Verouderde browser

U gebruikt een verouderde browser. DNB.nl werkt het beste met:

28 oktober 2021 Algemeen
Een goed gevulde vitrine in een bakkerij

Banken beoordelen de kredietkwaliteit van Nederlandse bedrijven over het algemeen niet lager dan voor de coronacrisis.  In het merendeel van de hardst getroffen sectoren zijn de niet-presterende leningen (NPL) na uitbraak van COVID19 wel duidelijk opgelopen. Deze sectoren vormen echter maar een beperkt aandeel in de totale kredietportefeuille van banken, waardoor de gemiddelde NPL-ratio niet gestegen is. Omdat het aantal faillissementen met het aflopen van de steunmaatregelen nog kan toenemen, is het belangrijk dat banken en overheden de ontwikkelingen nauwlettend blijven volgen.

Zeer laag niveau faillissementen

Het historisch lage aantal faillissementen – inmiddels het laagste in meer dan 30 jaar - sinds de uitbraak van de coronacrisis druist in tegen de aanvankelijke verwachtingen. In Nederland hebben de omvangrijke steunmaatregelen hierbij een belangrijke rol gespeeld. Het kabinet heeft de generieke steunmaatregelen per 1 oktober stopgezet. Een belangrijke vraag is of dit alsnog zal leiden tot een toename van het aantal faillissementen.

Kredietwaardigheid bedrijven

Om deze vraag te beantwoorden kijken wij naar de beoordeling die Nederlandse banken geven aan de kredietwaardigheid van bedrijven. Figuur 1 geeft het aandeel weer van de niet-presterende leningen (NPL-ratio) in de totale kredietverlening van Nederlandse banken aan Nederlandse en buitenlandse niet-financiële ondernemingen. Voor Nederlandse ondernemingen is sinds 2016 een neerwaartse trend zichtbaar. De NPL-ratio zette zijn daling ondanks de COVID19 uitbraak voort en is inmiddels gedaald tot onder de 5%, waar deze in 2019K4 nog 5,6% was. De coronacrisis heeft wel geleid tot een toename in de NPL-ratio voor leningen aan buitenlandse ondernemingen: in de eerste twee kwartalen van 2020 steeg deze NPL-ratio met ongeveer 1 procentpunt. Sindsdien laat het aandeel weer een dalende trend zien. Ook andere bancaire data, zoals de gemiddelde kans op wanbetaling en het volume van leningen met korte betalingsachterstanden, duiden vooralsnog op een zeer beperkte verslechtering van de kredietkwaliteit ten opzichte van voor de crisis. In vergelijking met voor de crisis hebben banken wel een hoger aandeel van hun totale leningen aangemerkt als leningen met een verhoogd kredietrisico, waarvoor zij hogere voorzieningen aanhouden om eventuele verliezen op te vangen.

Figuur 1. Ontwikkeling NPL-ratio van kredieten aan Nederlandse en buitenlandse

Verschillen kredietwaardigheid tussen sectoren

Op sectorniveau is het beeld iets genuanceerder, omdat enkele sectoren door de crisis bijzonder hard zijn getroffen. Figuur 2 toont het beloop van de NPL-ratio’s van drie van de hardst getroffen sectoren (Economische Ontwikkelingen en Vooruitzichten, 2021) samen met de overige sectoren. In de sectoren “horeca”, “ondersteunende diensten” (o.a. leasing, arbeidsbemiddeling en reisbureaus) en “cultuur, sport en recreatie” is een duidelijke toename van de NPL-ratio te zien ten opzichte van 2019K4. De NPL-ratio in deze sectoren loopt gemiddeld op met 2 procentpunten, een toename van grofweg 30 tot 40 procent. Deze toename heeft zich inmiddels wel gestabiliseerd. Dit niveau van niet-presterende leningen is overigens ook in deze sectoren niet uitzonderlijk hoog: voor alle drie de sectoren geldt dat de NPL-ratio’s in 2016 hoger waren.

Figuur 2. Ontwikkeling NPL-ratio per sector, Nederlandse bedrijven

Situatie kan verslechteren

De beperkte toename in de NPL-ratio’s in de kredietportefeuilles van Nederlandse banken wil niet zeggen dat een toekomstige toename van NPL’s of faillissementen uitgesloten is. Ten eerste worden niet-presterende leningen met enige vertraging geregistreerd. Daarnaast is het belangrijk om af te wachten wat er gebeurt nu de steunmaatregelen van de overheid definitief zijn stopgezet. Dit is mogelijk ook het moment waarop niet-bancaire kredietverstrekkers zullen eisen dat reguliere (en mogelijk door uitstel opgelopen) schuldenaflossing weer wordt hervat. Mogelijk nemen faillissementen als gevolg hiervan toe. Er is vooralsnog geen aanleiding om aan te nemen dat er een grote golf aan faillissementen zal ontstaan  aan de andere kant ligt het in ieder geval voor de hand dat het aantal faillissementen over enige tijd weer zal terug bewegen naar het langjarige gemiddelde.

Het is daarom belangrijk dat banken een prudent voorzieningenbeleid voeren, de kredietkwaliteit goed blijven monitoren, betalingsproblemen van klanten op tijd erkennen en eventuele schuldenproblemen doeltreffend aanpakken. Vanwege het verleende uitstel van belastingbetaling is de overheid zelf ook een belangrijke crediteur geworden van het bedrijfsleven (eind september stond €19,7 miljard aan belastinguitstel open). Daarom is het goed dat de overheid recent haar eigen opstelling kenbaar heeft gemaakt bij minnelijke processen.