Update FATF-waarschuwingslijsten juni 2026
23 juni 2026
Nieuwsbericht toezicht
FATF heeft een update van haar ‘grijze’ en ‘zwarte’ lijsten gepubliceerd.
Lees meer Update FATF-waarschuwingslijsten juni 2026Een belangrijke activiteit van een pensioenfonds is beleggen. Deze pagina geeft informatie over de beleidsuitingen van De Nederlandsche Bank (DNB) over beleggingen. Die informatie wordt verstrekt via een beschrijving van de beleggingscyclus bij pensioenfondsen. Deze cyclus is hieronder figuratief weergegeven en toegelicht. Dit is gedaan op basis van vijf stappen in de beleggingscyclus. Ook wordt ingegaan op het risicomanagement gedurende de beleggingscyclus in het kader van beheerste en integere bedrijfsvoering.
Gepubliceerd: 17 april 2019
Laatste update: 08 november 2024
De hierna opgenomen beschrijving van de beleggingscyclus sluit aan op de beschrijving van de guidance normenkader beleggingskennis die DNB heeft uitgebracht over het kennisniveau van bestuurders over beleggen. Die guidance kunt u hier nalezen.
Een pensioenfonds stelt, op grond van artikel 13a, lid 5 Besluit financieel toetsingskader (Besluit FTK), een beleggingscyclus vast op grond waarvan het strategische beleggingsbeleid, het beleggingsplan en de uitvoering periodiek worden geëvalueerd en beoordeeld.
DNB verwacht van een pensioenfonds dat het de volgende vijf stappen in een beleggingscyclus adresseert en vastlegt:
Een pensioenfonds formuleert op grond van artikel 102a Pensioenwet (Pw) doelstellingen en beleidsuitgangspunten, waaronder een risicohouding. De beleidsuitgangspunten bevatten onder anderen de beleggingsbeginselen van het pensioenfonds.
Het pensioenfonds legt op grond van artikel 102a, lid 1 Pw na overleg met de fondsorganen de beleidsuitgangspunten en doelstellingen, waaronder de risicohouding vast. De beleidsuitgangspunten en doelstellingen, waaronder de risicohouding zijn een uitgangspunt voor vaststelling van het strategisch beleggingsbeleid in stap 2 van de cyclus.
Voor meer informatie over de (vaststelling van de) risicohouding onder de Wtp, zie de volgende beleidsuitingen:
Een pensioenfonds stelt, op grond van artikel 13a, lid 1 Besluit FTK, voor de langere termijn een strategisch beleggingsbeleid vast dat aansluit bij de doelstellingen en beleidsuitgangspunten, waaronder de risicohouding, van het pensioenfonds en is gebaseerd op gedegen onderzoek.
Het strategisch beleggingsbeleid wordt in een beleggingsplan uitgewerkt. In het beleggingsplan neemt het fonds concrete en gedetailleerde richtniveaus en bandbreedtes per beleggingscategorie op.
Zowel stap 1 als stap 2 zijn gebaseerd op gedegen onderzoek dat zowel kwalitatief als kwantitatief van aard is.
Herstelsituatie
In geval van een herstelsituatie is aanpassing van het risicoprofiel aan bepaalde voorwaarden verbonden (artikel 16, lid 4 Besluit FTK).
Meer informatie:
‘Prudent person’ beginsel
Een pensioenfonds voert een beleggingsbeleid dat in overeenstemming is met de prudent-person regel en met name gebaseerd is op de in artikel 135 Pensioenwet en artikel 13 Besluit FTK geformuleerde uitgangspunten. Op grond van de prudent person regel in artikel 135 Pensioenwet moeten pensioenfondsen beleggen in het belang van aanspraak- en pensioengerechtigden.
Er is sprake van een open norm. De verantwoordelijkheid om een beleggingsbeleid te voeren in overeenstemming met het prudent person beginsel ligt bij het pensioenfonds.
Meer informatie:
Overig
Meer informatie:
Bij het onderdeel ‘Implementatie en uitbesteding’ van de beleggingscyclus wordt – via een beleggingsplan - op productniveau invulling gegeven aan de beleggingsportefeuille. Ook richt een pensioenfonds de rapportages in die nodig zijn voor de fase ‘Monitoring en uitvoering’ en stelt de evaluatiecriteria op.
Uitbesteding
In het geval van uitbesteding van vermogensbeheer, geldt dat op basis van artikel 34 Pw en artikel 13 en 14 Besluit uitvoering Pw en Wvb de opdracht die het pensioenfonds geeft aan de vermogensbeheerder (het beleggingsmandaat) dient aan te sluiten op het strategische beleggingsbeleid en het beleggingsplan. Een sluitende set afspraken en richtlijnen is nodig tussen pensioenfonds en vermogensbeheerder om de opdracht te begrenzen in aansluiting op het vastgestelde beleid.
