Verouderde browser

U gebruikt een verouderde browser. DNB.nl werkt het beste met:

27 mei 2022 Algemeen
Zuidas

(c) Shutterstock

DNB heeft de zogeheten contracyclische kapitaalbuffer (CCyB) van 0% naar 1% verhoogd. Banken die in Nederland leningen verstrekken – waaronder ook banken van buiten Nederland – moeten hierdoor extra kapitaal opzijzetten voor deze kredieten. Voor het Nederlands bankwezen als geheel komt dit neer op een extra kapitaalbeslag van zo'n EUR 3,3 miljard. Aanleiding voor deze activering van de CCyB zijn de stand van de economie en financiële sector, samen met ontwikkelingen in cyclische risico’s. De buffer biedt banken in mindere tijden extra ruimte om verliezen op te vangen, waardoor de kredietverlening aan huishoudens en bedrijven ondersteund wordt. Banken zullen per 25 mei 2023 moeten voldoen aan de eis onder voorbehoud dat het huidige risicobeeld niet fors verandert.

Wat is de contracyclische kapitaalbuffer voor banken?

De CCyB is een buffer voor banken en is in het Bazel III akkoord geïntroduceerd. Het belangrijkste doel van de CCyB is om de weerbaarheid van banken te vergroten op het moment dat cyclische risico’s zich opbouwen, en om de buffer vrij te geven zodra risico’s zich manifesteren. Hierdoor krijgen banken in slechte tijden extra ruimte om verliezen op te vangen en wordt de kredietverlening aan bedrijven en consumenten ondersteund. Dit kan de directe impact van een crisis op de economie beperken. Het belang hiervan is tijdens de coronapandemie nog eens duidelijk geworden. De CCyB is de enige buffer die expliciet bedoeld is om te variëren over de tijd. De buffer geldt voor binnenlandse blootstellingen, en ook buitenlandse banken moeten over hun uitzettingen in Nederland een 1% CCyB aanhouden. De hoogte van deze buffer wordt sinds 2016 elk kwartaal bepaald door DNB en banken krijgen 12 maanden de tijd om te voldoen aan een verhoogde CCyB-eis.

Waarom activeert DNB de CCyB?

Op 17 maart 2020 verlaagde DNB de systeembuffers voor ING, Rabobank en ABN AMRO. Dit stelde hen beter in staat om mogelijke verliezen op te vangen en hun kredietverlening tijdens de coronacrisis op peil te houden. Omdat het belangrijk is om na een crisis buffers weer op te bouwen, sprak DNB op 17 maart 2020 ook direct de intentie uit om op termijn een 2% CCyB in Nederland te hanteren. Zoals beschreven in het raamwerk ter vaststelling van de CCyB (2022), streeft DNB dus naar een 2% CCyB in een zogeheten standaard risico-omgeving. Dat is een situatie waarin cyclische risico’s niet bijzonder hoog maar ook niet bijzonder laag zijn. Op deze manier onderkent DNB beter dat het meten van cyclische risico’s altijd gepaard gaat met onzekerheid. Het huidige risicobeeld past momenteel bij een standaard risico-omgeving. Zo is te zien dat de economie zich sinds de uitbraak van het coronavirus heeft hersteld, dat de financiële sector weerbaar is, en dat cyclische risico’s zich op een ‘normaal’ tot verhoogd niveau bevinden. Tegelijkertijd leidt de oorlog in Oekraïne tot extra onzekerheid. DNB heeft tegen deze achtergrond besloten om een 1% CCyB in Nederland te activeren; dit vormt een eerste stap naar de 2% CCyB die DNB op termijn wil aanhouden in een standaard risico-omgeving.

De verhoging van deze buffer komt op een moment dat de Nederlandse banken goed gekapitaliseerd zijn. Hierdoor zijn de kosten om te voldoen aan de nieuwe eis relatief laag. Door de activering van de CCyB zullen alle banken in Nederland beschikken over kapitaal dat DNB onmiddellijk kan vrijgeven indien nodig. Dit stelt banken beter in staat om het hoofd te bieden tegen (onverwachte) crises. Ook kan de kapitaalopslag vrijgegeven worden terwijl deze nog wordt opgebouwd. Dit vormt een extra voordeel als de financiële cyclus in Nederland fundamenteel zou keren door de oorlog in Oekraïne. De activering van de CCyB werd eerder al door DNB aangekondigd in het halfjaarlijkse Overzicht Financiële Stabiliteit van 25 mei 2022 (OFS), en brengt de hoeveelheid ‘vaststaand’ en vrij te geven bufferkapitaal meer in balans.

Wat doen andere landen?

De activering van de CCyB in Nederland past binnen een bredere Europese trend. Sinds de coronacrisis hebben al veertien andere Europese landen de buffer geactiveerd (Figuur 1). Recent hebben bijvoorbeeld Duitsland, Frankrijk en verschillende Scandinavische landen de buffer verhoogd. Omdat de coronacrisis de wenselijkheid van het tijdig opbouwen van ‘vrij te geven’ kapitaal heeft onderstreept, hebben veel Europese landen – net als Nederland - een CCyB-raamwerk opgesteld of aangepast, waarbij de buffer vroeg in de financiële cyclus kan worden opgebouwd. Tot deze groep landen behoren onder andere het Verenigd Koninkrijk en Zweden.

Figuur 1 CCyB-percentages van Europese landen die de buffer hebben geactiveerd, procenten

Figuur 1 CCyB-percentages van Europese landen die de buffer hebben geactiveerd, procenten

(c) DNB

Wat betekent de activering van de CCyB voor klanten van Nederlandse banken?

Mede omdat Nederlandse banken goed gekapitaliseerd zijn, acht DNB de invloed van de CCyB-eis op de financieringskosten van banken te overzien. De bufferverhoging leidt naar verwachting niet tot hogere uitleenrentes voor Nederlandse klanten. Tegelijkertijd maakt deze kapitaalopslag banken wel weerbaarder tegen cyclische risico’s of de materialisatie van (onverwachte) systeemrisico’s. Hierdoor draagt dit instrument bij aan financiële stabiliteit.