Verouderde browser

U gebruikt een verouderde browser. DNB.nl werkt het beste met:

Collectieve waardeoverdracht vanuit een pensioenverzekeraar of PPI

Factsheet

In deze factsheet leest u een toelichting op het proces rondom de melding van een voornemen tot collectieve waardeoverdracht vanuit een pensioenverzekeraar of PPI.:

Gepubliceerd: 12 juni 2017

Laatste update: 13 november 2023

Bekijk eerdere versies in het archief

Bij een voornemen tot collectieve waardeoverdracht zijn drie stappen nodig.

  1. Een self-assessment door de betrokken pensioenverzekeraar(s) / PPI(‘s);
  2. De melding van het voornemen bij DNB;
  3. Het besluit van DNB.

Ad 1: Self-assessment betrokken pensioenverzekeraar(s) / PPI’s bij voorgenomen waardeoverdracht

De bij een collectieve waardeoverdracht betrokken pensioenverzekeraars dan wel PPI’s moeten – voordat zij het voornemen tot waardeoverdracht melden aan DNB – door een self-assessment vaststellen dat aan alle wettelijke eisen voor collectieve waardeoverdracht wordt voldaan.

De uitgangspunten van de Q&A “CWO vanuit een pensioenverzekeraar of PPI” moeten worden gebruikt bij het self-assessment. De overdragende verzekeraar/PPI dient in het digitale meldingsformulier aan te geven op welke wijze voldaan wordt aan de uitgangspunten.

Ad 2: De melding van een voornemen tot collectieve waardeoverdracht

Uiterlijk drie maanden voor de beoogde datum van de overdracht meldt de overdragende pensioenverzekeraar of PPI het voornemen bij DNB. Deze melding vindt plaats met behulp van de dienst Mijn DNB / Toezichtaanvragen en -meldingen. In deze drie maanden heeft DNB de gelegenheid de waardeoverdracht te beoordelen en eventueel een verbod tot waardeoverdracht op te kunnen leggen.
Indien DNB de melding te laat ontvangt of wanneer DNB niet tijdig over alle gevraagde informatie kan beschikken kan dit voor DNB aanleiding zijn om de waardeoverdracht te verbieden.
Het digitale meldingsformulier is zo opgezet dat het ook bruikbaar is na inwerkingtreding van de Wet toekomst pensioenen.

Ad 3: Besluit van DNB over de voorgenomen collectieve waardeoverdracht; bezwaar en beroep

DNB zal na ontvangst van alle benodigde gegevens toetsen of er aanleiding is tot het opleggen van een verbod tot waardeoverdracht. Een verbod geldt voor onbepaalde tijd.

Indien DNB besluit een verbod op te leggen, dan wordt dit schriftelijk gecommuniceerd en wordt dit besluit gemotiveerd. Zowel de overdragende als de ontvangende pensioenuitvoerder kunnen bezwaar maken tegen het verbod en eventueel beroep instellen bij de bestuursrechter.

Indien u binnen drie maanden na melding van de collectieve waardeoverdracht geen bericht van verbod heeft ontvangen van DNB, dan kunt u overgaan tot uitvoering van de voorgenomen collectieve waardeoverdracht.

Verzoek tot intrekking van het verbod

DNB zal een opgelegd verbod alleen in heroverweging nemen indien de overdragende pensioenverzekeraar of PPI verzoekt tot intrekking van het verbod. Een verzoek tot intrekking heeft alleen kans van slagen als afdoende gemotiveerd wordt dat de omstandigheden die ten grondslag lagen aan het verbod zijn gewijzigd.

Ontdek gerelateerde artikelen