Verouderde browser

U gebruikt een verouderde browser. DNB.nl werkt het beste met:

26 maart 2021 Algemeen

De inschatting van de economische groei op korte termijn kan een stuk preciezer als gebruik wordt gemaakt van een indicator die kijkt naar positieve en negatieve woorden in krantenberichten. De vrijwel altijd aanwezige voorspelfout in modelramingen op de korte termijn kan met behulp van een sentimentsindicator met 10-15 procent worden teruggedrongen. Dat blijkt uit onderzoek van De Nederlandsche Bank.

Sentiment

De DNB-onderzoekers construeerden op basis van ongeveer 1 miljoen krantenartikelen uit het Financieele Dagblad (uit de periode 1985 – 2020) een sentimentsindicator die de stand van de conjunctuur meet. De indicator draagt bij aan een goede duiding van de stand van de conjunctuur en een meer accurate voorspelling van de bbp-groei op de korte termijn.

Figuur 1 zet de sentimentsindicator af tegen een veelgebruikte maatstaf voor de conjunctuur: de jaar-op-jaar groei van het bruto binnenlands product (bbp). De sentimentsindicator volgt het beloop van de bbp-groei op de voet (correlatie: 0,78). De indicator geeft een zeer tijdig, betrouwbaar signaal over de Nederlandse conjunctuur. De daling van de bbp-groei in de aanloop naar de financiële crisis van 2008-2009 wordt al in 2007 ingezet door de sentimentsindicator. Ook de Covid-crisis wordt tijdig opgepikt door de indicator.

Onderverdeling van sentiment naar onderwerp

Om de dynamiek van de sentimentsindicator te duiden, worden teksten onderverdeeld in vier hoofdonderwerpen: “economie”, “politiek”, “bedrijfsleven” en “financiële markten”. Dit kan worden gedaan op basis van woorden die belangrijk zijn voor ieder thema. Voor hoofdonderwerp “politiek” is dit bijvoorbeeld “kabinet” en voor “economie” is dit “inflatie”.

Figuur 2 laat de decompositie van de sentimentsindicator naar de vier hoofdonderwerpen zien. Bij verschillende episoden is in de figuur een interpretatie gegeven. Zo is het negatieve sentiment rondom de Covid-periode vanaf maart 2020 sterk en direct zichtbaar in elk hoofdonderwerp. Dit komt overeen met het beeld dat de Covid-crisis de gehele maatschappij raakt en dus ook zichtbaar is in tal van rubrieken in de krant. Dit verschilt duidelijk met de stand van de indicator rondom de financiële crisis. De aanloop naar de crisis is in 2007 hoofdzakelijk zichtbaar in het negatieve sentiment rondom financiële markten. Pas later in 2008 en 2009 is de omslag in sentiment ook zichtbaar in de andere hoofdonderwerpen.

Betere voorspelling van Bbp-groei op korte termijn

De sterke samenhang tussen het headline sentiment en de bbp-groei in Figuur 1 doet vermoeden dat de indicator ook voorspelkracht heeft voor de bbp-groei. Om te bepalen of de voorspelling van de bbp-groei daadwerkelijk kan worden verbeterd, worden de reeksen van het krantensentiment per onderwerp toegevoegd aan een voorspelmodel dat DNB heeft ontwikkeld om een inschatting te maken van de actuele stand van de economie. Dit zogenoemde DFROG model bevat ongeveer 80 tijdreeksen zoals cijfers over het vertrouwen en marktprijzen. DFROG schat de Nederlandse bbp-groei in het lopende kwartaal (waarvoor nog geen realisatiecijfer beschikbaar is) en het eerstvolgende kwartaal.

Het opnemen van de naar onderwerp verdeelde sentimentsindicator leidt tot een significante afname van de voorspelfout van DFROG. Bij het voorspellen van de groei in het lopende en eerstvolgende kwartaal neemt de voorspelfout met zo’n tien tot vijftien procent af. Al met al blijkt uit dit onderzoek dat krantenberichten een relevante nieuwe informatiebron zijn voor DNB om de actuele stand van de economie te monitoren en te voorspellen.

Zie voor meer informatie over de constructie en voorspelkracht van de sentimentsindicator het artikel “Sentimentsindicator op basis van financieel economisch nieuws” in het vakblad Economisch Statistische Berichten.