Vanwege het verhoogde systeemrisico in de Nederlandse huizenmarkt heeft DNB een minimumvloer bepaald voor de gemiddelde risicoweging van de Nederlandse hypothecaire leningenportefeuilles van banken die interne modellen gebruiken. DNB maakt daarmee gebruik van haar bevoegdheid op basis van artikel 458 van de verordening kapitaalvereisten (CRR3). Deze zogenoemde 458-maatregel is vastgelegd in de Regeling risicoweging hypothecaire leningen 2022 en is tweemaal verlengd, voor het laatst in 2024. De huidige maatregel loopt tot en met 30 november 2026.
Systeemrisico’s huizenmarkt
DNB heeft de 458-maatregel geëvalueerd en is tot de conclusie gekomen dat een verlenging van de maatregel momenteel niet passend is. Naar onze inschatting zijn de systeemrisico’s in de Nederlandse huizenmarkt, hoewel nog steeds aanwezig, de laatste jaren geleidelijk afgenomen (zie ook het DNB-AFM leennormenrapport voor meer informatie over de huizenmarkt). Daar komt bij dat Nederlandse banken minder kwetsbaar zijn voor een huizenmarktcorrectie. Op dit moment verwacht DNB dat banken ook zonder deze maatregel voldoende weerbaar blijven als systeemrisico’s in de huizenmarkt zouden materialiseren.
Weerbaarheid banken
Tegelijkertijd benadrukt de beëindiging van de 458-maatregel het belang van de andere macroprudentiële instrumenten om de weerbaarheid van Nederlandse banken tegen systeemrisico’s op peil te houden. Dit geldt in het bijzonder voor de huidige contracyclische kapitaalbuffer (CCyB) van 2%. DNB blijft daarnaast het systeemrisico in de huizenmarkt en de risicogewichten van banken op hun hypotheekportefeuille nauwlettend in de gaten houden en zal indien nodig aanvullende maatregelen treffen.