Statistisch Nieuwsbericht: Nederlandse beleggers bezitten minder Nederlands staatspapier

Statistisch Nieuwsbericht
Datum 7 februari 2020

Een steeds kleiner deel van de Nederlandse staatsschuld is in handen van Nederlandse private beleggers. In het derde kwartaal van 2019 belegden deze partijen EUR 90,8 miljard (nominaal), tegenover EUR 93,2 miljard in het tweede kwartaal van 2019, een afname van 2,5% (k-o-k). In de afgelopen vijf jaar zijn de posities trendmatig gedaald.

Afname bezit Nederlandse staatspapier

Nederlandse private partijen hebben een significant deel van de staatsschuld in handen. Grote private beleggers in staatspapier zijn banken, beleggingsinstellingen, verzekeraars en pensioenfondsen. In de afgelopen vijf jaar zijn deze posities trendmatig gedaald mede door het aankoopprogramma van de Europese Centrale Bank. In het derde kwartaal van 2019 belegden deze partijen EUR 90,8 miljard (nominaal), tegenover EUR 122,0 miljard ultimo 2014, voor de start van het aankoopprogramma, een afname van 25,5%. In die periode nam de uitstaand staatsschuld ook af van EUR 347 miljard naar EUR 303 miljard, een afname van 12,7%. Zodoende daalde het aandeel van het uitstaand Nederlands staatspapier aangehouden door grote private beleggers naar 30% in het derde kwartaal van 2019, tegenover 35% eind 2014 (grafiek 1). Het aandeel van DNB steeg van 1% naar 25% in diezelfde periode.

Banken bouwen posities in Nederlandse staatsschuld af

De afname van het Nederlandse private bezit in Nederlands staatspapier wordt verklaard door het afbouwen van posities van banken. Waar Nederlandse banken in het derde kwartaal van 2019 6,0% van het staatspapier aanhielden (EUR 19 miljard), was dit eind 2014 12,1% van de uitstaande schuld (EUR 42 miljard). In het derde kwartaal van 2019 bouwden banken hun posities met EUR 1,4 miljard af, een daling van 7,2% (k-o-k). In juli 2018 vonden er grote aflossingen door de staat plaats welke niet zijn herinvesteerd door banken in Nederlands staatspapier. Voor beleggingsinstellingen, verzekeraars en pensioenfondsen was het aangehouden aandeel van de staatsschuld stabiel over 2014K4-2019K3, rond de 23%. Voor deze groep beleggers daalden de posities in de Nederlandse staat naar EUR 72,6 miljard in het derde kwartaal van 2019, tegenover EUR 79,8 miljard eind 2014.

Afname het sterkst bij langlopend staatspapier

Vooral staatspapier met een lange looptijd wordt relatief veel door Nederlandse beleggers aangehouden. Eind 2014 belegden Nederlandse private partijen EUR 39,1 miljard in staatspapier met een resterende looptijd van meer dan tien jaar. In het derde kwartaal van 2019 was dit afgenomen met EUR 9,6 miljard tot EUR 29,5 miljard. Uitgedrukt in percentage van de uitstaande schuld kromp het bezit van langlopend papier van 75% eind 2014 tot 48% in het derde kwartaal van 2019. Ook in het derde kwartaal namen de posities af met ruim EUR 1,2 miljard, een daling van 3,9% (k-o-k). Voor staatspapier met een resterende looptijd van 5 tot 10 jaar is het aandeel ook gedaald van 42% eind 2014 naar 22% in 2019K3 met een afname in waarde van EUR 22,3 miljard naar EUR 18,2 miljard in het derde kwartaal van 2019. In dit segment hebben vooral Nederlandse banken hun posities sinds eind 2014 afgebouwd (minus EUR 17,6 miljard).

Meer informatie

DNB publiceert elk kwartaal gegevens over het houderschap van Nederlands staatspapier. De tabellen bevatten nadere informatie over de verdeling van het houderschap. De gegevens zijn gebaseerd op directe statistische rapportages op basis van een steekproef en zijn niet opgehoogd.