Verouderde browser

U gebruikt een verouderde browser. DNB.nl werkt het beste met:

26 januari 2015 Toezicht

Toezicht

Vraag:

Waarom regelgeving met betrekking tot geregistreerde gedekte obligaties in Nederland?

Antwoord:

In diverse Europese Richtlijnen is sprake van regelgeving met betrekking tot gedekte obligaties, namelijk in de richtlijn beleggingsinstellingen[1], de verordening kapitaaltoereikendheid[2], de derde richtlijn schadeverzekeraars[3] en de richtlijn levensverzekeraars[4].

In artikel 52, vierde lid, van de richtlijn beleggingsinstellingen is bepaald dat de lidstaten de in het eerste lid van dat artikel opgenomen begrenzing van de beleggingen van een icbe tot 5% van de waarde van haar activa in effecten of geldmarktinstrumenten die door eenzelfde uitgevende instelling worden uitgegeven, mogen verhogen tot ten hoogste 25% ingeval van bepaalde obligaties:

  1. die worden uitgegeven door een kredietinstelling met zetel in een lidstaat;
  2. welke kredietinstelling wettelijk onderworpen is aan speciaal overheidstoezicht ter bescherming van de obligatiehouders;
  3. waarbij met name de uit de uitgifte van die obligaties verkregen bedragen overeenkomstig de wet worden belegd in activa die, gedurende de gehele looptijd van de obligaties, de aan die obligaties verbonden vorderingen kunnen dekken;
  4. en welke activa, ingeval de uitgevende instelling in gebreke blijft, bij voorrang zullen worden gebruikt voor de aflossing van de hoofdsom en van de lopende rente.

De verordening kapitaaltoereikendheid banken (CRR) voorziet in een verlicht solvabiliteitsregime voor posities in gedekte obligaties, waaronder worden verstaan obligaties als omschreven in Artikel 129 CRR. In het desbetreffende artikel zijn o.a. de activa opgesomd die kwalificeren als activa ter dekking van de obligaties in kwestie, evenals de daarbij te hanteren limieten, en de informatieverplichtingen van de uitgevende bank richting de toezichthouder

Artikel 22, vierde lid, derde richtlijn schadeverzekeraars en artikel 24 vierde lid, richtlijn levensverzekeraars staan toe dat levensverzekeraars of schadeverzekeraars, in afwijking van de hoofdregel, tot 40% van hun activa technische voorzieningen mogen beleggen in geregistreerde gedekte obligaties.

De Europese Richtlijnen met betrekking tot gedekte obligaties zijn in de loop der jaren in vrijwel alle Europese landen geïmplementeerd. In Nederland is dat, in navolging van het Verenigd Koninkrijk, gebeurd op 1 juli 2008. De reden voor deze regelgeving is dat het wenselijk is voor Nederlandse banken om gebruik te kunnen maken van geregistreerde gedekte obligaties als financieringsinstrument om hierdoor onder meer de financieringskosten te verlagen. De invoering van regelgeving met betrekking tot geregistreerde gedekte obligaties in Nederland draagt daarmee ook bij aan een gelijk speelveld met andere Europese lidstaten zoals Duitsland, Frankrijk, Denemarken en Spanje.

_______
[1] Richtlijn nr. 85/611/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 20 december 1985 tot coördinatie van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen betreffende bepaalde instellingen voor collectieve belegging in effecten (icbe´s) (PbEG L 375), zoals gewijzigd bij Richtlijn 2001/108/EG van het Europees Parlement en de Raad van 21 januari 2002 (PbEG L 41).
[2] CRD IV - Capital Requirements Regulation (CRR) - 575/2013.
[3] Richtlijn nr. 92/49/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 18 juni 1992 tot coördinatie van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen betreffende het directe verzekeringsbedrijf, met uitzondering van de levensverzekeringsbranche, en houdende wijziging van de richtlijnen 73/239/EEG en 88/357/EEG (PbEG L 228) (derde richtlijn schadeverzekeraars).
[4] Richtlijn nr. 2002/83/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 5 november 2002 betreffende levensverzekering (PbEG L 345) (richtlijn levensverzekeraars)