Op dit moment gaat het goed
In 2024 bedroeg het begrotingstekort -0,9% bbp. De overheidsschuld lag op 43% bbp, het laagste niveau in 45 jaar (alleen in 2007 was het nog lager). De Nederlandse uitgangspositie is dus goed, zowel in vergelijking met het verleden als met andere landen.
Maar het begrotingstekort loopt op
Twee keer per jaar publiceert DNB een raming met vooruitzichten voor de Nederlandse economie. Volgens de Najaarsraming van 2025 stijgt het overheidstekort met 1 procentpunt ten opzichte van 2024 naar 1,9% van het bbp. Het tekort stijgt minder sterk dan voorzien in de Voorjaarsraming 2025, toen een tekort van 2,8% bbp werd geraamd. Dit komt vooral door hogere belasting- en premie-inkomsten als gevolg van hogere economische groei.
In 2026 en 2027 loopt het tekort verder op door de stijgende uitgaven aan zorg, sociale zekerheid, rente en defensie. De sterke stijging in 2026 wordt daarnaast verklaard door de omvorming van het militaire pensioensysteem, wat de overheid eenmalig 8,5 miljard (0,7% bbp) euro kost.
Hoewel het begrotingstekort de komende jaren onder de 3% bbp-norm blijft, is het te hoog gegeven de stand van de economie. Het begrotingsbeleid draagt zo bij aan het vraagoverschot in de economie en daarmee aan de relatief hoge inflatie in Nederland. Lees meer over het effect van begrotingsbeleid op inflatie in dit achtergrondartikel.