Onafhankelijkheid en geheimhouding

De Nederlandsche Bank is verantwoordelijk voor het bewaken van de financiële stabiliteit in Nederland. Drie zaken zijn daarbij van belang: lage inflatie, veilig betalingsverkeer en soliditeit en integriteit van financiële instellingen.

Voor een goede uitvoering van onze werkzaamheden zijn twee kenmerken essentieel:

  • de onafhankelijkheid van onze instelling, en
  • de geheimhoudingsplicht die op veel van onze werkzaamheden rust.

Onafhankelijkheid

DNB is onafhankelijk op het gebied van monetair beleid en betalingsverkeer, de taken die DNB uitvoert als onderdeel van het Europees Stelsel van Centrale Banken (ESCB). De president van DNB beslist als lid van de Raad van Bestuur van de Europese Centrale Bank (ECB) mee over het monetaire beleid. In deze Raad zitten de presidenten van alle centrale banken van het eurogebied en de directie van de ECB. De Raad van Bestuur komt tweemaal per maand bijeen. Geheel onafhankelijk besluit deze Raad wat het beste monetaire beleid is voor de eurolanden als geheel. De centrale-bankpresidenten behartigen het gezamenlijk Europese belang. Hun besluiten staan los van nationale en politieke belangen.

Van DNB wordt voorts verwacht dat zij gevraagd en ongevraagd advies geeft over het economische beleid, zowel op nationaal als internationaal niveau. Ook daarvoor is onafhankelijkheid essentieel. Vandaar ook dat de leden van de directie, inclusief de President, door de minister worden benoemd voor een periode van 7 jaar.

Als toezichthouder op de soliditeit van financiële instellingen is DNB een zogeheten zelfstandig bestuursorgaan (ZBO). DNB legt hierover verantwoording af aan de minister van Financiën en de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

Het dagelijkse bestuur van DNB, een naamloze vennootschap met de Staat als enige aandeelhouder, is in handen van de directie. De Raad van Commissarissen ziet toe op het beheer en de bedrijfsmatige aspecten van de instelling. De Raad keurt onder andere de begroting en jaarverantwoording goed en stelt de jaarrekening vast. In de Raad zit ook een door de regering aangewezen persoon: de commissaris van overheidswege. De Raad van Commissarissen heeft geen inhoudelijke zeggenschap over het monetaire beleid, de adviesfunctie, het betalingsverkeer en het toezicht.

Geheimhouding

Het maatschappelijke belang van de taken van DNB brengt de verantwoordelijkheid met zich mee om goed uit te leggen wat de Bank doet en waarom. Dat doet DNB dan ook graag en op regelmatige basis, door middel van Kwartaalberichten, Jaarverslagen, persberichten, interviews, speeches etc. Toch zijn er grenzen aan wat DNB naar buiten kan brengen. Zowel op de stelseltaken (monetair beleid en betalingsverkeer) als op de toezichtsactiviteiten rust een wettelijke geheimhoudingsplicht. Geheimhouding is ten eerste noodzakelijk om effectief toezicht te kunnen houden. De vertrouwensrelatie met de instellingen is hiervoor essentieel en zij moeten ons (concurrentie)gevoelige informatie kunnen verstrekken in de zekerheid dat deze niet openbaar wordt.

Ten tweede is geheimhouding belangrijk vanwege de dynamiek van de financiële sector. Als problemen bij een bank bekend worden, kan de situatie immers snel verder verslechteren. DNB moet daarom problemen bij financiële instellingen in eerste instantie achter de schermen zien op te lossen en kan hierover niets publiekelijks kwijt. Ook niet achteraf. De geheimhoudingsplicht geldt overigens niet alleen in ons land maar ook in de andere landen van de Europese Unie.