Waarom de ECB de rente ongewijzigd op 2% laat

Achtergrond

De Europese Centrale Bank (ECB) heeft de rente in februari opnieuw op 2% gehouden. Daarmee blijft de rente al vijf vergaderingen op rij stabiel. De ECB kiest hiervoor omdat de inflatie stabiliseert rond het doel van 2%, terwijl de economie gestaag groeit maar nog steeds met onzekerheden te maken heeft. In zo'n situatie past een stabiel rentebeleid het best.  

Gepubliceerd: 11 februari 2026

Weekmarkt

Inflatie beweegt richting het doel

De inflatie blijft zich dicht bij het doel van 2% bewegen. Energie is goedkoper geworden en voedselprijzen stijgen minder snel. De kerninflatie – zonder de vaak sterk fluctuerende prijzen van energie en voedsel – daalt al langere tijd en nadert de 2%. Alleen de prijzen van diensten stijgen nog wat sneller dan gewenst, maar ook daar zien we de loonstijgingen afnemen. De ECB verwacht dat de onderliggende prijsdruk in de loop van 2026 verder afneemt. 

De economie kabbelt voort

De economie van het eurogebied groeit gestaag. In het vierde kwartaal van 2025 groeide de economie met 0,3%, en ook de eerste indicatoren voor 2026 zijn bemoedigend. Bedrijven zien de vraag en productie aantrekken – waarbij de dienstensector beter blijft presteren dan de industrie – en veel bedrijven investeren in AI en andere technologieën. Ook lage werkloosheid, de geleidelijke toename van overheidsinvesteringen in defensie en infrastructuur en de steun van eerdere renteverlagingen dragen bij aan de economische groei.

Maar vooruitzichten blijven onzeker

Tegelijkertijd blijven de vooruitzichten onzeker. Het eurogebied wordt nog steeds geconfronteerd met een grillige mondiale omgeving. Schommelingen in het vertrouwen op financiële markten, geopolitieke spanningen en verstoringen in de wereldhandel kunnen de groei afremmen. Daartegenover staan hogere investeringen in defensie en infrastructuur en verdere Europese marktintegratie die de economie juist kunnen versterken. Ook rond inflatie zijn de risico’s tweezijdig. Een zwakkere vraag, goedkope importgoederen uit China en een sterkere euro de inflatie drukken, terwijl hogere energieprijzen – bijvoorbeeld door oplopende spanningen in het Midden Oosten –, verstoringen in aanbodketens of extreme weersomstandigheden de inflatie juist kunnen opstuwen. Die combinatie van factoren maakt dat een stabiel monetair beleid op dit moment passend is. 

Hoe de stabiele rente merkbaar is voor bedrijven en huishoudens

Wanneer de ECB de beleidsrente aanpast, reageren financiële markten doorgaans direct: kortetermijnrentes bewegen mee met de beleidsrente, terwijl lange rentes vooral worden bepaald door verwachtingen over toekomstig beleid. Op dit moment staat de beleidsrente, na een serie verlagingen in 2024-2025, al enige tijd stabiel op 2%. Dit is een niveau dat de economie niet stimuleert, maar ook niet afremt. Daardoor bewegen ook marktrentes relatief rustig.

Deze rentes werken met enige vertraging door naar de rentes die huishoudens en bedrijven betalen. Hypotheek- en bedrijfsrentes zijn sinds de piek van 2023 gedaald en sinds de zomer relatief stabiel. De gemiddelde leenrente voor bedrijven lag eind vorig jaar op 3,6%, ruim 1,7 procentpunt lager dan de piek. De rente die huishoudens betalen voor het afsluiten van een hypotheek bleef in december gelijk op 3,3%, zo’n 0,7 procentpunt lager dan de piek in 2023.

Opvallend is dat het verschil tussen de rente op leningen aan huishoudens en bedrijven veel kleiner is geworden: van 1,4 procentpunt in maart 2024 naar ongeveer 0,2 procentpunt nu. Dat verschil wordt vooral verklaard door de manier waarop huishoudens lenen. Veel hypotheken kennen lange rentevaste perioden, waardoor ze minder gevoelig zijn voor schommelingen van korte rentes. Bedrijven lenen daarentegen vaker tegen kortere looptijden, waardoor hun rentes juist sterker reageren op het actuele monetair beleid. Daardoor zien we bedrijfsrentes veel sneller dalen als de beleidsrente wordt verlaagd.

Voorzichtig herstel in kredietverlening

Bedrijven profiteren van de lagere financieringskosten. Dit zou normaal gesproken een impuls moeten geven aan hun investeringsplannen. Uit de meest recente Bank Lending Survey (BLS) van de ECB – waarin banken rapporteren over hun kredietverlening – blijkt echter dat de lichte stijging in de vraag naar bedrijfsleningen in de afgelopen drie kwartalen vooral samenhangt met de financiering van voorraden en werkkapitaal, en minder met investeringen. Tegelijkertijd hebben banken hun kredietvoorwaarden voor bedrijven juist wat aangescherpt vanwege hogere risico’s in de economische vooruitzichten en een afnemende bereidheid om risico’s te nemen. Die voorzichtigheid van banken geldt deels, maar zeker niet uitsluitend, voor bedrijven die direct te maken hebben met onzekerheid rond veranderingen in het handelsbeleid.

De vraag naar hypotheken stijgt al sinds begin 2024, volgens banken vooral dankzij de lagere rente en een verbeterd sentiment op de woningmarkt. Omdat rentes nu al een tijd stabiel zijn, dooft deze impuls uit.

Waarom de ECB nu voor stabiliteit kiest

Al met al laten deze ontwikkelingen zien dat het huidige renteniveau goed aansluit bij de omstandigheden: het ondersteunt de inflatie richting het doel en het geleidelijke herstel van de economie, en zorgt bovendien voor stabiele leen- en spaarrentes voor huishoudens en bedrijven. Tegelijkertijd blijft de economische en geopolitieke onzekerheid in de wereld groot, wat ook gevolgen kan hebben voor de inflatie. De ECB houdt daarom ruimte om, wanneer nodig, op nieuwe ontwikkelingen te reageren.

Ontdek gerelateerde artikelen