Verouderde browser

U gebruikt een verouderde browser. DNB.nl werkt het beste met:

27 november 2018 Algemeen
Entree van het Toorop-gebouw

Een handelsoorlog tussen de VS en China dreigt gepaard te gaan met verstrekkende negatieve consequenties voor beide landen. Mits het niet zelf bij de handelsoorlog wordt betrokken, kan het eurogebied hier tijdelijk van profiteren.

De VS is decennia lang de aanjager van mondiale vrijhandel geweest. Volgens een recent rapport van het IMF heeft deze vrijhandel tot productiviteitsstijgingen, lagere prijzen en een hogere levensstandaard geleid. Momenteel waait er een andere wind. De Amerikaanse regering huldigt nu het credo dat een handelsoorlog “makkelijk te winnen” is. Met forse tarieven op invoer vanuit onder andere China is de al decennia lang lopende ontwikkeling naar steeds meer vrijhandel tot staan gebracht en zelfs deels omgekeerd. Wie zijn de winnaars en de verliezers van het oplopende handelsconflict tussen China en de VS?

Van vrijhandel naar protectionisme

Om enig zicht te krijgen op de macro-economische effecten van een handelsoorlog tussen de VS en China wordt gebruikgemaakt van de DNB-variant van het multiregionale algemeen-evenwichtsmodel EAGLE van de ECB. Dit model bestrijkt de gehele wereldeconomie en modelleert expliciet bilaterale handelsstromen en hun relatieve prijzen, inclusief wisselkoersen, voor iedere regio. Het model onderscheidt de volgende vier landen en regio’s: de VS, het eurogebied, Nederland en China met de rest van de wereld. De modeluitkomsten laten allereerst zien dat hogere invoertarieven feitelijk hetzelfde effect hebben als hogere uitvoerbelastingen – dit wordt de Lerner-symmetrie genoemd. Hogere tarieven leiden dus niet alleen tot lagere invoer, maar ook tot lagere uitvoer. Door opgelegde handelstarieven verschuift de binnenlandse vraag van geïmporteerde naar lokale producten, die daardoor in prijs stijgen (waardoor de wisselkoers apprecieert) en zich zo in exportmarkten uit de markt prijzen.

De macro-economische effecten van een handelsoorlog tussen de VS en China worden in onderstaande figuur inzichtelijk gemaakt. Hierbij is in eerste instantie verondersteld dat alleen de VS een tarief van 10 procent legt op alle Amerikaanse invoer vanuit China (doorgetrokken lijnen). Daarnaast wordt er in een tweede scenario van uitgegaan dat China ter vergelding – met een kwartaal vertraging – een gelijk tarief van 10% instelt op alle Chinese invoer vanuit Amerika, dus op alle Amerikaanse uitvoer naar China (onderbroken lijnen). Figuur 1 toont de respons op het bruto binnenlands product (bbp) in elk van de regio's.

Figuur 1: Effecten op bbp

Winaars China en VS

VS en China zijn zelf de grote economische verliezers

Het is duidelijk dat de Amerikaanse economie flink vertraagt (doorgetrokken lijn); het Amerikaanse bbp komt na 20 kwartalen ongeveer 0,4 procent lager uit. De werkgelegenheid in de VS neemt af, doordat de hogere invoertarieven op Chinese producten ook doorwerken in lagere uitvoer en investeringen in de VS. Hoewel de tarieven een subsidie voor binnenlandse producenten betekenen, impliceren ze evenzeer een belasting voor alle gebruikers van ingevoerde goederen, een effect dat de negatieve gevolgen voor de productie op korte termijn versterkt. Een Chinese vergelding (onderbroken lijn) maken de zaak er voor de VS niet beter op. De groei in de VS vertraagt significant sterker met een terugval van bijna een vol procent 20 kwartalen later. Ook China wordt met een significante vertraging van de bbp-groei, de investeringen en de consumptie geconfronteerd. De twee vechtende partijen brengen elkaar behoorlijk wat schade toe.

Europa kan profiteren van ‘trade diversion’

Toch kent dit scenario van een handelsoorlog niet alleen verliezers. Het eurogebied kan namelijk profiteren van de handelsoorlog, zolang het er niet zelf bij betrokken raakt. In figuur 1 zien we dat het bbp in het eurogebied iets toeneemt als gevolg van zogenoemde ‘trade diversion’. De analyse suggereert dat het eurogebied tijdelijk voordeel kan hebben van goedkopere invoer uit China en in de VS aan concurrentievermogen wint als gevolg van hogere tarieven op de Chinese invoer en de stijgende dollar. Uiteindelijk leidt dit tot minder banen in de VS en China en op korte termijn tot meer banen in het eurogebied.

Hoewel de uitkomsten de nodige voorzichtigheid moeten worden geïnterpreteerd, gaat over het geheel genomen de mondiale groei echter omlaag ten gevolge van Amerikaanse handelsmaatregelen, en nog meer na Chinese vergelding. De mondiale handel en productie geven nog jarenlang een substantiële daling te zien.