Elke betaalinstelling moet een exitplan hebben om tijdig te kunnen anticiperen op eventuele beëindiging of overdracht van de betaaldienstactiviteiten of van de onderneming. Het doel daarvan is dat, indien afwikkeling zich daadwerkelijk voordoet, de geldmiddelen beheerst en met zo min mogelijk nadelige gevolgen voor de betaaldienstgebruikers en andere rechthebbenden kunnen worden uitbetaald of doorbetaald. Omdat er de laatste jaren veel nieuwe betaalinstellingen zijn bijgekomen is de afgelopen maanden een review uitgevoerd van de exit-plannen van een selectie van instellingen. Dat leverde de volgende aandachtspunten op.
Een up-to-date exitplan
Het is belangrijk dat elke instelling haar exit-plan regelmatig update en dat plan ook uploadt in MijnDNB. Op deze manier is er op het moment dat het onverhoopt nodig blijkt te zijn, bij zowel DNB als de instelling een actueel exit plan beschikbaar.
Zorg voor een realistische planning
Onderdeel van het afwikkelen is de teruggave van bewaarde klanttegoeden aan alle klanten. Dit kan de nodige tijd in beslag nemen, met name wanneer sprake is van betaalblokkades of minder actieve klanten. In het eerste geval wordt de toegang tot een betaalrekening tijdelijk of volledig stopgezet omdat er bijvoorbeeld een vermoeden van fraude of witwassen is of wanneer er sprake is van een onjuist factuuradres. In het tweede geval wijst de praktijk uit dat instellingen meer tijd nodig hebben dan initieel ingeschat. Een vergunning kan echter pas worden ingeleverd wanneer alle klanttegoeden zijn uitbetaald.
Houdt rekening met afhankelijkheid van andere partijen
Afhankelijkheden van groepsentiteiten en/of derde partijen worden vaak niet meegenomen in een exit-plan. In alle scenario's zou rekening gehouden moeten worden met deze afhankelijkheden. Eventuele problemen bij deze partijen kunnen namelijk in verschillende mate van invloed zijn op de Nederlandse entiteit, met name als de afwikkelingsprocessen afhankelijk zijn van uitbestede diensten. Dit dient te worden meegenomen als factor en/of trigger, maar ook in de scenario's. Aan de andere kant kan het zo zijn dat een instelling tijdens een afwikkeling meer tijd of meer hulp van deze andere partijen nodig heeft dan in eerste instantie verwacht, of dan eerder was afgesproken. Of hier dan ruimte voor is, is iets wat instellingen nu al met deze andere partijen moeten bespreken en vastleggen.
Exit scenario’s
De meeste instellingen noemen een verkoop of een ordentelijke afwikkeling als exit scenario. Een ongepland faillissement of onverwachte forse financiële problemen (bij de moeder) lijkt echter niet altijd in de scenarioplanning te worden overwogen, terwijl zo'n situatie vaak een snel te implementeren actieplan en voldoende liquiditeit vergt. Tevens is het belangrijk dat de exit scenario's duidelijk zijn: in het geval van een verkoop is het niet altijd evident of het een verkoop van de hele instelling betreft of van delen van de instelling en/of klantenportfolio's.
Kosten exit
Gedurende een afwikkeling moeten niet alleen kosten worden gemaakt voor de afwikkeling zelf maar ook voor het continueren van betaaldiensten tijdens de afwikkeling. Daarnaast moet een instelling totdat een vergunning is ingeleverd altijd blijven voldoen aan de minimum kapitaalvereisten. Het is dus belangrijk dat een instelling voldoende financiële middelen heeft om hieraan te kunnen voldoen.
Open Boek Toezicht
Naar aanleiding van de uitgevoerde review is de toelichting op Open Boek Toezicht op onderdelen aangepast.