Verouderde browser

U gebruikt een verouderde browser. DNB.nl werkt het beste met:

Methodologie

Bij het compileren van de statistieken gebruikt DNB verschillende bronnen, afhankelijk van de soort statistiek:

  • Macro-economische statistieken zijn veelal gebaseerd op macro-economische rapportages van (financiële) instellingen, aangevuld met informatie uit andere bronnen. Bijvoorbeeld informatie uit toezichtrapportages of statistische informatie van het CBS.
  • De monetaire statistieken zijn voornamelijk afgeleid van rapportages van monetaire financiële instellingen. Op basis van enquêtes onder banken worden de rentestatistiek over debet- en creditrentes en de Bank Lending Survey over de (verwachte) leenvoorwaarden samengesteld.
  • De toezichtstatistieken zijn afgeleid van de verschillende toezichtrapportages van financiële instellingen, zoals CRD IV, FINREP en COREP en Solvency II.

Bij de monetaire en macro-economische statistieken wordt doorgaans slechts bij een deel van de populatie informatie uitgevraagd. In dat geval wordt met een ‘ophoging’ gecorrigeerd voor het niet waargenomen deel, zodat een representatief totaalbeeld ontstaat. Alle rapportages worden op hun datakwaliteit beoordeeld. Het revisiebeleid voor verzekeringsinstellingen voldoet aan de Common Minimum Standards for Data Revisions van de European Insurance and Occupational Pensions Authority (EIOPA) en de ECB.

Richtlijnen

De macro-economische statistieken van DNB voldoen aan de internationale richtlijnen:

  • ESA2010: de Europese vertaling van het handboek van de Verenigde Naties voor de Nationale Rekeningen (SNA2008).
  • Balance-of-Payments Manual 6 (BPM6):de door het IMF vastgestelde wijze van samenstellen van de betalingsbalans en de externe vermogenspositie.

De sectorindeling in de macro-economische en monetaire tabellen zijn conform ESA2010:

  • Niet-financiële bedrijven (S.11)
  • Centrale bank (S.121)
  • Deposito-instellingen exclusief centrale banken (S.122)
  • Geldmarktfondsen (S.123)
  • Beleggingsinstellingen (S.124)
  • Overige financiële intermediairs (S.125)
  • Financiële hulpbedrijven (S.126)
  • Financiële instellingen en kredietverstrekkers binnen concernverband (S.127)
  • Verzekeringsinstellingen (S.128)
  • Pensioenfondsen (S.129)
  • Overheid (S.13)
  • Huishoudens (S.14 en S.15)

Veel tabellen gaan over de financiële activiteiten van Monetaire Financiële Instellingen (MFI’s): centrale banken, kredietinstellingen, deposito-instellingen en geldmarktfondsen.

De tabellen over de betalingsbalans bevatten soms een uitsplitsing voor Bijzondere Financiële Instellingen (BFI’s). Een BFI is een in Nederland gevestigde dochtermaatschappij die een functie heeft in de grensoverschrijdende financiële infrastructuur van een buitenlandse multinational. Dit begrip is door DNB geïntroduceerd om het doorsluiskapitaal in beeld te brengen.

In de door DNB gepubliceerde tabellen komt de niet-financiële sector (bedrijven, overheid en huishoudens) alleen voor als ‘tegensector’, bijvoorbeeld wanneer banken aan een niet-financiële instelling een krediet verstrekken.

Reeksbreuken en berekeningen

DNB streeft ernaar om de reeksen op een kwalitatief goede manier te corrigeren voor reeksbreuken, die optreden door bijvoorbeeld een wijziging van het rapportagekader of een herclassificatie. Voor de belangrijkste reeksen heeft DNB breukvrije versies ontwikkeld.

In geval van afrondingen kan het voorkomen dat de gepubliceerde totalen licht afwijken van de som van de deelposten.

De gemiddelde koersen op jaar-, kwartaal- en maandbasis worden berekend aan de hand van de dagkoersen. Weekenden en feestdagen worden niet in de berekening meegenomen.

Bekijk de nadere toelichting over de toegepaste methodiek.