Waarschuwing: oplichters actief! Oplichters bellen u op met een telefoonnummer van DNB en zeggen dat ze bij DNB werken. Wij bellen u nooit. Ga hier nooit op in. Lees meer

Inleiding Olaf Sleijpen bij gesprek in Tweede Kamer over risico’s voor het financiële stelsel

Speech
‘Internationale samenwerking is essentieel, zowel voor de digitale als financiële weerbaarheid van het financiële systeem.’ Dat zei Olaf Sleijpen op 2 juni in de Tweede Kamer tijdens het jaarlijkse openbaar gesprek over macro-economische risico's voor het financiële stelsel. 

 

Gepubliceerd: 02 juni 2026

16X9 Olaf Sleijpen2

Bedankt voorzitter en dank ook aan de Kamerleden voor de uitnodiging. Samen met mijn collega’s van het CPB en de AFM bespreek ik graag de belangrijkste risico’s voor het financiële stelsel met u. Ik doe dat op basis van het Overzicht Financiële Stabiliteit van De Nederlandsche Bank, dat u eerder al heeft ontvangen.
Ik wil in mijn introductie specifiek ingaan op de belangrijkste risico’s voor de Nederlandse financiële stabiliteit. Daarbij deel ik ook graag enkele aanbevelingen waarmee het financiële stelsel verder versterkt kan worden.

In algemene zin blijven de risico’s voor het Nederlandse financiële stelsel hoog. Dat komt door de aanhoudende politieke en economische onzekerheid. In de afgelopen jaren hebben schokken elkaar in hoog tempo opgevolgd, en daar is dit jaar het conflict in het Midden-Oosten bij gekomen. Zodoende blijft mijn eerdere waarschuwing van “code oranje” voor de financiële stabiliteit van kracht.

Op korte termijn zien wij drie belangrijke risico’s voor de Nederlandse financiële stabiliteit, namelijk geopolitieke spanningen, een verhoogde cyberdreiging, en een grotere kans op een prijscorrectie op financiële markten. Deze risico’s hangen in sterke mate met elkaar samen en kunnen ook gevolgen hebben voor de schuldhoudbaarheid van overheden. Tegen die achtergrond heb ik vorige week in de media aangegeven dat deze risico’s potentieel een “giftige cocktail” voor de financiële stabiliteit vormen.

Deze “giftige cocktail” kan zich op verschillende manieren manifesteren. Zo kan een aanhoudend conflict in het Midden-Oosten correcties op financiële markten versterken. Bijvoorbeeld omdat marktpartijen – die lijken te anticiperen op een snelle oplossing van het conflict – hun inflatie- en groeiverwachtingen moeten bijstellen.

Van de drie eerdergenoemde risico’s maak ik me op dit moment het meest zorgen om het risico op cyberaanvallen.

De cyberdreiging is namelijk toegenomen door nieuwe vormen van kunstmatige intelligentie. Deze zogenaamde “frontier” AI-modellen zijn zo snel en slim dat zij zelf autonoom cyberaanvallen kunnen uitvoeren omdat ze de zwakke plekken in de beveiliging in slechts enkele minuten hebben gevonden. Bovendien zijn deze nieuwe AI-modellen beter in staat om kwetsbaarheden zelfstandig uit te buiten en stellen zij daarmee een grotere groep kwaadwillenden in staat om geavanceerde aanvallen uit te voeren. Dit vergroot de noodzaak om cyberkwetsbaarheden sneller op te lossen.

Voor financiële instellingen draait het om het versterken van de digitale weerbaarheid langs drie lijnen: voorkomen, voorzien en versterken.

