De aankoopprogramma's van de ECB en hun functie
De Nederlandsche Bank kocht samen met andere centrale banken in het stelsel van Eurolanden obligaties op. Dat gebeurde via verschillende aankoopprogramma's. Hier leest u meer over de diverse programma's.
Een inflatie-instrument
Om het inflatieniveau te kunnen beheersen, heeft de Europese Centrale Bank (ECB) een aantal instrumenten tot haar beschikking. De meest bekende en de meest gebruikte hiervan is de beleidsrente. Door deze naar boven of beneden bij te stellen, kan de ECB de economie in de eurozone stimuleren of laten afkoelen.
Als de ECB met de beleidsrente haar doel van 2% inflatie over de middellange termijn niet bereikt, kan ze een ander instrument inzetten: 'kwantitatieve verruiming'. Oftewel: ze vergroot de hoeveelheid geld in de economie. Dat doet ze door gericht schulden van landen, overheidsinstellingen en soms ook bedrijven op te kopen.
Kwantitatieve verruiming is vooral bedoeld om de economie te stimuleren en zo de inflatie te verhogen naar een streefniveau van 2%. Kwantitatieve verkrapping beoogt het tegenovergestelde effect, al is een streefniveau van 2% inflatie ook hier de belangrijkste drijfveer.
Aankoopprogramma's
De ECB organiseerde in de loop der jaren meerdere aankoopprogramma's. In 2014 begon zij samen met de centrale banken die samen het Eurosysteem vormen met een van de grootste aankoopprogramma's ooit: het zogenoemde Asset Purchase Programme (APP). APP zelf bestond weer uit vier verschillende aankoopprogramma’s, te weten:
Het Public Sector Purchase Programme (PSPP), dat is gestart in 2015 en bestaat uit aankopen van staatsobligaties en obligaties van een aantal nationale en Europese instellingen.
Het Corporate Sector Purchase Programme (CSPP) waaronder sinds 2016 bedrijfsobligaties worden opgekocht.
Het Asset Backed Securities Purchase Programme (ABSPP) waaronder sinds 2014 gesecuritiseerd papier oftewel zogenoemde 'asset backed securities' (ABS) worden opgekocht.
Het Covered Bonds Purchase Programme 3 (CBPP3) waaronder sinds 2014 door banken uitgegeven gedekte obligaties worden opgekocht. Dit programma volgt op eerdere opkoopprogramma’s voor gedekte obligaties die zijn uitgevoerd vanaf 2009.
Direct na het uitbreken van de coronapandemie zette de ECB in maart 2020 een apart aankoopprograma op. Het 'Pandemic Emergency Purchase Programme (PEPP)'. Dit programma was vooral bedoeld als noodmaatregel om de economie in beweging te houden tijdens de crisis. Vanaf eind 2024 stopte de ECB met het opnieuw investeren van geld dat vrijkwam uit obligaties die via PEPP waren aangekocht.
Met APP en PEPP wilde de ECB de financieringscondities verruimen en de doorwerking van het monetaire beleid bevorderen. APP is als programma in 2023 beëindigd. Geld dat afkomstig is van obligaties die onder APP zijn aangekocht en die het einde van hun looptijd bereiken, wordt niet opnieuw geïnvesteerd.
Aankopen DNB
De uitvoering van de aankoopprogramma’s is in handen van de ECB en de nationale centrale banken van het eurogebied. In Nederland is dat DNB. Als er een aankoopprogramma loopt, kopen wij bijvoorbeeld Nederlandse 'asset backed securities', gedekte obligaties en obligaties die zijn uitgegeven door de Nederlandse staat en nationale instellingen.
Dit papier wordt in de markt gekocht van tegenpartijen van DNB. Dat zijn veelal internationaal actieve banken die obligaties verhandelen. Een deel van de aankopen wordt uitgevoerd via veilingen.
De obligaties die DNB kocht voor PSPP, waren beschikbaar voor effectenuitleentransacties (securities lending). Lees meer over effectenuitleentransacties en over Veilingen onder de aankoopprogramma's.
DNB maakt gebruik van cookies
Om de gebruiksvriendelijkheid van onze website te optimaliseren, maken wij gebruik van cookies.
Lees meer over de cookies die wij gebruiken en de gegevens die we daarmee verzamelen in onze cookie-policy.