Resolutie-instrumenten banken

DNB heeft vier instrumenten waarmee zij een falende bank in resolutie kan nemen.

Hand met geld

Bail-in

Bij een bail-in betalen de aandeelhouders en schuldeisers voor de redding van de bank. Dit in tegenstelling tot een bail-out, waarbij de overheid een bank redt met belastinggeld. Een bail-in bestaat uit twee stappen:

Stap 1: neerleggen van verliezen bij aandeelhouders en schuldeisers.

De verliezen worden eerst in rekening gebracht bij de aandeelhouders. Hun aandelen zijn hierna dus niets meer waard. Als daarna nog niet alle verliezen zijn gedekt, dan moeten ook sommige schuldeisers meebetalen. Dit gebeurt door hun claim op de bank geheel of gedeeltelijk af te schrijven. Voor alle aandeelhouders en schuldeisers geldt dat de verliezen in resolutie niet groter mogen zijn dan de verliezen in faillissement. Dit is het zogeheten No Creditor Worse Off (NCWO)-beginsel

Stap 2: zorgen dat de bank weer over voldoende kapitaal beschikt voor een doorstart.

DNB zet een deel van de overgebleven schulden van de bank om in aandelen, zodat deze weer over voldoende kapitaal beschikt om een doorstart te maken. De schuldeisers bij wie dit gebeurt, worden hierdoor de nieuwe aandeelhouders van deze bank. Dit kan overigens niet met alle schulden van een bank. Zo wordt spaargeld tot EUR 100.000 nooit omgezet.

In haar Mededeling inzake de toepassing van het bail-in instrument, beschrijft DNB hoe zij denkt het bail-in-instrument in te zetten bij een bank aan de hand van een vereenvoudigde en hypothetische casus. Bekijk de mededeling

Verkoop

DNB kan de bank geheel of gedeeltelijk verkopen. Hiervoor is geen goedkeuring van aandeelhouders nodig. Het is mogelijk om de aandelen over te dragen, maar ook om bijvoorbeeld alleen bepaalde activa en passiva te verkopen. Denk aan spaargelden en hypotheken. Op deze manier houden de klanten toegang tot hun betaal- en spaarrekeningen en kan de koper de kritieke functies van de bank voortzetten. DNB organiseert het verkoopproces zo competitief en transparant mogelijk.

Brugbank

DNB kan een falende bank geheel of gedeeltelijk overdragen aan een instelling die helemaal of deels in publieke handen is: een brugbank. De brugbank staat los van de oude bank en heeft een eigen bankvergunning. Als een deel van de bank wordt overgedragen, gaat de rest van de oude bank failliet. Een brugbank is een tijdelijke oplossing tot de verkoop aan een marktpartij. Zo kan de belangrijkste dienstverlening van de bank ondertussen doorgaan. In principe moet de brugbank binnen twee jaar worden verkocht.

De aandeelhouder van de brugbank is de overbruggingsstichting. DNB heeft deze opgericht en benoemt de bestuurders hiervan. Deze stichting kan aandeelhouder zijn van meerdere brugbanken.

Vehikel van activa- en passivabeheer

DNB kan verliesgevende activa van een bank overhevelen naar een vehikel voor activa- en passivabeheer. Zo heeft de bank deze niet meer op de balans staan. Dit instrument lijkt op een brugbank, omdat DNB ook hier een deel van de falende bank overhevelt naar een andere onderneming. Het grootste verschil is dat dit vehikel geen bankvergunning heeft en bijvoorbeeld geen deposito’s bevat. De activa worden geleidelijk uitgewonnen of verkocht en uiteindelijk houdt het op te bestaan. De aandeelhouder van het vehikel is de overbruggingsstichting. Dit resolutie-instrument kunnen we alleen gebruiken in combinatie met minimaal één ander resolutie-instrument.