Verouderde browser

U gebruikt een verouderde browser. DNB.nl werkt het beste met:

05 november 2019 Toezicht Toezichtlabel Q&A

Vraag:

Mag een collectieve waardeoverdracht bij liquidatie van een pensioenfonds beperkt blijven tot de pensioenaanspraken en –rechten die op dat moment bekend zijn bij het pensioenfonds?

Antwoord:

Nee, een collectieve waardeoverdracht als gevolg van liquidatie van een pensioenfonds heeft betrekking op alle pensioenverplichtingen van het pensioenfonds. Niet alleen de pensioenaanspraken en -rechten die in de administratie van het pensioenfonds zijn opgenomen moeten worden overgedragen, ook pensioenaanspraken en –rechten die niet uit de administratie van het pensioenfonds blijken maar wel door de werkgever zijn toegezegd moeten worden overgedragen. De pensioenovereenkomst is leidend, niet de administratie die bij die overeenkomst hoort.

Niet in de pensioenadministratie opgenomen pensioenaanspraken en –rechten kunnen onder meer het gevolg zijn van:

  • het niet of te laat aanmelden van nieuwe werknemers bij het pensioenfonds
  • een foutieve opgave van het salaris
  • de onterechte afmelding van een arbeidsongeschikte werknemer
  • een foutieve vaststelling van de aanspraken door het pensioenfonds.

De pensioenuitvoerder blijft aansprakelijk richting de werknemer (of nabestaande) wiens pensioenaanspraken of –rechten niet of niet volledig in de pensioenadministratie van de uitvoerder zijn opgenomen. Dat vloeit voort uit artikel 5 Pw. Dit artikel verklaart dat delen van het verzekeringsrecht niet van toepassing zijn op pensioenovereenkomsten, waardoor pensioenuitvoerders zich er niet op kunnen beroepen dat werknemers niet waren aangemeld of dat de aangemelde gegevens onjuist waren. Zie daarvoor de Q&A over de uitleg van artikel 5 Pw.

Als bij de collectieve waardeoverdracht bij liquidatie dergelijke niet in de administratie opgenomen pensioenverplichtingen van het pensioenfonds niet mee overgedragen zouden worden, zou een deelnemer die dat betreft tussen wal en schip dreigen te vallen. Het overdragende fonds liquideert immers binnen korte tijd en de ontvangende pensioenuitvoerder zou in dat geval de aansprakelijkheid voor ‘onverwachte gevallen’ niet hebben overgenomen.

Als niet zeker gesteld is dat de collectieve waardeoverdracht alle pensioenaanspraken en –rechten betreft, inclusief eventuele aanspraken en rechten die op het moment van de overdracht nog niet bekend zijn bij de overdragende pensioenuitvoerder, dan legt DNB een verbod op. De akte van waardeoverdracht moet gaan over alle pensioenaanspraken en –rechten op grond van de door het liquiderende pensioenfonds gehanteerde pensioenreglementen. De overnemende partij moet het liquiderende pensioenfonds dus (naast de bekende pensioenaanspraken en – rechten) ook vrijwaren van aansprakelijkheid voor pensioenaanspraken en –rechten die niet blijken uit de pensioenadministratie van het liquiderende pensioenfonds.

sector

  • Pensioenfondsen