5 miljard op door aankopen van aandelen en obligaties, maar vooral door appreciatie van de US dollar waardoor de Amerikaanse aandelenportefeuille aanzienlijk in waarde steeg. Verder namen de uitzettingen toe op het Verenigd Koninkrijk en Japan.   

Gegroepeerd naar sector van de tegenpartij zijn de buitenlandse uitzettingen op de private sector het sterkst gestegen, met EUR 32 miljard. Deze toename manifesteerde zich voornamelijk op de VS (EUR 19 miljard), grotendeels in de vorm van aandelen, en op het Verenigd Koninkrijk (EUR 6 miljard). Daartegenover stond een afname van de uitzettingen op de private sector in landen van het eurogebied (EUR 2 miljard). De uitzettingen op de sector overheid namen met EUR 16 miljard toe (zie grafiek 2), geheel op het eurogebied. Voor meer dan de helft betrof dit de Duitse overheid (EUR 9 miljard) en in mindere mate de Franse en Oostenrijkse overheid (toename respectievelijk EUR 4 miljard en EUR 2 miljard). Naast aankopen van staatspapier van deze landen droeg ook koersstijging als gevolg van de rentedaling bij aan de waardevermeerdering van de portefeuille staatsobligaties.

Tot slot namen de uitzettingen op de sector buitenlandse banken af met EUR 2 miljard. Op banken in het eurogebied daalden de uitzettingen met EUR 7 miljard, waarvan de helft op Franse banken; dit betrof vooral aandelen van deze banken. Op banken buiten het eurogebied deed zich echter een tegengestelde ontwikkeling voor en stegen de uitzettingen met EUR 5 miljard, waarvan deels in de vorm van een toename van effecten van Amerikaanse en Canadese banken (EUR 2 miljard). Verder zijn onder meer de vorderingen op Turkse en Zwitserse banken toegenomen (EUR 2 miljard).  

Grafiek 2: Uitzettingen van de Nederlandse financiële sector op buitenlandse overheden
(mrd euro)

Uitzettingen van de Nederlandse financiële sector op buitenlandse overheden (mrd euro)