Noot: Ruim de helft van het totaal aantal deelnemers, gewezen deelnemers en pensioengerechtigden is inmiddels met (een deel van) hun pensioen ingevaren naar het nieuwe pensioenstelsel.
DNB zet in op het versnellen van beoordelingen
Zoals ook aangekondigd op het pensioenseminar van 9 april, streeft DNB ernaar om binnen zes maanden tot een oordeel te komen. Met deze aanpak beoogt DNB bestuurlijke druk bij pensioenfondsen vlak voor het invaren te voorkomen en de werkdruk voor zowel de sector als DNB beheersbaar te houden. Natuurlijk kan het voorkomen dat fonds-specifieke omstandigheden leiden tot een langere doorlooptijd.
De huidige fase van de transitie leent zich goed voor deze versnelling. Pensioenfondsen, adviseurs, uitvoerders en DNB hebben sinds de start van de transitie veel ervaring opgedaan. Het is nu zaak om deze lessen efficiënt toe te passen. Dat vraagt om een gezamenlijke inspanning van DNB en de sector.
Pensioenfondsen mogen verwachten dat DNB zo vroeg mogelijk in het beoordelingsproces tot een afdronk komt van eventuele materiële tekortkomingen. Dit geeft fondsen tijdig duidelijkheid over hun invaarmelding en vermindert het risico dat onder hoge druk besluiten genomen moeten worden. Daarnaast zal DNB strakker gaan sturen op tijdslijnen om alle meldingen tijdig te kunnen behandelen en om bij te dragen aan een betere spreiding van werkzaamheden in de sector.
Tegelijkertijd doet DNB een beroep op pensioenfondsen om onderdelen waarvoor al uitgebreide guidance beschikbaar is zoveel mogelijk zelfstandig op orde te brengen. Een voorbeeld hiervan is de plausibiliteit van de berekeningen bij een fonds dat weinig bijzonderheden kent. Op onderwerpen waar DNB en de sector nog lerende zijn, zoals het aanscherpen van transitiedoelstellingen en de onderbouwing van de evenwichtigheid, blijft intensief overleg met DNB mogelijk.
DNB start in tweede kwartaal met de thematische opvolging van bevindingen van de fondsen die op 1 januari 2026 ingevaren zijn
Het merendeel van de ingevaren fondsen heeft een toezichtbrief ontvangen met daarin bevindingen die na invaren opgelost moeten worden. Dit kunnen bijvoorbeeld bevindingen betreffen op het vlak van de risicohouding of de inrichting van het contract. Door de opvolging van bevindingen thematisch op te pakken, ontstaat een breder beeld van hoe fondsen vergelijkbare bevindingen adresseren en borgt DNB een consistente beoordeling van de opvolging van deze bevindingen. Daarbij zet DNB met deze aanpak haar beperkte capaciteit efficiënt in.
De figuur hieronder laat zien welk type bevindingen DNB onderscheidt en bij welk deel van de ingevaren fondsen deze voorkomen.