Maak kennis met uw toezichthouder: Rob Veldhoen

Nieuwsbericht
Datum 12 november 2011

Nadat hij tien jaar bij een grote verzekeraar zeer uiteenlopende senior managementfuncties vervulde, werd Rob Veldhoen in 2010 toezichthouder bij DNB. Inmiddels is hij afdelingshoofd Nationale verzekeringsgroepen. Rob Veldhoen vertelt over zijn keuzes, zijn nieuwe werkgever en zijn ambities in aflevering 1 van een maandelijkse rubriek over de persoonlijke aspecten van het werk als toezichthouder. 'Ik wilde de kennis en ervaring die ik had opgedaan op een hele andere manier inzetten.'

Bevlogenheid
'Op zich had ik het naar mijn zin bij mijn werkgever, maar ik draaide al een flink aantal jaren mee en ik had het bedrijf van vrijwel elke kant meegemaakt. Op een gegeven moment vermoedde ik dat ik begon te leunen op mijn routine: tijd voor wat anders. Ik heb me toen breed georiënteerd en via mijn netwerk raakte ik in gesprek met DNB. Ik sprak met meerdere mensen, kwam een paar keer in het gebouw, zag wat het werk inhield en ik zag de bevlogenheid en het vakmanschap van de mensen hier. Zo werd ik gaandeweg enthousiaster.’

Specialistische deskundigheid
'Het werken in teams is zeer stimulerend. Ik houd toezicht op een grote verzekeringsgroep en de risicoanalyses die we maken beslaan een breed gebied. Op elk terrein kan ik de specialistische deskundigheid mobiliseren die vereist is. Dat is een groot pluspunt, echt een kwaliteit van DNB. Momenteel zijn we zijn een breed onderzoek aan het afronden naar de governance van een verzekeraar. Je kijkt naar de structuur van de governance en naar de effectiviteit ervan. Belangrijk, want het is riskant als je besturing niet 100 procent in orde is.’

Gezamenlijk belang
'De contacten met de mensen bij de verzekeraars zijn goed. Er zijn geregeld mooie momenten. Bijvoorbeeld als de onder toezicht staande onderneming én de toezichthouder beseffen een gezamenlijk doel te hebben, namelijk het beschermen van de belangen van de polishouders. Of als je merkt dat de analyse die je hebt gemaakt, wordt gedeeld door de instelling en men uit eigen beweging tot actie overgaat. Daar kan ik dan zeer tevreden over zijn.'