Verouderde browser

U gebruikt een verouderde browser. DNB.nl werkt het beste met:

01 januari 2007 Toezicht

Toezicht

Verzekeraars mogen geen ander bedrijf uitoefenen dan het verzekeringsbedrijf. Hoe geven verzekeraars in de praktijk uitvoering aan dit verbod op nevenbedrijf?

Het verbod op nevenbedrijf ligt vast in de Europese richtlijnen. Hiermee wordt beoogd te voorkomen dat polishouders financieel nadeel moeten ondervinden van het feit dat een verzekeraar tevens een bedrijf zou uitoefenen dat vreemd is aan het verzekeringsbedrijf. Wanneer een verzekeraar nevenactiviteiten verricht, mogen die dus geen risico's voor de soliditeit van de verzekeraar inhouden.

Uitwerking

Het uitgangspunt is dat de verzekeraar zijn activiteiten organisatorisch, bestuurlijk en financieel te allen tijde zodanig moet vormgeven dat de daaruit voortvloeiende risico’s beheersbaar blijven. Ook mogen de activiteiten geen onacceptabel risico voor de polishouders inhouden.

Verder is van belang dat, zoals in de parlementaire geschiedenis aangegeven, het begrip ’verzekeringsbedrijf’ ruim wordt opgevat. Daaronder vallen ook de activiteiten die een verzekeraar verricht met het oog op het beleggen van beschikbare middelen.

Dat betekent dat het aanbieden van hypotheken deel uitmaakt van het verzekeringsbedrijf doordat het gaat om het uitzetten van gelden op een verantwoorde wijze. Iets dergelijks geldt voor het geval de verzekeraar de uitkering in natura verricht (bijvoorbeeld bij een natura-uitvaartverzekering, of bij bepaalde schadeverzekeringen, zoals hulpverlening) en de verzekeraar die natura-verrichting zelf verzorgt. Die activiteiten worden ook tot het verzekeringsbedrijf gerekend.

In het verlengde hiervan heeft DNB specifiek voor zorgverzekeraars die de basiszorgverzekering (Zorgverzekeringswet) uitvoeren, hieraan een nadere uitleg gegeven. De Zorgverzekeringswet geeft zorgverzekeraars namelijk de mogelijkheid activiteiten op het gebied van zorginkoop en zorgaanbod te ontplooien.

Nevenactiviteiten

In geval van nevenactiviteiten dient de verzekeraar genoegzaam aan DNB aan te tonen dat de risico’s, verbonden aan de onderscheiden activiteiten voldoende zijn geborgd.

Voorbeelden van in beginsel toegestane nevenactiviteiten zijn:

  • Bemiddeling door verzekeraars. Deze activiteit is in de praktijk vaak gekoppeld aan het verzekeringsbedrijf doordat verzekeraars die niet actief zijn in alle branches door middel van bemiddeling wel een totaalpakket aan verzekeringen kunnen aanbieden aan toekomstige polishouders.

  • Aanbrengen van polishouders bij een beleggingsfonds in het kader van het sluiten van verzekeringen. Ook hier kan de verzekeraar streven naar het aanbieden van een totaalpakket in het kader van zijn verzekeringsbedrijf.