In de Q&A benoemt DNB vier aspecten van de onderbouwing. Bij ieder aspect wordt gespecificeerd wat de pensioenuitvoerder onderbouwt:
- Onderbouw dat de inrichting van de reserve voldoet aan de normen in wet- en regelgeving.
- Onderbouw de keuze voor de kwantitatieve maatstaven waarmee de pensioenuitvoerder de aansluiting van de inrichting bij de doelstellingen van de reserve beoordeelt en de evenwichtige inrichting van de reserve beoordeelt.
- Onderbouw dat de gekozen inrichting van de reserve aansluit bij de van tevoren vastgestelde doelstellingen van de reserve.
- Onderbouw dat de inrichting van de reserve evenwichtig is.
Bij de onderbouwingen van aspecten 2, 3 en 4 wordt de Regeling rekenmethoden onderbouwing solidariteitsreserve en risicodelingsreserve pensioenfondsen toegepast.
Bij het vierde aspect gaat DNB ook in op de eis uit de regelgeving dat bij de inrichting van de reserve op voorhand wordt voorkomen dat een bepaalde generatie binnen een pensioenregeling uitsluitend baten of lasten heeft van de reserve.