In hoofdstuk 2 van deze good practice licht DNB allereerst het wettelijk kader en de plek van het kapitaalbeleid binnen de bredere risicomanagement context toe, waaronder de Own Risk and Solvency Assessment (ORSA) en het Voorbereidend Crisisplan (VCP). In hoofdstuk 3 worden praktische handreikingen en voorbeelden gegeven van hoe een verzekeraar invulling kan geven aan het kapitaalbeleid. Deze voorbeelden gelden voor iedere verzekeraar. Hoofdstuk 4 t/m 6 zijn gericht op specifieke deelsectoren: hoofdstuk 4 op verzekeraars met langlopende verplichtingen, hoofdstuk 5 op zorgverzekeraars en hoofdstuk 6 op verzekeringsgroepen.
2. Juridisch kader
2.1 Wet- en regelgeving
Op grond van artikel 41 Richtlijn solvabiliteit II en artikel 26.2 Besluit prudentiële regels Wft (Bpr) dienen verzekeraars te beschikken over een doeltreffend governance systeem dat voor een gezonde en prudente bedrijfsvoering zorgt.1 Ook dienen verzekeraars op grond van artikel 44 Richtlijn solvabiliteit II en artikel 26.2 Bpr te beschikken over een doeltreffend risicomanagementsysteem dat de risico’s bestrijkt waarmee rekening moet worden gehouden bij de berekening van het solvabiliteitskapitaalvereiste. In de EIOPA-Richtsnoeren 36 en 37 voor het governancesysteem staat dat verzekeraars een kapitaal(beheer)beleid en een kapitaal(beheer)plan voor de middellange termijn moeten opstellen en aan welke voorwaarden dit moet voldoen.2
2.2 Verhouding VCP en ORSA
Het kapitaalbeleid hangt samen met het VCP en de ORSA.
VCP
Een door DNB bepaald aantal verzekeraars dient een VCP op te stellen.3 Het VCP zorgt ervoor dat een verzekeraar in financieel gezonde tijden nadenkt over de te nemen maatregelen voor de situatie waarin zijn financiële positie ernstig verslechtert. Het VCP bevat maatregelen die tot doel hebben de verzekeraar handvatten te geven bij te nemen acties in tijden van crisis. Het doel van het VCP is om oplossingen te onderzoeken en beschikbaar te hebben voor mogelijke crises en gaat in op de financiële, operationele en juridische haalbaarheid van deze oplossingen. In het VCP wordt een beschrijving gegeven van herstelmaatregelen, de mate van inzetbaarheid en indicatie van het financiële en operationele effect van de herstelmaatregelen, de uitwerking van crisisscenario’s die passen bij het risicoprofiel en triggers voor activering van het VCP zoals het doorbreken van de SCR of MCR.4
De inzichten uit het VCP worden gebruikt voor het bepalen van interne solvabiliteitsnormen in het kapitaalbeleid. Het VCP geeft een analyse van de effectiviteit en haalbaarheid van herstelmaatregelen in een crisissituatie. Op basis van deze analyse kan een verzekeraar tot de conclusie komen dat bepaalde maatregelen meer effect hebben of beter zijn te realiseren op het moment van doorbreking van de SCR of de MCR of bij een significante daling van de liquiditeitspositie.
In het VCP wordt met name aandacht besteed aan de analyse van de operationele en juridische haalbaarheid en financiële impact van herstelmaatregelen in tijden van crisis. Daarnaast waarborgt een verzekeraar in het VCP dat de maatregelen zonder wezenlijke belemmeringen kunnen worden uitgevoerd.
ORSA
Op basis van inzichten uit het VCP kan een impuls worden gegeven aan de kwaliteit van scenario’s die in de ORSA worden opgenomen. De ORSA bevat een toekomstgerichte beoordeling van de eigen risico’s om inzicht te verschaffen in de hoogte van het benodigde kapitaal van de verzekeraar. Bij dit kapitaalniveau komt de continuïteit van de verzekeraar of verzekeringsgroep niet in gevaar, gelet op het risicoprofiel, de risicotoleranties en de bedrijfsstrategie van de verzekeraar. Uitgangspunt hierbij is dat alle materiële risico’s via een scenarioanalyse worden gekwantificeerd. Een verzekeraar voegt het kapitaalbeleid als bijlage bij de ORSA, tenzij dit al volledig daarin is geïntegreerd.
2.3 Proportionaliteit
Kleine en middelgrote verzekeraars kunnen bij het opstellen van het kapitaalbeleid het proportionaliteitsbeginsel toepassen. Dit houdt in dat afhankelijk van de aard, omvang en complexiteit van de risico’s versoepelingen en vereenvoudigingen in de opzet en documentatie van het kapitaalbeleid kunnen worden toegestaan.
3. Invulling kapitaalbeleid
3.1 Beleid ter voorkoming van onderschrijding wettelijke solvabiliteitseisen
In het kapitaalbeleid stelt een verzekeraar eigen veiligheidsmarges vast boven de wettelijke solvabiliteitseisen. Dit verkleint de kans op niet-naleving van de wettelijke solvabiliteitseisen. Vanwege verschillen in de risico’s, complexiteit en omvang kunnen de veiligheidsmarges tussen verzekeraars verschillend zijn. De veiligheidsmarge is gebaseerd op door de verzekeraar vastgestelde, objectieve en gekwantificeerde maatstaven.