Dat betekent: de basis op orde brengen met goed zicht op mogelijke kwetsbaarheden; vooruitkijken via scenario-analyses en testen, liefst met geavanceerde AI-modellen; en het versterken en versnellen van herstelmogelijkheden, onder meer door capaciteit om software te beveiligen (patchen) uit te breiden. Ook goede uitwijkmogelijkheden en “recovery” van geïnfecteerde systemen worden belangrijker.
Het is echter niet alleen kommer en kwel, en we moeten de risico’s ook in perspectief plaatsen. Dankzij de stevige buffers heeft het Nederlandse financiële stelsel de afgelopen jaren bijvoorbeeld laten zien schokken te kunnen opvangen. Stevige buffers kunnen dan ook gezien worden als een soort “tegengif” voor de “giftige cocktail” die ik eerder noemde.

Wel is actie nodig om de weerbaarheid verder te versterken. Zowel van financiële instellingen als van beleidsmakers zoals uzelf. Ik wil dan ook graag twee aanbevelingen voor beleidsmakers uitlichten.
Ten eerste is internationale samenwerking essentieel, zowel voor de digitale als financiële weerbaarheid van het financiële systeem. Voor de digitale weerbaarheid is een gecoördineerde Europese aanpak belangrijk om de risico’s van frontier AI-modellen een grensoverschrijdend karakter kennen.

Daarnaast is het van belang dat de EU inzet op de verdere ontwikkeling van eigen generatieve AI-modellen die onze weerbaarheid en groeipotentieel kunnen vergroten. Gelukkig lopen ook al Europese initiatieven op dit vlak.

InvestAI is bijvoorbeeld een mooi voorbeeld waarbij sterk wordt ingezet op de opbouw van Europese AI-infrastructuur en rekencapaciteit.

Ook het versterken van de financiële weerbaarheid vraagt om verdere Europese samenwerking. In een wereld met hoge economische onzekerheid vormt de Europese interne markt namelijk een belangrijke buffer tegen schokken. Dit vraagt onder meer om een sterkere interne markt en diepere Europese kapitaalmarkten.

Daarnaast is een solide en consistent macroprudentieel raamwerk dat de financiële weerbaarheid borgt belangrijk. Op onderdelen zien we ruimte om dat raamwerk te vereenvoudigen, zolang de weerbaarheid van het bankwezen maar op peil blijft. Tegelijkertijd neemt de druk op deregulering toe en daarmee het risico dat de financiële weerbaarheid in het geding komt. Het is echter cruciaal dat banken voldoende kapitaal aanhouden, juist in deze hoogst onzekere tijden, zodat buffers kunnen worden aangesproken wanneer risico’s zich materialiseren.

Ten tweede is het in eigen land belangrijk om de nadruk te leggen op houdbare overheidsfinanciën. Hoewel de schuldpositie van de Nederlandse overheid nog relatief laag is, zien we de budgettaire positie verslechteren. Zonder bijsturing zal deze naar verwachting verder onder druk komen te staan. Daarmee neemt ook de begrotingsruimte af om economische schokken op te vangen. Juist in een periode van hoge economische onzekerheid is het essentieel om buffers te behouden. Dat betekent dat het niet volstaat om alleen te sturen op de Europese 3%-norm.

Ook baart het mij zorgen dat overheidsschulden wereldwijd snel toenemen. Dat kan namelijk ook de beleidsruimte van centrale banken onder druk zetten. Als renteverhogingen zorgen oproepen over schuldhoudbaarheid en onrust creëren op financiële markten, wordt het lastiger om inflatie effectief te bestrijden. Juist daarom is het belangrijk dat we nu bijsturen en de overheidsfinanciën gezond houden. In Nederland, maar ook in andere Europese landen, met name waar tekorten en schulden oplopen.

Dit vraagt om het maken van scherpe keuzes, ook in Nederland. Eventuele nieuwe uitgaven of het schrappen van maatregelen zullen gepaard moeten gaan met financiële dekking elders. Ook is het belangrijk dat die keuzes de economische weerbaarheid en de schuldhoudbaarheid niet ondergraven.
Tegelijkertijd is de uitgangspositie goed en is de begrotingsopgave in historisch perspectief vooralsnog niet uitzonderlijk hoog. Daarmee is er een goede basis om de weerbaarheid op peil te houden.

Hiermee eindig ik mijn inleiding.

Ontdek gerelateerde artikelen