Statistisch Nieuwsbericht: Nieuwe regelgeving leidt nog niet tot herstel van markt voor verpakte leningen

Statistisch Nieuwsbericht
Datum 7 april 2020

In 2019 nam de uitstaande omvang van Nederlandse verpakte leningen, securitisaties genoemd, met EUR 6,6 miljard (-13,3%) af tot EUR 43,0 miljard. Dit is het laagste niveau sinds 2010. De nieuwe regels met lagere kapitaaleisen voor investeerders in de simpelere securitisatiestructuren hebben dus nog niet tot een herstel van deze markt geleid. Ook de uitgiftes in 2019 (EUR 5,8 miljard) waren een derde minder dan in 2018.

Bij securitisaties worden leningen aan huishoudens en bedrijven gebundeld en als obligaties verpakt via speciaal daarvoor opgerichte ondernemingen. Securitisaties vormen in Nederland vooral voor banken een financieringsbron voor woninghypotheken. Vanaf 2000 groeiden deze sterk. Na het ontstaan van de kredietcrisis (medio 2007) werden securitisaties tot eind 2009 niet of nauwelijks aan andere beleggers verkocht vanwege het aangetaste vertrouwen in deze producten.

Uitstaand bedrag naar laagste niveau sinds 2010

Het uitstaande bedrag aan securitisaties die bij externe beleggers zijn geplaatst is in 2019 - na een opleving in 2018 - weer afgenomen. In 2019 daalde deze omvang via in Nederland gevestigde vehikels met EUR 6,6 miljard (-13,3%) tot EUR 43,0 miljard (zie grafiek 1). Securitisaties van woninghypotheken vormen daarvan het overgrote deel (89%).

De uitstaande omvang ligt 70% lager dan de top in 2007. De sterkste daling deed zich voor bij andere securitisaties dan woninghypotheken (-91%). In die tijd waren dat vooral de meer complexe constructies zoals synthetische securitisaties, waarbij kredietrisico’s via derivaten werden overgedragen. Maar ook bij de meer traditioneel gesecuritiseerde woninghypotheken is de teruggang met 59% fors.

Nieuwe regelgeving biedt nog weinig soelaas

Om de securitisatiemarkt voor minder complexe securitisaties te stimuleren is per 1 januari 2019 nieuwe regelgeving voor ‘Simple, Transparent and Standardised (STS) Securitisations’ in werking getreden. Voor investeerders in securitisaties die voldoen aan de specifieke STS-criteria gelden dan lagere kapitaaleisen. Afgaand op de verder teruggelopen securitisatiemarkt, heeft deze regelgeving nog niet tot een herstel daarvan geleid.

Dit hangt onder meer samen met andere gunstige financieringsmogelijkheden zoals uitgifte van gedekte obligaties (‘covered bonds’). Deze worden door banken uitgegeven met hoofdzakelijk woninghypotheken als onderpand en kunnen een alternatief voor securitisaties zijn. De uitstaande omvang daarvan in bezit van externe beleggers verzesvoudigde sinds 2007 van EUR 15,1 miljard tot EUR 85,7 miljard per eind 2019. In 2019 bedroeg de stijging EUR 6,9 miljard (+8,8%).

Verder zijn er in sinds 2014 ook zogeheten regiepartijen op de hypotheekmarkt gekomen die voor investeerders hypotheken verstrekken en managen. Pensioenfondsen en verzekeraars zijn zo - al dan niet via beleggingsinstellingen – meer direct in hypotheken gaan investeren om te profiteren van een hoger rendement en betere aansluiting bij hun langlopende verplichtingen.

Laagste uitgiftevolume in afgelopen 10 jaar

De afname was vooral het gevolg van minder uitgiftes. In 2019 werd in totaal via Nederlandse vehikels voor EUR 5,8 miljard aan securitisaties aan externe beleggers verkocht. Dit was EUR 3,3 miljard minder (-36%) dan in 2018. Het is ook het laagste volume sinds de securitisatiemarkt in 2010 na de financiële crisis weer tot leven kwam (zie grafiek 2).

De securitisatie-uitgiftes werden nog positief beïnvloed door relatief nieuwe hypotheekaanbieders, zoals enkele regiepartijen, die hypotheekmerken uiteindelijk via securitisaties financieren. EUR 1,0 miljard was namelijk afkomstig van deze partijen. Dit is nog exclusief EUR 0,6 miljard die via buitenlandse vehikels is geëmitteerd.