Dit jaar deden 156 Europese pensioenfondsen mee aan de pensioenstresstest van EIOPA, die focuste op liquiditeitsrisico. Onder de deelnemende fondsen waren de vijf grootste Nederlandse fondsen (ABP, BPF Bouw, PFZW, PME en PMT). Zij doorstonden de stresstest goed en zijn in de onderzochte scenario’s goed voorbereid op liquiditeitsstress. EIOPA voert elke drie jaar een EU-brede stresstest voor pensioenfondsen uit. Het doel is om inzicht te krijgen in de weerbaarheid van individuele pensioenfondsen en van de sector als geheel tegen zware financiële schokken.
Twee stress-scenario’s
De twee scenario’s die zijn doorgerekend in de stresstest gaan uit van flinke economische schade die (bijvoorbeeld) kan ontstaan als de geopolitieke spanningen aanhouden. In het scenario “yield curve up” (YCU) stijgt de rentecurve met 100 basispunten, omdat marktdeelnemers meer inflatie verwachten door een escalerende handelsoorlog en stijgende grondstofprijzen. Verder deprecieert de euro, omdat de EU kwetsbaar is voor handelsbeperkingen, en worden financiële activa zoals aandelen en obligaties veel minder waard.
In het scenario “yield curve down” (YCD) daalt de rente met 100 basispunten omdat onverwacht lang aanhoudende geopolitieke spanningen tot lagere economische groei en inflatieverwachtingen leiden. Ook dan is sprake van een flinke euro-depreciatie, ditmaal vanwege het verslechterde economisch perspectief, en flinke schokken op de financiële markten.
Grote impact stress op liquiditeitsbehoefte
In de zogenoemde baseline, die gebaseerd is op gerealiseerde data, hebben de Europese pensioenfondsen ultimo 2024 een gezonde liquiditeitspositie die in het eerste kwartaal van 2025 gemiddeld verder verbetert. Maar onder stress ontstaat een flinke liquiditeitsbehoefte, met name voor pensioenfondsen die rente en/of valutaderivaten gebruiken om hun marktrisico af te dekken.
Dit effect is onder het YCU-scenario verreweg het grootst. Veel pensioenfondsen willen de negatieve impact op hun dekkingsgraad van een rentedaling beperken waardoor stijgende rentes tot onderpandverplichtingen (“margin calls”) leiden op de rentederivatenposities. Ook de handelsactiviteiten doen onder stress een groot beroep op de liquiditeitspositie, vooral door de veronderstelde (soms forse) afslagen (“haircuts”) op de verkoopprijzen van activa.
Tot slot laat de stresstest zien dat Europese pensioenfondsen voldoende liquide activa hebben om hun liquiditeitspositie onder stress te herstellen door verschillende (management) acties.
Liquiditeitseffect voor Nederlandse pensioensector groter
Voor de Nederlandse pensioensector heeft het YCU-scenario grotere liquiditeitseffecten dan voor de EU als geheel. Dit laatste komt doordat Nederlandse pensioenfondsen relatief grote derivatenposities en daardoor grotere margin calls hebben, wat het gevolg is van hun omvang (kleinere pensioenfondsen gebruiken in het algemeen minder derivaten) maar ook van de pensioentransitie (zie hieronder).