Verouderde browser

U gebruikt een verouderde browser. DNB.nl werkt het beste met:

02 juni 2016 Toezicht

Toezicht

Het Solvency II Basic toezichtkader (hierna: Basic kader) is van toepassing op verzekeraars met beperkte risico-omvang (hierna: Basic verzekeraars) die niet van prudentieel toezicht zijn vrijgesteld. Het kader is in opzet vergelijkbaar met het risicogebaseerde toezicht van de richtlijn Solvabiliteit II (hierna ook wel: de richtlijn), maar is proportioneel ingericht en daardoor meer toegesneden op Basic verzekeraars. Op deze pagina vindt u een toelichting op het Basic kader en de overeenkomsten en verschillen met Solvabiliteit II, inclusief een verwijzing naar de wet- en regelgeving waarin de bijbehorende vereisten zijn verankerd.

In de basis is het Basic kader goed vergelijkbaar met het kader van de richtlijn Solvabiliteit II. Op Basic verzekeraars is hetzelfde begrippenkader en zijn dezelfde berekeningsmethoden voor het aanwezige en vereiste kapitaal en de technische voorziening van toepassing als op Solvabiliteit II verzekeraars. Het Basic kader bevat echter een aantal vereenvoudigingen.

  • De samenstelling van zowel het eigen vermogen (artikel 70, Besluit prudentiële regels (Bpr) als het minimumkapitaalvereiste (artikel 52, Bpr) is conform de richtlijn Solvabiliteit II.
  • De omvang van het solvabiliteitskapitaalvereiste is tevens conform de richtlijn, maar kent enkele vereenvoudigingen (artikel 66, Bpr).
  • De omvang van het minimumkapitaalvereiste is conform de richtlijn, maar kent voor Basic verzekeraars wel een verlaagde absolute ondergrens ten opzichte van richtlijn Solvabiliteit II (artikel 49b, Bpr).
  • Technische voorzieningen zijn conform de richtlijn, met enkele vereenvoudigingen (nb: de berekening van de risicomarge voor natura-uitvaartverzekeraars zal nog wel worden aangepast met ingang van boekjaar 2017).
  • De hoofdstukken met betrekking tot herstelplannen en financieel kortetermijnplannen uit de Solvabiliteit II richtlijn zijn ook van toepassing op Basic verzekeraars.
  • Beleggingsbeleid is conform de richtlijn, met lokalisatievereiste.

Omdat Basic verzekeraars doorgaans minder complex en kleiner van omvang zijn dan verzekeraars waarop de richtlijn Solvabiliteit II van toepassing is en om tevens administratieve lasten beperkt te houden, wijkt het Basic kader op enkele onderdelen af van de richtlijn Solvabiliteit II:

  • Voor bedrijfsvoering, risicobeheer, rapportagedata en groepstoezicht geldt dat de regels die algemeen golden vóór 1 januari 2016 (onder ‘Solvabiliteit I’) nu voor Basic verzekeraars nog steeds van toepassing zijn. In aanvulling daarop hoeven Basic verzekeraars in het kader van risicobeheer geen ORSA op te stellen en met betrekking tot groepstoezicht geldt dat dit nu ook van toepassing is op natura-uitvaartverzekeraars.
  • Ten aanzien van openbaarmakingsverplichtingen geldt het nationaal regime (artikel 134d, Bpr), waarbij geen extra rapportage hoeft te worden uitgebracht, maar aanvullende informatie in de jaarrekening moet worden opgenomen. Regelgeving op het gebied van de jaarrekeningstandaarden is conform Boek 2 BW (op basis van actuele waarde conform artikel 3:69a, eerste lid, van de Wft) en is te vinden in artikel 4 Bpr.
  • De EIOPA richtsnoeren zijn niet van toepassing op Basic verzekeraars. Tot slot vallen Basic verzekeraars, in tegenstelling tot Solvabiliteit II verzekeraars, niet onder het single license en home-country principle. Dit betekent dat Basic verzekeraars die hun activiteiten naar het buitenland willen uitbreiden zich daarvoor moeten wenden tot de toezichthouder in het desbetreffende land.