De risicomethodiek bepaalt hoe de risicogewogen bijdragen van banken aan het DGS worden vastgesteld. Hierdoor betalen banken niet alleen op basis van de omvang van hun gegarandeerde deposito’s, maar wordt ook rekening gehouden met hun risicoprofiel.
In de evaluatie is beoordeeld of de methodiek nog steeds passend is en leidt tot een risicogewogen premieheffing die banken op een consistente wijze onderscheidt naar risicoprofiel. In het kader van de evaluatie heeft DNB onder meer gekeken naar de ontwikkeling van risicoscores in de tijd, de plausibiliteit van de risico-indeling ten opzichte van toezichtbeoordelingen en de differentiërende kracht van de gebruikte risico-indicatoren.
Uitkomsten van de evaluatie
De evaluatie laat zien dat:
de ontwikkeling van risicoscores en risicocategorieën goed verklaarbaar is;
de uitkomsten van de DGS-risicomethodiek een plausibele afspiegeling vormen van het risicoprofiel van instellingen;
de gebruikte risico-indicatoren voldoende onderscheid maken tussen instellingen.
DNB concludeert daarom dat de huidige risicomethodiek nog steeds passend is en ziet geen aanleiding tot herkalibratie of andere aanpassingen.
Conform de daarvoor geldende EBA-richtsnoeren vindt de volgende reguliere evaluatie van de risicomethodiek over vijf jaar plaats.
Meer informatie
Alle informatie over de risicomethodiek voor de berekening van bijdragen aan het DGS en de relevante wet- en regelgeving is te vinden op de pagina Premieheffing van de Nederlandse Depositogarantie op de website van DNB.