Verouderde browser

U gebruikt een verouderde browser. DNB.nl werkt het beste met:

27 februari 2019 Toezicht Toezichtlabel Factsheet

Deze factsheet geeft een overzicht van de inhoudelijke vereisten die door de wet worden gesteld aan de eigenrisicobeoordeling (ERB) van een pensioenfonds of premiepensioeninstelling (ppi). Het pensioenfonds of de ppi is verantwoordelijk voor het uitvoeren en vaststellen van de ERB. De Nederlandsche Bank (DNB) houdt hier toezicht op.

Inhoudelijke vereisten aan de ERB 

De ERB is een integrale analyse en beoordeling van:

i. de risico’s waaraan een pensioenfonds of ppi is of in de toekomst kan worden blootgesteld; en
ii. de effectiviteit van het risicobeheer –inclusief de (feitelijke) beheersmaatregelen– en de doelmatigheid daarvan.

De ERB geeft het pensioenfonds of de ppi inzicht in de materiële risico’s en de mogelijke consequenties hiervan voor de financiële positie van het pensioenfonds of de ppi en de pensioenen van deelnemers. Dit inzicht is van essentieel belang voor de inrichting van het risicobeheer. De ERB dient tevens in aanmerking te worden genomen bij de onderbouwing van strategische besluiten door het pensioenfonds of de ppi.

Een algemeen pensioenfonds besteedt in de ERB specifiek aandacht aan de risicoblootstelling en de effectiviteit en doelmatigheid van beheersmaatregelen per kring.

Een pensioenfonds of ppi beschikt over methoden om risico’s te detecteren, te beoordelen en te beheersen. Het gaat om alle risico’s waaraan het pensioenfonds of de ppi op korte en lange termijn is of kan worden blootgesteld en die gevolgen kunnen hebben voor de mogelijkheid van de instelling om aan haar verplichtingen te voldoen. De ERB beschrijft deze methoden en komt mede tot stand door de toepassing van deze methoden.

De ERB is een zelfstandig leesbaar document met eventueel gerichte verwijzingen naar andere documenten die het pensioenfonds of de ppi heeft opgesteld.

Pensioenfondsen en ppi’s stemmen uitvoering, vastlegging en frequentie van de ERB af op de omvang en interne organisatie, alsook op de omvang, aard, schaal en complexiteit van de werkzaamheden. De ERB dient in ieder geval de elementen te omvatten die in onderstaande tabel zijn weergegeven. Pensioenfondsen of ppi’s kunnen bij het uitvoeren van de ERB onder meer gebruik maken van een aantal reeds bestaande analyses en documenten, waarvoor de tabel suggesties geeft.

Tabel. De wettelijk minimaal vereiste elementen in de ERB
1. Proces

Beschrijving van de wijze waarop de ERB in het managementproces, het beleid en de besluitvormingsprocessen van het pensioenfonds of de ppi is geïntegreerd.

2. Risicoanalyse
a. Beschrijving van de methoden om relevante risico’s te detecteren, te beoordelen en te beheersen, waaraan het pensioenfonds of de ppi of haar mogelijkheid aan haar verplichtingen te voldoen op korte en lange termijn is of kan worden blootgesteld.
b. Beoordeling van de risico’s voor de (gewezen) deelnemers, andere aanspraakgerechtigden en pensioengerechtigden met betrekking tot hun pensioenrechten en pensioenaanspraken en de effectiviteit van eventuele corrigerende maatregelen. Hierbij dienen pensioenfondsen in voorkomend geval rekening te houden met mogelijkheden tot toeslagverlening en / of vermindering van de pensioenaanspraken en pensioenrechten.
  • Pensioenfondsen kunnen bijvoorbeeld gebruik maken van resultaten uit de haalbaarheidstoets.
c. Een beoordeling van nieuwe of opkomende risico's, met inbegrip van risico's die met klimaatverandering, het gebruik van hulpbronnen en het milieu verband houden, sociale risico's en risico's in verband met de waardevermindering van activa als gevolg van veranderde regelgeving.

d. Kwalitatieve beoordeling van de operationele risico's

  • Hierbij kunnen pensioenfondsen en ppi’s bijvoorbeeld gebruik maken van de reeds vereiste operationele risicoanalyse.

e. Specifiek voor pensioenfondsen: Beoordeling van de totale financieringsbehoefte met, indien van toepassing, een beschrijving van het herstelplan.

  • Hierbij kunnen pensioenfondsen bijvoorbeeld mede gebruik maken van het premiebeleid (inclusief de vaststelling van de kostendekkende premie) en de samenhang daarvan met de indexatieambitie, zoals beschreven in de abtn en het herstelplan.
f. Specifiek voor pensioenfondsen: In geval van uitbesteding van sleutelfunctiewerkzaamheden aan de bijdragende onderneming een beschrijving van de wijze waarop belangenconflicten met de bijdragende onderneming worden voorkomen of beheerst.
3. Beheersmaatregelen
a. Beoordeling van de doelmatigheid van het risicobeheer. Dit betreft een integrale beoordeling door het pensioenfonds of ppi van de effectiviteit en doelmatigheid van het risicobeheer.

b. Door pensioenfondsen: Een kwalitatieve beoordeling van de mechanismen ter bescherming van de pensioenuitkeringen waaronder in voorkomend geval vallen de garanties, convenanten of andere financiële steun van de bijdragende onderneming, verzekering of herverzekering ten behoeve van het pensioenfonds of (gewezen) deelnemers en pensioengerechtigden. 

  • Hierbij kunnen pensioenfondsen bijvoorbeeld als basis gebruik maken van het financieel crisisplan

Frequentie en timing van de ERB 

Over de frequentie van de op te stellen ERB, leest u meer in de Q&A ‘Wanneer moet een pensioenfonds of ppi een (nieuwe) eigenrisicobeoordeling uitvoeren?’ Daarin leest u onder meer dat een pensioenfonds of ppi periodiek een ERB uitvoert. Bij vaststelling van de reguliere frequentie houdt het pensioenfonds of de ppi rekening met de (strategische) beleidscyclus en met de omvang, aard, schaal en complexiteit van de werkzaamheden, maar voert ten minste driejaarlijks een reguliere ERB uit. Daarnaast is een pensioenfonds of ppi verplicht zo spoedig mogelijk een tussentijdse (actualisatie van) de ERB uit te voeren in geval van een significante wijziging in het risicoprofiel van de instelling of de uitgevoerde pensioenregelingen of een strategisch besluit met een materiële impact op het risicoprofiel.

Toezending DNB 

Het pensioenfonds of de ppi zendt een door het bestuur vastgestelde versie van de resultaten van een afgeronde ERB binnen twee weken na vaststelling aan DNB.

Q&A’s en Factsheets Implementatie EU Richtlijn (EU 2016/2341)

sector

  • Pensioenfondsen
  • Premiepensioeninstellingen