Verouderde browser

U gebruikt een verouderde browser. DNB.nl werkt het beste met:

Hoe onderbouwt een pensioenuitvoerder de inrichting van de toedelingsregels in de solidaire premieregeling en de lifecycles in de flexibele premieregeling?

WTP Q&A

Gepubliceerd: 29 juni 2023

Bekijk eerdere versies in het archief

Vraag:

Hoe onderbouwt een pensioenuitvoerder de inrichting van de toedelingsregels in de solidaire premieregeling en de lifecycles in de flexibele premieregeling?

Antwoord:

De pensioenuitvoerder betrekt de vormgeving van de toedelingsregels (solidaire premieregeling) en de lifecycle(s) (flexibele premieregeling) in de onderbouwing van het strategisch beleggingsbeleid.

Toelichting:

Een pensioenuitvoerder stelt, op grond van artikel 13a Besluit financieel toetsingskader1 (Besluit FTK), een beleggingscyclus vast. Onderdeel van deze beleggingscyclus is de vaststelling van een lange termijn strategisch beleggingsbeleid dat aansluit bij de doelstellingen en beleidsuitgangspunten van de pensioenuitvoerder en dat gebaseerd is op gedegen onderzoek. DNB onderscheidt vijf stappen in de beleggingscyclus. Zie voor een toelichting op deze stappen in de beleggingscyclus de volgende factsheet: Beleggingen - Pensioenfondsen

Bij de onderbouwing van het strategisch beleggingsbeleid worden de (financiële) toedelingsregels of inrichting van de lifecycle(s) door de uitvoerder betrokken. Het strategisch beleggingsbeleid bevat daartoe de volgende onderdelen:

  • een beschrijving en onderbouwing van de financiële toedelingsregels en eventueel de toedelingsregels voor micro- en, indien van toepassing, macro-langlevenrisico (in het geval van een solidaire premieregeling)
  • een beschrijving en onderbouwing van de door de uitvoerder aangeboden lifecycle(s) (indien sprake is van een flexibele premieregeling)

Indien de uitvoerder ervoor kiest de niet-financiële toedelingsregels niet in het strategische beleggingsbeleid op te nemen, dan dienen de niet-financiële toedelingsregels elders beschreven en onderbouwd te zijn.

Onderbouwing van de toedelingsregels of lifecyle(s)

De onderbouwing van de toedelingsregels of lifecycle(s) is gebaseerd op gedegen onderzoek dat zowel kwalitatief als kwantitatief van aard is. Er kan in de onderbouwing onderscheid gemaakt worden naar toedelingsregels voor financiële en niet-financiële risico’s. Financiële toedelingsregels zien op bescherming tegen renterisico en verdeling van het overrendement. Niet-financiële toedelingsregels hebben betrekking op het beschermings- en overrendement voor micro- en macro-langlevenrisico.

Financiële toedelingsregels of lifecycle(s):

Een pensioenuitvoerder onderbouwt de inrichting van financiële toedelingsregels. Dit kan bijvoorbeeld op basis van (stochastische en deterministische) scenarioanalyses in een ALM-omgeving. Daarbij is het van belang dat zowel i) de verwachting als ii) de (risico)spreiding daaromheen inzichtelijk wordt gemaakt. Een pensioenfonds bepaalt met welke maatstaf of maatstaven dit inzichtelijk wordt gemaakt. Bij de onderbouwing kunnen beleggingsrisicoanalyses worden betrokken en wordt de verwachte uitwerking en (risico)spreiding daaromheen betrokken en inzichtelijk gemaakt voor verschillende leeftijdscohorten. Ditzelfde geldt voor de onderbouwing van de lifecycle in de flexibele premieregeling.

Niet-financiële toedelingsregels: beschermings- en overrendement voor micro- en macro-langlevenrisico

Een pensioenuitvoerder onderbouwt bij de keuze voor de ex-ante vastgestelde toedeelregels voor macro-langlevenrisico bij welke leeftijdscohorten het macro-langlevenrisico mag en zal neerslaan. Ook onderbouwt de pensioenuitvoerder de ex-ante vastgestelde toedelingsregels voor het overrendement voor micro-langlevenrisico. Dit doet de pensioenuitvoerder door middel van een gevoeligheidsanalyse met betrekking tot de levensverwachting. Bij deze onderbouwing maakt een uitvoerder inzichtelijk wat de effecten voor de verschillende leeftijdscohorten zijn wanneer wordt uitgegaan van verschillende deterministische of stochastische scenario’s met betrekking tot de levensverwachting van de (fonds)populatie. Een pensioenuitvoerder heeft de keuze om dat op basis van deterministische en/of stochastische scenario’s te doen. Op deze manier kan inzichtelijk worden gemaakt hoe bij verschillende deterministische of stochastische scenario’s het sterfteresultaat (als gevolg van het micro-langlevenrisico) of het overrendement vanwege macro-langlevenrisico neerslaat op de verschillende leeftijdscohorten in de populatie.

Bij deterministische scenario’s met betrekking tot de levensverwachting kan bijvoorbeeld gedacht worden aan het inzichtelijk maken van de uitwerking per leeftijdscohort in scenario’s waarbij de gehele populatie een x aantal jaren langer en korter leeft dan op basis van gehanteerde overlevingsgrondslagen wordt verwacht.
Onverwachte wijzigingen in de levensverwachting kunnen opwaarts of neerwaarts zijn. Bij een prudente inschatting van de levensverwachting komen beide scenario’s naar verwachting even vaak voor. De gevoeligheidsanalyse geeft daarom niet zozeer inzicht in de verwachte impact van een verandering in de levensverwachting, maar zorgt ervoor dat inzichtelijk is welk risico bij verschillende leeftijdscohorten wordt neergelegd door inzicht in de impact voor verschillende leeftijdscohorten wanneer een bepaalde schok in levensverwachting zich voordoet.

Aansluiting strategisch beleggingsbeleid en toedelingsregels bij de risicohouding per leeftijdscohort

Op basis van artikel 14d Besluit uitvoering PW toetst de uitvoerder die verantwoordelijk is voor de beleggingen jaarlijks op basis van een scenario-analyse of het beleggingsbeleid of de toedelingsregels (ingeval van de solidaire premieregeling) passend zijn bij de vastgestelde risicohouding en past het beleggingsbeleid aan als dat niet het geval is.

DISCLAIMER

Q&A’s bieden nader inzicht in de beleidspraktijk van DNB doordat we daarin wettelijke toezichtregels interpreteren. Onder toezicht staande instellingen kunnen ook op andere wijze aan de wet- of regelgeving voldoen. Instellingen moeten daarbij wel gemotiveerd aan DNB kunnen aantonen dat zij met hun invulling voldoen aan de wet- of regelgeving. Voor een nadere toelichting op de status van de beleidsuitingen van DNB zie de Leeswijzer beleidsuitingen DNB op Open Boek Toezicht.

Relevante wet- en regelgeving:

  • Artikel 10a, 135 Pensioenwet
  • Artikel 1c, 1e, 14d Besluit uitvoering
  • Artikel 13 en 13a Besluit FTK

[1] Op basis van artikel 14b lid 2 Besluit uitvoering Pw en Wvb is artikel 13a lid 2 tot en met 5 Besluit FTK van overeenkomstige toepassing voor verzekeraars en premiepensioeninstellingen.