Daarnaast moeten pensioenfondsen vooraf een concrete kwalitatieve en kwantitatieve selectie- en beoordelingsprocedure vastleggen voor externe vermogensbeheerders met concrete prestatie-indicatoren.
Hiermee voorkomt het pensioenfonds dat de vermogensbeheerder in de uitvoering van zijn mandaat meer risico’s neemt dan het pensioenfonds beoogt.
Meer informatie over uitbesteding en uitbesteding vermogensbeheer:
Bij de fase ‘Monitoring en uitvoering’ worden de rapportages over de uitvoering van het beleggingsplan gemonitord door het pensioenfonds. Hierbij wordt van een pensioenfonds verwacht dat de rapportages onder meer adequaat inzicht geven in beheersing van de risico’s.
In de laatste stap ‘Evaluatie en bijsturen’ vindt op grond van artikel 13a Besluit FTK periodiek een evaluatie en herbeoordeling plaats van het strategisch beleggingsbeleid, beleggingsplan en de uitvoering (waaronder de uitbesteding aan vermogensbeheerders).
Bij de evaluatie wordt ook beoordeeld of de betreffende vermogensbeheerder nog steeds binnen de beleggingsportefeuille past. Verder zijn de volgende onderwerpen relevant voor de evaluatie van vermogensbeheerders:
In iedere fase van de cyclus geeft een pensioenfonds adequaat invulling aan de regels voor beheerste en integere bedrijfsvoering. Onderdeel daarvan is een risicobeheerfunctie en een sleutelfunctiehouder risicomanagement die proportioneel, adequaat en onafhankelijk is ingericht. Voor de geschiktheidseisen die aan een sleutelfunctiehouder risicobeheerfunctie worden gesteld, heeft DNB een Q&A gepubliceerd. Q&A kunt u hier lezen.
Bij de vormgeving van het risicobeheer is sprake van een balans tussen enerzijds de aard, omvang en complexiteit van de beleggingsportefeuille en anderzijds de aanwezige kennis en ervaring in het pensioenfonds en het risicobeheer van het pensioenfonds. Het pensioenfonds waarborgt een zorgvuldig en transparant besluitvormingsproces.
Een adequaat en onafhankelijk risicobeheer (artikel 18 en 18a Besluit FTK) betekent dat het pensioenfonds:
Pensioenfondsen voeren ten minste iedere drie jaar een eigenrisicobeoordeling uit (artikel 18b Besluit FTK).
Zie de Gids voor de beheersing van klimaat- en milieurisico’s voor aandachtspunten voor de beheersing van klimaat- milieurisico's door pensioenfondsen, o.a. in relatie tot het beleggingsbeleid.
23 juni 2026
Nieuwsbericht toezicht
FATF heeft een update van haar ‘grijze’ en ‘zwarte’ lijsten gepubliceerd.
Lees meer Update FATF-waarschuwingslijsten juni 2026
23 juni 2026
22 juni 2026
Nieuwsbericht toezicht
Deze week ontvangt u mogelijk een mail van DNB. Deze mail gaat over technische aanpassingen die nodig zijn om te kunnen blijven mailen met DNB.
Lees meer DNB-mail over technische aanpassingen
22 juni 2026
02 juni 2026
Nieuwsbericht toezicht
DNB heeft een nieuwe beleidsuiting gepubliceerd over het melden van een collectieve waardeoverdracht (CWO) bij DNB na invaren. In dit nieuwsbericht leest u over de nieuwe beleidsuiting.
Lees meer TRANSITIENIEUWS – Nieuwe Q&A over het melden van een collectieve waardeoverdracht bij DNB na invaren
02 juni 2026
05 mei 2026
Nieuwsbericht toezicht
Het Eurosysteem heeft beleidsvoorstellen gepubliceerd om het macroprudentiële toezicht op de sector voor niet bancaire financiële intermediatie (NBFI) te versterken. Met deze voorstellen wil het Eurosysteem beter zicht krijgen op risico’s voor de financiële stabiliteit en deze effectiever aanpakken.
Lees meer Eurosysteem presenteert voorstellen voor versterking macroprudentieel toezicht op niet bancaire financiële sector
05 mei 2026
Om de gebruiksvriendelijkheid van onze website te optimaliseren, maken wij gebruik van cookies.
Lees meer over de cookies die wij gebruiken en de gegevens die we daarmee verzamelen in onze cookie-policy.