Verouderde browser

U gebruikt een verouderde browser. DNB.nl werkt het beste met:

25 juni 2020 Algemeen
Computers op kantoor

Eind 2019 lag de beleidsdekkingsgraad van 150 pensioenfondsen beneden het vereiste niveau. Zij verwachten uit die tekorten te komen met het rendement dat zij de komende jaren op hun beleggingen verwachten te halen. Dat blijkt uit de herstelplannen die deze fondsen ook dit jaar weer uiterlijk 1 april moesten indienen bij DNB. De berekeningen zijn gemaakt op basis van de standen per 1 januari 2020, waarmee de dalingen van de beleggingen en de rentes als gevolg van de coronacrisis niet zijn meegenomen.

Hersteltermijn voor pensioenfondsen verlengd

Pensioenfondsen moeten een herstelplan opstellen en indienen bij de toezichthouder als ze een lagere beleidsdekkingsgraad hebben dan de op basis van hun risicoprofiel bepaalde vereiste dekkingsgraad (het zogenoemde vereiste eigen vermogen). In dat plan geven ze aan hoe ze verwachten binnen een periode van normaliter tien jaar uit hun tekort te komen. Ze laten in het herstelplan zien wat de invloed is van de premie, indexatie en beleggingsrendementen op het herstel. Als uiterste stap kunnen fondsen een kortingsmaatregel in het herstelplan opnemen. Separaat van de herstelplansystematiek wordt jaarlijks getoetst of een pensioenfonds beschikt over het minimaal vereiste vermogen.

Eind 2019 is de hersteltermijn onder voorwaarden verlengd van tien naar twaalf jaar. Deze verlenging geldt voor 2020. Hiermee werd door het kabinet rust en stabiliteit gezocht voor de uitwerking van het pensioenakkoord. Mede door deze maatregel kunnen nagenoeg alle fondsen in hun herstelplannen de dekkingsgraad zonder korting terugbrengen naar het vereiste niveau. De verlengde hersteltermijn heeft voorkomen dat een handvol fondsen een kleine korting zou moeten doorvoeren.

Verwacht rendement blijft enige bron voor herstel

Uit de 150 door DNB beoordeelde herstelplannen blijkt dat het herstel van vrijwel alle fondsen uit verwachte beleggingsrendementen komt. In een herstelplan is het toegestaan om uit te gaan van, bijvoorbeeld, maximaal 5,6 procent rendement op aandelen. De meeste pensioenfondsen gaan in hun herstelplannen uit van het rendement waarmee maximaal gerekend mag worden. Een hogere premie wordt niet gebruikt als middel om te herstellen. Bij de meeste fondsen draagt de premie zelfs negatief bij aan het herstel. Dat komt doordat veel fondsen de premie dempen. Hiermee worden ongewenste premieschommelingen vermeden, maar het resulteert ook in een te lage premie ten opzichte van wat voor de pensioentoezegging nodig is.

Verwachting 2015

Verwachte rendementen eerder niet gehaald

Veel pensioenfondsen dienen reeds vanaf 2015 een herstelplan in. In die eerdere plannen werd ook steeds uitgegaan van rendement als belangrijkste bron van herstel. Figuur 1 laat zien wat het verwachte beloop was van het herstel volgens de plannen van de pensioenfondsen in 2015 en wat werd gerealiseerd. Het gerealiseerde herstel blijft flink achter bij het verwachte herstel. Waar in de herstelplannen 2015 werd uitgegaan van 19 %-punt stijging van de dekkingsgraad tot 2020, werd slechts 1 %-punt stijging gerealiseerd. Belangrijkste oorzaak is de rentedaling gedurende deze jaren, waardoor gerealiseerde rendementen vrijwel geheel nodig bleken om de gestegen waarde van de aanspraken te compenseren. Het rendement dat hierna over was voor herstel van de dekkingsgraad, het overrendement, bleek zeer beperkt.

Cijfers individuele pensioenfondsen

Wilt u weten hoe uw pensioenfonds ervoor staat? Kijk dan op de website van DNB. Daar vindt u per pensioenfonds wat de beleidsdekkingsgraad is. Ook zijn er veel andere gegevens over uw pensioenfonds te vinden, bijvoorbeeld over de beleggingen en de rendementen van uw fonds.