Vernieuwingen in het toezicht op betaal- en elektronischgeldinstellingen

Nieuwsbericht
Datum 6 juli 2012

DNB introduceert een rapportagetool voor het prudentieel toezicht op betaal- en elektronischgeldinstellingen. Verder doet DNB nader onderzoek bij betaalinstellingen binnen het themaonderzoek ‘Beheersing uittredingsrisico’s’.

Questionnaire en rapportagetool

DNB heeft een nieuwe rapportagetool ontwikkeld waarmee instellingen op een efficiënte en veilige manier digitale informatie naar DNB kunnen verzenden. De instellingen wordt verzocht tweemaal per jaar de gevraagde informatie aan te leveren via de rapportagetool, die gebruik maakt van een beveiligde internetverbinding.

 

DNB kan met de rapportages de prudentiële ontwikkelingen bij betaal- en elektronischgeldinstellingen beter volgen en efficiënter de informatie analyseren. Instellingen kunnen met behulp van de rapportagetool ook zelf berekenen of zij aan de minimale vermogensvereisten voldoen. De vergunning houdende instellingen hebben onlangs een brief van DNB ontvangen over de procedures, met een verwijzing naar nadere informatie (e-Line DNB). Vooralsnog richt DNB zich op betaalinstellingen die andere diensten aanbieden dan dienst 6. In een later stadium zal DNB ook de money transferinstellingen benaderen.
 
Instellingen die een vergunningaanvraag voor een betaalinstelling of elektronischgeldinstelling bij DNB willen indienen, kunnen met behulp van deze rapportagetool zelf meer te weten komen over de berekeningswijze die DNB hanteert. Ook kunnen zij zelf bepalen of zij aan de solvabiliteitseisen voldoen. Deze informatie wordt vanzelfsprekend niet door DNB verwerkt, maar kan van toegevoegde waarde zijn bij de onderbouwing van de vergunningaanvraag. 
 
Thematisch toezicht bij de betaalinstellingen, van analyse naar actie
In de vernieuwde toezichtaanpak FOCUS! geeft DNB het uitvoerend toezicht op betaal- en elektronischgeldinstellingen meer thematisch vorm. Dit betekent dat bij normale omstandigheden het contact tussen de instellingen en de toezichthouders beperkt zal zijn. In het geval van verhoogde risico’s bij een instelling kan het contact juist intensiever worden.
 
Om te bepalen of er indicaties zijn dat een instelling meer dan een gemiddeld risico loopt om niet langer aan de financiële vereisten te kunnen voldoen, heeft DNB in mei 2012 een vragenlijst naar de betaalinstellingen, die niet dienst 6 uitvoeren, gestuurd als onderdeel van het themaonderzoek ‘Beheersing uittredingsrisico's’. Alle instellingen hebben aan het onderzoek meegewerkt en de vragenlijst beantwoord. DNB zal na analyse van de resultaten in de periode juli 2012- september 2012 enkele instellingen verzoeken mee te werken aan een meer diepgaand onderzoek. Mogelijk kan dit onderzoek tot mitigerende maatregelen leiden bij de risicovolle instellingen. Dit themaonderzoek wordt naar verwachting in december 2012 afgerond. DNB zal de sector dan informeren over de resultaten van het onderzoek.