TRANSITIENIEUWS – DNB deelt lessen uit invaarbeoordelingen Wtp-transitie

Nieuwsbericht toezicht

Tijdens de jaarlijkse persconferentie over het toezicht, heeft DNB een publicatie gedeeld met de tot nu toe opgedane lessen uit de Wtp-transitie. In deze publicatie gaan wij uitgebreid in op onze rol tijdens de transitie en delen wij relevante observaties en bevindingen van de invaarbeoordelingen die zijn uitgevoerd. Tijdens de persconferentie gaf directielid Gita Salden een toelichting op de publicatie. 

Gepubliceerd: 24 februari 2026

Verhuizing

De pensioentransitie is in volle gang. Op 1 januari 2026 hebben 24 fondsen de overstap naar het nieuwe stelsel gemaakt, nadat in 2025 zes fondsen zijn overgestapt. Deze 30 fondsen vertegenwoordigen zo'n 10 miljoen pensioendeelnemers en beheren grofweg € 500 miljard aan vermogen. DNB ziet als toezichthouder toe op een evenwichtige en beheerste transitie naar het nieuwe pensioenstelsel.  

Leren van ervaringen 

Wij moedigen de fondsen die nog moeten invaren aan om te leren van de ervaringen van fondsen die al ingevaren zijn. En delen hiervoor actief de kennis die tot nu toe is opgedaan. Ook kunnen de adviseurs en pensioenuitvoeringsorganisaties van de fondsen, die op dit gebied ervaring hebben opgedaan, een katalyserende rol spelen. Bij de beoordeling van de invaarmeldingen komen we met regelmaat tot vergelijkbare observaties en bevindingen. Relevante observaties en bevindingen zijn:  

  • Financiële effecten: In het beoordelingsproces met de ingevaren fondsen is veel aandacht geweest voor de aannames die zij in hun modellen maken om te borgen dat de berekende financiële effecten betrouwbaar zijn. Fondsen die in hun besluitvorming veelal uit zijn gegaan van pensioenverwachtingen, hebben nieuwe inzichten opgedaan door de transitie-effecten ook in termen van netto profijt in kaart te brengen en expliciet mee te wegen in hun onderbouwing.   
  • Transitie-instrumenten: Tijdens het beoordelingsproces hebben de fondsen nieuwe inzichten opgedaan, te maken gekregen met bevindingen van DNB en werden zij geconfronteerd met veranderende economische omstandigheden. Vrijwel alle fondsen hebben gebruik gemaakt van de bestuurlijke ruimte binnen de standaardmethode of (in overleg met sociale partners en fondsorganen) transitie-instrumenten aangepast om zo tot financiële effecten te komen waarmee alle pensioendeelnemers zich evenwichtig vertegenwoordigd kunnen voelen.  
  • Onderbouwing: Het is aan fondsen om een invaarbesluit zo te onderbouwen dat pensioendeelnemers zich evenwichtig vertegenwoordigd kunnen voelen. DNB heeft fondsen gevraagd om ten behoeve van de onderbouwing te concretiseren wat hun transitiedoelstellingen zijn en hoe dit bijdraagt aan een evenwichtig invaarbesluit.  
  • Beheersing van operationele risico’s: De overgang naar de Wtp vormt voor fondsen ook op operationeel vlak een aanzienlijke uitdaging. De meeste fondsen hebben de uitvoering van de pensioenadministratie grotendeels uitbesteed. Maar ook dan blijft het fonds eindverantwoordelijk en moet daarom aantoonbaar ‘in control’ zijn. Het niet aantoonbaar gereed hebben van de IT-systemen leidde ertoe dat een aantal fondsen niet konden voldoen aan hun eigen acceptatiecriteria. Voor verschillende fondsen is dit reden geweest om hun invaarmoment uit te stellen. 

Ingevaren fondsen: oplossen bevindingen 

DNB roept de fondsen die al zijn ingevaren op tijdig aan de slag te gaan met de bevindingen die ook na invaren opgelost konden worden en zijn samengevat in de zogenoemde toezichtbrief. 

Toezicht pensioentransitie 2026

276KB PDF
Download Toezicht pensioentransitie 2026

Ontdek gerelateerde artikelen