Wel nieuwe securitisaties, maar uitstaand bedrag daalt verder

Statistisch Nieuwsbericht
Datum 16 april 2013

In 2012 hebben (externe) beleggers voor EUR 13,1 miljard aan verpakte leningen, hoofdzakelijk woninghypotheken, gekocht via securitisaties van in Nederland gevestigde financiële instellingen. Daarnaast werd EUR 41 miljard gesecuritiseerd voor liquiditeitsdoeleinden, waarbij banken de securitisaties zelf houden. Ondanks deze omvangrijke nieuwe securitisaties zette de daling van de uitstaande securitisaties in 2012 door met 7,7% tot EUR 293 miljard.

Bij securitisaties worden leningen van met name banken aan huishoudens en bedrijven gebundeld en als verhandelbare effecten verpakt en verkocht. Securitisaties vormen een extra financierings­bron voor banken. Deze in obligaties verpakte leningen werden in de jaren na het ontstaan van de kredietcrisis (medio 2007) niet of nauwelijks aan externe beleggers verkocht (hierna externe securitisaties) vanwege het aangetaste vertrouwen in gesecuritiseerde producten. Gedurende deze periode werd vooral voor liquiditeitsdoeleinden gesecuritiseerd. Daarbij verkopen de banken de securitisaties niet door in de markt, maar houden zij deze zelf  om indien nodig te gebruiken als onderpand voor het verkrijgen van liquiditeit bij centrale banken of in de commerciële markt (hierna interne securitisaties). 

Nieuwe securitisaties

Vanaf eind 2009 kregen externe beleggers weer interesse in securitisaties, al zijn er wel minder beleggers dan voor de crisis. Om de investeerdersbasis te vergroten werd in 2012 in Nederland ook een securitisatie uitgevoerd die voor het merendeel in Amerikaanse dollars was gedenomineerd en voldeed aan de zogeheten Amerikaanse 144a-wetgeving (noot 1). In totaal werd in 2012 voor EUR 13,1 miljard aan Nederlandse securitisaties bij externe beleggers geplaatst, waarvan EUR 11,8 miljard gesecuritiseerde woninghypotheken (noot 2). Dit was een stijging van 6,6% ten opzichte van 2011 , maar bijna de helft minder dan in 2010 (grafiek 1).

Nieuw verrichte securitisaties naar type

Deze ontwikkeling hing onder meer samen met de invloed van de schuldencrisis op de kapitaalmarkt. Ook de onzekerheid over de toekomstige behandeling van securitisaties onder de verschillende toezichtregimes speelden hierbij een rol. Dit betreft de vraag of securitisaties mogen worden meegerekend in de liquiditeitsbuffers van banken (in het kader van Bazel III en CRD IV-regelgeving) en de mogelijk hogere kapitaalseisen voor investeringen in securitisaties door verzekeraars (in Solvency II) en banken (in het nieuwe Bazelse securitisatieraamwerk). Verder moet bedacht worden dat gedekte obligaties ('covered bonds') in enige mate een substituut kunnen vormen voor securitisaties.

Naast de externe securitisaties vonden in Nederland in 2012 ook nog omvangrijke interne securitisaties plaats ( EUR 41 miljard), maar deze dienden vooral ter vervanging van aflopende securitisaties.

Uitstaande securitisaties naar type

Daling uitstaande securitisaties

Per saldo daalde het uitstaande bedrag aan securitisaties met EUR 25 miljard (-7,7%) tot EUR 293 miljard doordat de aflossingen op bestaande securitisaties groter waren dan de nieuwe securitisaties. Deze afname deed zich voor bij zowel de interne als externe securitisaties. De externe securitisaties zijn in 2012 met EUR 13 miljard verminderd tot EUR 95 miljard (-12%). Ten opzichte van hun maximale omvang in 2007 bedraagt de krimp bijna een derde. De interne securitisaties daalden in 2012 met EUR 11 miljard (-6%). Daardoor vormen de externe securitisaties iets minder dan een derde van de totale uitstaande securitisaties.

De daling trad op bij zowel de securitisaties van woninghypotheken als de overige securitisaties. Vooral bij de overige securitisaties was de afname sterk (met ruim een derde tot EUR 18 miljard). Deze hield voor het merendeel verband met de krimp bij de synthetische securitisaties. Bij deze securitisaties blijven de gesecuritiseerde vorderingen, anders dan bij de traditionele securitisaties, op de balans van de oorspronkelijke kredietverstrekker (veelal een bank). Alleen het kredietrisico van de leningen wordt overgedragen door middel van kredietderivaten. In 2012 daalden de uitstaande synthetische securitisaties met EUR 10,4 miljard tot EUR 0,6  miljard (grafiek 3), terwijl eind 2009 nog EUR 31,2 miljard uitstond. De afgelopen jaren hebben veel aflossingen plaatsgevonden en zijn er nog maar sporadisch nieuwe synthetische securitisaties uitgevoerd. Beleggers hadden weinig belangstelling meer in deze complexere vorm van securitisaties en ook de aanbieders (veelal banken) richtten zich op eenvoudigere en transparantere securitisatieproducten.

Uitstaande securitisaties naar aard

Door deze ontwikkelingen had per eind 2012 bijna 95% van de uitstaande securitisaties betrekking op woninghypotheken (EUR 275 miljard), terwijl dit in 2006 nog bijna 70% bedroeg. Ruim 70% betreft interne securitisaties (EUR 195 miljard). Externe beleggers bezitten per ultimo 2012 EUR 80 miljard aan gesecuritiseerde woninghypotheken, 3% minder dan eind 2011 en 15% minder dan het hoogste niveau ( EUR 94 miljard) in 2007. Ten opzichte van de totaal uitstaande woninghypotheken is dat 12% tegenover 17% in 2007 (grafiek 4).

Uitstaande securitisaties van woning-hypotheken naar type

Driekwart van de externe securitisaties van woninghypotheken (circa EUR 60 miljard) is afkomstig van Nederlandse banken (incl. hun niet-bancaire dochters). Het overige deel van de externe securitisaties van woninghypotheken (ongeveer EUR 20 miljard) is afkomstig van andere hypotheekverstrekkers dan Nederlandse banken, waaronder verzekeraars. 

Meer informatie is te vinden op de pagina 'Special Purpose Vehicles'

Noot 1: Daartoe gekwalificeerde beleggers mogen dan de effecten  tussen elkaar verhandelen zonder registratie- en aanhoudplicht.
Noot 2: Onder Nederlandse securitisaties wordt hier verstaan securitisaties via in Nederland gevestigde, zogeheten Special Purpose Vehicles (SPV’s) waarbij de securitisaties zijn gemeten in daarbij uitgegeven schuldpapier.