Verouderde browser

U gebruikt een verouderde browser. DNB.nl werkt het beste met:

14 september 2021 Algemeen
C. Lagarde

De Europese Centrale Bank (ECB) gaat de analyses voor monetaire besluiten vernieuwen en verbreden. Binnen het nieuwe analytische raamwerk zullen de economische en monetaire analyses meer in samenhang worden gebruikt, en zal meer aandacht zijn voor langetermijnontwikkelingen en financiële stabiliteit. Ook worden de baten en kosten van beleidsmaatregelen nadrukkelijker afgewogen.

Voor weloverwogen monetaire besluiten is een goed beeld van de economische omstandigheden en vooruitzichten nodig. Daarom analyseert de ECB informatie over hoe de economie zich zal ontwikkelen. Om deze informatie systematisch te beoordelen, blinde vlekken te voorkomen, en consistent over deze informatie te communiceren maakt de ECB gebruik van een zogenaamd ‘analytisch raamwerk’.

Dit raamwerk bestond sinds 2003 uit twee delen: de economische en de monetaire analyse. In de economische analyse werd informatie over onder meer groei en inflatie gebundeld, terwijl in de monetaire analyse onder andere naar kredietverlening en geldgroei werd gekeken. Die twee analyses vormen tezamen een basis voor monetaire besluitvorming door de ECB.

De strategieherziening was een natuurlijk moment om het raamwerk te herzien, en zowel eerdere aanpassingen te formaliseren als nieuwe elementen toe te voegen. Hoewel de nieuwe analyses nieuwe inzichten kunnen opleveren, verwacht de Raad van Bestuur dat de nieuwe analyses niet meteen tot een ander monetair beleid leiden. Dit kan in de toekomst veranderen.

Verdere integratie en verbreding van het analytische raamwerk

Traditioneel werden de twee analyses binnen het raamwerk onafhankelijk van elkaar voorbereid. De Raad van Bestuur ontving twee brokken informatie, en moest ze - in theorie - zelf bij elkaar leggen om tot een eindoordeel te komen. Mede door de financiële crisis is duidelijk geworden dat de analyses in samenhang moeten worden gezien. Werkgelegenheid en groei hangen ook samen met bijvoorbeeld kredietverlening. Daarom vervalt de strakke scheiding tussen de twee analyses en ontstaat meer aandacht voor de wisselwerking tussen deze twee kanten van de economie.

In de praktijk werd er in de monetaire analyse niet alleen naar monetaire variabelen – zoals geldgroei en kredietgroei – maar ook al naar financiële variabelen gekeken. Monetair beleid beïnvloedt tenslotte niet alleen kredietverlening en geldgroei, maar ook financiële markten. Dit geldt des te meer voor instrumenten zoals de aankoopprogramma’s. Om dit soort beleidsmaatregelen doeltreffend te laten zijn, is goed zicht op de financiële markten nodig. De ECB heeft mede daarom besloten de ‘monetaire analyse’ formeel te verbreden tot een ‘monetair-financiële analyse’ (figuur 1).

Figuur 1: schematisch overzicht van het nieuwe analytisch raamwerk

Figuur 1: schematisch overzicht van het nieuwe analytisch raamwerk

Meer aandacht voor langetermijnontwikkelingen en financiële stabiliteit

Veranderingen zoals globalisering, digitalisering, en vergrijzing beïnvloeden hoe de economie werkt. Zo draagt globalisering eraan bij dat inflatie lager ligt dan in het verleden, mede doordat productie in toenemende mate plaatsvindt in landen waar productiekosten lager liggen. Daarnaast heeft vergrijzing, doordat meer mensen sparen, ervoor gezorgd dat de rente waarbij de economie in evenwicht is, lager ligt.

In het herijkte analytische raamwerk wordt daarom expliciet plaats gemaakt voor analyses gericht op de langere termijn. Deze analyses moeten bijdragen aan hoe de ECB het beste prijsstabiliteit op de middellange termijn weet te realiseren.

De financiële crisis heeft daarnaast laten zien dat de stabiliteit van het financiële stelsel een noodzakelijke voorwaarde is voor prijsstabiliteit. Er is daarom besloten om financiële stabiliteitsindicatoren als nieuw element op te nemen in de monetair-financiële analyse, in aanvulling op de eerdere uitbreiding met financiële variabelen. Een duidelijke innovatie.

Macroprudentieel beleid, samen met betrouwbaar toezicht, blijft daarbij de eerste verdedigingslinie tegen de opbouw van financiële onevenwichtigheden. Monetair beleid kan alleen financiële stabiliteit meewegen voor zover het een impact heeft op monetaire instrumenten en op inflatie.

Explicietere weging van neveneffecten en proportionaliteit

Beleidsmakers wegen bij het maken van beslissingen de baten af tegen de mogelijke neveneffecten. Dit is nog belangrijker geworden nu de ECB – in reactie op de lage inflatie en het naderen van de ondergrens op de rente – over meerdere beleidsinstrumenten beschikt, waaronder in het bijzonder de aankoopprogramma’s. In het herijkte raamwerk wordt explicieter gekeken of er voor het behalen van het inflatiedoel mogelijkheden bestaan die tot minder neveneffecten leiden. De analyses van langetermijnontwikkelingen en financiële stabiliteit spelen hierin ook een rol. Zij ondersteunen de zoektocht naar andere combinaties van monetaire instrumenten die mogelijk bijdragen aan kleinere risico’s voor de financiële stabiliteit, maar even doeltreffend zijn. Ook zal meer aandacht zijn voor de mogelijkheid dat de voor- en nadelen van bepaalde beleidsinstrumenten veranderen over de tijd.

Bij elke beslissing over het monetaire beleid staat de Raad van Bestuur voortaan explicieter stil bij de proportionaliteit van de genomen maatregelen. De rol van proportionaliteit – waarvoor altijd al aandacht was – wordt hiermee geformaliseerd. Dit betekent dan ook niet dat het monetaire roer opeens omgaat, maar wel dat de Raad van Bestuur vaker en nadrukkelijker over proportionaliteit zal communiceren. Bijvoorbeeld als reden om bepaalde instrumenten meer en andere minder te gebruiken, het ontwerp van instrumenten aan te passen, of langer of korter de tijd te nemen om het inflatiedoel te bereiken.

Dit artikel vormt het derde in een korte reeks DNBulletins over de strategieherziening van de ECB. Eerder verscheen een bulletin over de inflatiedoelstelling en een bulletin over de inflatiemaatstaf. Het laatste bulletin in deze serie staat stil bij de rol van klimaat en duurzaamheid in het monetaire beleid.