De economische gevolgen zijn nu al voelbaar. Een vat ruwe Noordzee-olie (‘Brent crude’) kostte eind mei ongeveer 80% meer dan begin dit jaar. De Nederlandse economie is, net als die van veel andere westerse landen, kwetsbaar voor hoge olieprijzen door de afhankelijkheid van geïmporteerde energie. Dure energie kan de inflatie opjagen en de economie vertragen.
Straat van Hormuz onzekere factor
Accuraat inschatten wat de gevolgen van de gestegen energieprijzen op onze economie in 2026 zullen zijn blijft desalniettemin niet eenvoudig. Er zijn veel variabelen om rekening mee te houden. De duur en de intensiteit van het conflict in de Straat van Hormuz zijn belangrijke factoren.
Als de VS en Iran morgen een staakt-het-vuren zouden overeenkomen, zullen de Golfstaten hun havens en energie-infrastructuur rustig kunnen herstellen en zal de olie- en gasaanvoer weer op gang komen. Omdat de infrastructuur in veel gevallen verwoest is, zal het probleem niet in één dag zijn opgelost. Er blijven tekorten, maar er is dan ook zicht op verbetering.
Als de vijandigheden aanhouden groeien de tekorten en blijft het onzeker wanneer daar een eind aan komt. In die situatie bevinden we ons op het moment van schrijven.
Stresstest
Om te kunnen inschatten of de grootste Nederlandse banken hiertegen bestand zijn, voerde DNB een stresstest uit. Aanhoudend hoge olieprijzen kunnen leiden tot een economische terugval. DNB heeft eerder al berekend dat de prijzen van producten dan stijgen, de werkloosheid toeneemt en de Nederlandse economie in 2027 met 1% kan krimpen.
Voor de banken betekent dit concreet dat zij in zo’n klimaat op lagere inkomsten en meer verliezen moeten rekenen. De vraag naar nieuwe leningen waar banken aan kunnen verdienen neemt af. En als consumenten en bedrijven door de gestegen energieprijzen in de problemen komen en hun leningen niet meer kunnen terugbetalen, is ook dat iets wat banken kan raken.
Financieel gezond, sterke buffers
Het scenario is hypothetisch, maar zelfs als het werkelijkheid wordt zal het de bankensector niet in gevaar brengen. Dat is een van de geruststellende uitkomsten van de stresstest. De winsten vallen in dit pessimistische economische toekomstbeeld weliswaar terug, maar omdat de banken momenteel financieel gezond zijn en sterke buffers hebben aangelegd, kunnen ze de klappen goed absorberen.
Een economische klap van deze omvang heeft ook gevolgen voor financiële instellingen zoals verzekeraars en pensioenfondsen. Beleggingen kunnen bijvoorbeeld in waarde dalen, al dan niet als gevolg van kredietverlies als er meer bedrijven failliet gaan. Maar omdat ook deze instellingen stevige buffers hebben kunnen ook zij tegen het stootje.
Lenen nu al duurder
De hogere energieprijzen hebben al gevolgen voor de economie van nu. Beleggers willen bijvoorbeeld een hogere vergoeding (rente) hebben op staatsobligaties. Dit heeft te maken met de inflatieverwachting. Inflatie holt de waarde van een obligaties uit. Als de inflatie naar verwachting toeneemt, willen beleggers daarvoor gecompenseerd worden.
Voor overheden, vooral die met hoge schulden, betekent dit concreet dat leenkosten zijn gestegen. Voor Nederland blijft de toename vooralsnog beperkt: ongeveer 3,3% op tienjaarsleningen, tegen 2,7% vóór de escalatie in het Midden Oosten. Als het voor overheden duurder wordt om te lenen, wordt krediet vanzelf ook voor bedrijven en consumenten duurder. Dat heeft een vertragend effect op de hele economie.
AI-euforie op de beurs
Ondanks de grote onzekerheid en oplopende rentes presteren aandelenmarkten opvallend goed. Bedrijven zijn hoog gewaardeerd en de koersen van toonaangevende indices zoals de Europese Stoxx 600-index of de Amerikaanse S&P 500 staan op recordhoogtes of komen daar dicht in de buurt.
De huidige hoge bedrijfswaarderingen zijn voor een belangrijk deel terug te voeren op AI. Het zijn vooral technologiebedrijven die populair zijn bij beleggers, vanwege hun hoge winstgevendheid en de verwachting dat deze winsten in de komende jaren verder blijven stijgen.
Het is geen uitgemaakte zaak dat bedrijven de winstprognoses waar kunnen maken, zeker niet omdat er nu volop in AI-infrastructuur wordt geïnvesteerd. Of beursgenoteerde bedrijven daarmee uiteindelijk de hoge aandelenkoersen kunnen rechtvaardigen is dus ook nog maar de vraag.
Zeker is dat beleggers met de huidige prijzen veel kunnen verliezen als de stemming op de aandelenmarkten omslaat. Met het oog op de gespannen wereldsituatie, het economisch klimaat en een mogelijk stijgend rente- en inflatiepeil, is dit iets om alert op te zijn.
Cybersabotage en criminaliteit
De ontwikkelingen op AI-gebied hebben ook gevolgen voor de digitale veiligheid. De al langer lopende wapenwedloop tussen cybercriminelen en –beveiligers, is met de komst van AI alleen maar verder geïntensiveerd.
Mede dankzij AI moeten cyberbeveiligers onder steeds grotere tijdsdruk werken om bedrijven, overheidsinstellingen en kritieke infrastructuur zoals telecom en elektriciteitsvoorzieningen te beschermen tegen aanvallen en inbraken.
Op het vlak van digitale veiligheid verdient de Europese verordening voor digit ale weerbaarheid (DORA) een speciale vermelding. Deze verplicht financiële instellingen om hun IT-risicobeheer robuust in te richten, IT-incidenten te melden bij toezichthouders, het periodiek testen van de digitale weerbaarheid en het treffen van passende herstelmaatregelen bij verstoringen.
Ook DNB zelf moet er als toezichthouder en centrale bank voor zorgen dat zij haar veiligheid op orde heeft. DNB voert daarom ook binnen haar eigen muren tests uit om te zien hoe goed zij bestand is tegen een zware cyberaanval, en om te analyseren wat de gevolgen kunnen zijn als de beveiliging geen standhoudt.
Blijven samenwerken
De internationale spanningen werken een gezamenlijke aanpak van financiële stabiliteitsrisico’s bepaald niet in de hand. Internationale samenwerking heeft waar mogelijk prioriteit op dit moment. Dat geldt voor alle niveaus: van toezichthouders tot bedrijven tot politici en beleidsmakers. Alleen op die manier kunnen we de dreigingen die de wereldeconomie en onze welvaart op dit moment onder druk zetten het hoofd bieden.