Verouderde browser

U gebruikt een verouderde browser. DNB.nl werkt het beste met:

20 december 2021 Algemeen Toezichtlabel Economische Ontwikkelingen en Vooruitzichten
Sorteercentrum voor pakketten

In de halfjaarlijkse Economische Ontwikkelingen en Vooruitzichten staan de voorspellingen van DNB voor de Nederlandse economie centraal. Wij plaatsen deze tegen de achtergrond van de recente nationale en internationale ontwikkelingen.

Samenvatting

De Nederlandse economie is snel en krachtig hersteld uit de coronarecessie van 2020. Het langzamerhand loslaten van de contactbeperkende maatregelen zorgde in het voorjaar voor stevig aantrekkende bestedingen van huishoudens, mede geholpen door de opleving van het vertrouwen. De economische activiteit is echter wereldwijd zo snel en overtuigend opgelopen, dat de productieketens het hersteltempo van de vraag niet aankunnen. Vanaf begin 2021 vormen materiaaltekorten en lange levertijden een toenemende rem op de productie van goederen. Daarmee loopt de Nederlandse economie al kort na de coronarecessie van 2020 tegen haar capaciteitsgrenzen aan.

Na de stevige krimp in 2020 (-3,8%) groeit het bbp (bruto binnenlands product) in 2021 naar verwachting met 4,5%. Onder de aanname dat de dit najaar toenemende verspreiding van het COVID-19-virus geleidelijk weer onder controle komt, zet het economische herstel in 2022 door, met een geraamde bbp-groei van 3,6%. Daarna komt de economie in 2023 in rustiger vaarwater en groeit met 1,7%. De onzekerheid over de ontwikkeling van de pandemie, en daarmee van de economie, blijft echter groot.

Veel meer dan gebruikelijk verhullen de macro-economische cijfers in deze raming de onderliggende verschillen tussen alle bedrijven en instellingen. Een deel van de ondernemers en werkenden wordt door de aanhoudende pandemie en de hernieuwde maatregelen nog steeds zwaar geraakt, zoals in de horeca en de culturele sector, wat voor hen gepaard gaat met extra onzekerheid en ongunstige economische vooruitzichten.

De arbeidsmarkt is kort na de coronarecessie alweer zeer krap geworden. Nadat de werkloosheid in de loop van 2020 snel steeg naar 4,6% van de beroepsbevolking, komt het gemiddelde in 2021 op 3,3%. Vanaf volgend jaar loopt de werkloosheid iets op, maar blijft laag (3,4% in 2022 en 3,5% in 2023). Dit is een forse verbetering ten opzichte van de raming in juni 2021. Een deel van de bedrijven kampt echter nog met een aanzienlijk omzetverlies door de contactbeperkende maatregelen. In andere sectoren leidt het economische herstel juist tot oplopende personeelstekorten en ontstaat meer ruimte voor hogere loonafspraken. Gemiddeld komt de contract-loongroei bij bedrijven in 2021 naar verwachting op 2,0%. In de raming loopt de contractloongroei langzaam op naar 2,4% in 2022 en 2,6% in 2023.

De HICP-inflatie is in de loop van 2021 scherp opgelopen en lag in november op 5,9%. De inflatieraming voor het hele jaar 2021 is daardoor opwaarts bijgesteld naar 2,7%. Dit komt vooral door de onverwacht snelle stijging van energieprijzen. Daarnaast hebben knelpunten in de leveringsketens van veel goederen geleid tot hogere productiekosten, die deels worden doorberekend in de consumentenprijzen. De komende jaren blijft de inflatie hoog, met gemiddeld 3,0% in 2022 en 2,9% in 2023. Door overheidsmaatregelen (de verlaging van energiebelasting en collegegeld) is de geraamde inflatie in 2022 neerwaarts en in 2023 juist opwaarts beïnvloed. De inflatie (exclusief energie) wordt verder gedreven door de aanhoudend krappe arbeidsmarkt, die via hogere lonen leidt tot oplopende arbeidskosten per eenheid product. De mate van doorwerking tussen lonen en prijzen is vooralsnog zodanig dat van een ongewenste loon-prijsspiraal geen sprake is.

Het begrotingstekort van de overheid komt in 2021 naar verwachting uit op 4,4% bbp. Door de coronagerelateerde uitgaven is dit een vergelijkbaar hoog niveau als in 2020. In 2022 verbetert het tekort sterk, tot 1,9% bbp, daarna verder dalend tot 0,8% bbp in 2023. De schuldquote van de overheid loopt in 2021 op tot 55,7% bbp, tegenover 54,4% bbp in 2020, waarna het daalt tot 52,0% bbp in 2023. Ondanks het flinke overheidstekort valt de oploop van de schuld mee in verhouding tot de omvang van de economie, dankzij de sterke groei van het bbp.

De economische vooruitzichten zijn omgeven met meer onzekerheid dan gebruikelijk. In een alternatief scenario ontwikkelt de pandemie zich zodanig dat substantiële contactbeperkende maatregelen langer nodig blijven en opnieuw moeten worden aangescherpt. Dit zou de bbp-groei volgend jaar met ruim 2 procentpunt kunnen verlagen tot 1,4%. In een tweede alternatieve scenario zijn de grondstoffenprijzen op de wereldmarkt langdurig verhoogd, in combinatie met aanhoudende aanbodverstoringen en een sterkere loon-prijsspiraal. Onder andere door hogere energieprijzen loopt de Nederlandse inflatie in dat scenario sneller op, naar circa 4% in 2022 en 2023, en komt de bbp-groei in die jaren gemiddeld 1 procentpunt per jaar lager uit dan in de basisraming.

Deze raming is gebaseerd op data tot en met 30 november 2021. Dit betekent dat de effecten van het recent gepresenteerde regeerakkoord nog niet zijn meegenomen.

Economische Ontwikkelingen en Vooruitzichten DNB - december 2021

2MB PDF
Download

Cijferreeksen EOV - december 2021

203KB XLSX
Download